Spreekbuizen van God
1997-12-12
Gods Geest kan iedereen gebruiken, zegt de profetie van Joël 2:28,29. Hij overbrugt alle tegenstellingen die in deze maatschappij doorslaggevend zijn, de onderlinge verhoudingen verzieken en tot scherpe conflicten kunnen leiden, zoals die tussen de oudere en de jongere generatie, die tussen de sexen en de rivaliteit die daaruit voortvloeit, en ook de sociale tegenstellingen die altijd als een splijtzwam gewerkt hebben. De Geest doorbreekt ze en maakt mannen en vrouwen, oud en jong, arbeiders en directeuren tot spreekbuizen van God. Kijk maar, zegt Petrus op de Pinksterdag, daar staan ze te profeteren en Gods grote daden te verkondigen.- Jaargang 41
- nummer 25
Toen de Geest kwam. was er geen sprake van dat de vrouwen hun mond moesten houden en moesten zwijgen in de gemeente. De Geest opende bij alle honderdentwintig discipelen, de vrouwen incluis, de mond. De vrouwen onder hen brachten evenals de mannen het Woord van God tot de verbaasde menigte. Ze hadden de mond even vol van Gods grote daden als de mannen en verkondigden die publiekelijk.
Dat was iets ongehoords. Want in de synagoge mochten vrouwen het woord niet voeren en in een rechtszaak mochten ze niet eens als getuige gehoord worden. Maar op de Pinksterdag neemt de Geest Maria, de moeder van Jezus, en nog andere vrouwen (vgl. Hand. 1: 14) in beslag en maakt hen tot spreekbuizen van God.
De Geest kan iedereen gebruiken, alle vlees, om mond van God te zijn: mannen en vrouwen, oud en jong, slaven en vrijen. Want als de Geest je in beslag neemt, gaat het niet om watje zelf bent of om wat jij te zeggen hebt, maar om wat Gód te zeggen heeft, om zijn grote daden.