Gemeente-opbouw en evangelisatie

1997-10-31
  • Jaargang 41
  • nummer 22
"Kerk is alleen kerk als zij er voor anderen is" (Dietrich Bonhoeffer)

J. Timmer-IZB

Bonhoeffer heeft dat mooi gezegd, zeker. Het is echter aan ons om zo'n uitspraak handen en voeten te geven.
En dat kan. Laten we onszelf de volgende drie vragen stellen om op weg te gaan.:
1. Waartoe weten we ons geroepen?
2. Wat hebben we in huis?
3. Aan wie hebben wij een boodschap?

1. Waartoe weten we ons geroepen?
U hebt waarschijnlijk net als ik de overtuiging dat de gemeente er niet is ten behoeve van zichzelf. Onze gemeente is geen doel, maar een middel, een instrument. Maar waartoe? Waar is onze gemeente goed voor? U hebt daar vast al eens over nagedacht.
Als we de woorden van Jezus lezen door de bril van deze vraag, komen er heel wat passages boven die ons op het spoor van het discipelschap zetten. We zijn geroepen om Hem na te volgen. Dat betekent op gehoorafstand blijven, door de bijbel aan het woord te laten komen, door in gebed Hem te vragen ons duidelijk te maken wat Hij van ons wil in specifieke situaties. We zullen ontdekken dat Hij heel wat meedeelt door dat wat we elkaar te vertellen hebben. Als je er maar voor open wilt staan. Als je het maar legt naast wat in het Evangelie staat.
Het kan bepaald geen kwaad om daar eens echt tijd voor te nemen met elkaar. Stel jezelf en elkaar de volgende vragen: Wie zijn wij? In eigen ogen, in het licht van het evangelie, in de ogen van elkaar. Hoe ziet God ons? Hoe kijken mensen van buiten tegen ons aan? Wat verwachten ze van een gemeente? In welke verwachtingen zijn ze wellicht teleurgesteld?

2. Wat hebben we in huis?
Bij de vorige vraag kwamen we daar al wel mee in aanraking; je bent niet alleen iemand, je bent niet alleen een gemeente, je hebt ook iets (veel). Maar wat? Wat hebben we ontvangen? Zijn er manieren om erachter te komen wat mensen allemaal (niet) kunnen? Dat gaat niet zomaar. Het vraagt om een bepaalde manier van kijken naar elkaar. Je moet elkaar ook kennen en in vertrouwen nemen. Je moet je door elkaar willen laten gezeggen. Ik heb gemerkt dat het gemeenschappelijk dienstbaar zijn voor christenen een grote ontdekking is. Zij komen niet naar de kerk om gediend te worden, maar om elkaar te dienen. Het luidt een grote verandering in hun leven in. De nieuwe verantwoordelijkheid leidt tot afhankelijkheid.
Als deze goed wordt verstaan, leidt ze tot groei in het geloof en in persoonlijkheid. Alle genadegaven van de Geest zijn ingesteld op de opbouw van de gemeente. De gemeente op haar beurt is geen doel op zich, maar instrument in Gods hand om anderen te bereiken. Het is een hartverwarmende en verrijkende ervaring om ingeschakeld te worden in die beweging van God.

3. Aan wie hebben wij een boodschap?
Er is een kentering waarneembaar in het denken van de mensen. Er is een groeiende behoefte aan eenheid, samenhang van de dingen, contact met en besef van het goddelijke in de wereld om ons heen. Bij velen gaat de interesse in de eerste plaats nog uit naar een goede baan, een huis en een relatie. Gericht op een comfortabel bestaan, gericht op het materiële.
Ons past daarover geen (negatief) oordeel. Niet iedereen is op zoek naar hetzelfde. Je zou de zoekers grofweg in drie categorieën kunnen indelen: genotsziekers, gelukzoekers en zinzoekers.
Wie zijn de zoekers? Kunnen we hen wel ontmoeten? Zoeken ze het in de richting van de kerk? Zo niet, wat moeten we er dan mee? Kunnen we van mensen zoekers maken? Hebben wij wat te zoeken? Wat valt er bij ons zoal te vinden?
Het koninkrijk der hemelen is eveneens gelijk aan een koopman die mooie parels zocht; toen hij nu een zeer kostbare parel gevonden had, ging hij weg en verkocht alles wat ihj had, en kocht die. Het gaat om de koopman en zijn reactie op de ontdekking van een zeer kostbare parel. Er moet zorgvuldig en duidelijk gehandeld worden. Dat vergt voorbereiding en een zeer ingrijpende beslissing. We treffen iemand die zeer gericht zoekt. De vondst veroorzaakt een grote verandering in zijn leven. Alleen door alles op te geven kan hij het begeerde verwerven. Daarmee is ook de zoektocht ten einde. Andere parels worden niet ontkend. Integendeel: de parelkoopman was aldoor op zoek naar parels. Dat lijkt me geen slecht uitgangspunt de gemeente nodigt mensen uit om in hun leven op zoek te gaan naar het kostbaarste wat er is.

Dit artikel knipten wij uit: 'Hervormd Weekblad'. Wie het verband tussen kerk en evangelisatie niet ziet en honoreert heeft een averechtse visie op het kerk zijn en een verkeerde kijk op wat evangelisatie inhoudt. De verkondiging van het evangelie naar binnen en naar buiten toe is van levensbelang voor de gemeente van Christus. Tot die taak door God te worden verwaardigd moet voor de gemeente een grote vreugde zijn. Een kerk, die niet werft, sterft! Daarom is het goed de inhoud van bovenstaand artikel goed op zich te laten inwerken.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief