Omgaan met verlies

1997-05-30
  • Jaargang 41
  • nummer 11
Ds. R.R. Ganzevoort heeft al vaker gepubliceerd over de invloed van een crisis op het leven(sverhaal) van mensen. Enige tijd geleden verscheen er weer een boekje over dit onderwerp.

Je raakt in een crisis, als je niet meer weet hoe je verder moet. De bestaansqrond gaat onder je voeten golven. Je kunt je levensverhaal (oorsprong, doel en zin) niet meer sluitend krijgen.

Geloof en crisis
Geloof kan invloed hebben op de crisis.
Immers: geloof geeft kracht, geloof gaat over oorsprong doel en zin van je leven. Het geeft je een plaats tussen de anderen en ten opzichte van De Ander. Geloof vertelt hoe je handelen moet en geeft jou een plaats in de tijd.
Een crisis is óf de verdieping, maar .
soms ook heteinde van je geloof.
Geloof helpt óf remt juist bij de cirsis.
Je kunt veel steun aan je geloof hebben; je ervaart de Here dan heel nabij (verdieping).
Maar het kan ook zijn, dat je tot diepe twijfels komt over je geloof. Ondertussen zet dit vechten in je geloof je er wel toe aan, om de crisis te boven te komen (aanvechting).
Bij sommigen werkt dat andersom. Ze ervaren veel steun in hun geloof, schuilen bij de HERE, maar hun crisis, hun problemen komen ze niet te boven.
Tenslotte zijn er mensen die zich verlaten voelen van iedereen. In al hun zorgen voelen ze zich van God en alle mens verlaten en alleen, zonder hoop in de wereld.

God en het lijden
Volgens Ganzevoort vinden we in de bijbel vier verhaal soorten, die samen het grote verhaal van de bijbel weergeven: over gebrokenheid, herstel, bekering en toekomst (vooral: de nieuwe hemel en de nieuwe aarde).
In dit grote verhaal krijgt het lijden een bepaalde plaats. Soms kun je de zin van het lijden daarin goed aanwijzen, soms ook niet.

Naast de liefdevolle zorg van God en zijn Almacht is er ook de realiteit van het kwaad; Zonder het perspectief van het herstel en de toekomst van God op te geven, zullen we moeten leren te leven met de schaduwzijde, met de breuken in onze door God geschapen werkelijkheid.

Troost en pastoraat
Hoe kunje iemand helpen, die een zware verlieservaring te dragen heeft?
Verklaren helpt niet. Daarmee doe je de pijn van de ander geen recht.
Troosten helpt wel.
"Troost is bij iemand durven staan en niet weglopen uit angst voor de pijn.
Het is met iemand in de afgrond durven kijken" (p. 124).
Je biedt geborgenheid en van daaruit zoek je samen naar uitzicht: hoe moet het verder?
Als je het leven en het evangelie opvat als 'verhaal', dan moet ook het pastoraat verhalend zijn: * respect voor de pastorant.(= degene die. aan de pastorale zorg is toevertrouwd), die als enige auteur is van zijn eigen levensverhaal, met alle verantwoordelijkheid, die daarbij hoort. * rekening houden met de 'lezers'.
van het levensverhaal van de pastorant.
Iemand kan alleen leven temidden van de zijnen. Zo moet hij ook begrepen en geholpen worden.
"Je hebt er niets aan vrij te zijn als je daarmee alleen komt te staan, net zo min als je iets aan gemeenschap.
hebt als je daardoor gevangen bent" (p. 129). Zeiker de pastor moet aandacht hebben voor God als lezer van het levensverhaal. * de ordening van het levensverhaal mag in overeenstemming worden gebracht met het evangelie. Ruimte voor Gods veelkleurige genade; in wording, breuk, herstel en toekomst.
Tenslotte kunnen we zeggen dat pastoraat zoveel is als het in verband brengen van eigen levensverhaal met het Grote verhaal van God. Dat beqint natuurlijk met luisteren en samen herschrijven van iemands levensverhaal.
Maar daarin ontbreekt de verkondiging wie God is en wat Hij in Jezus gedaan heeft natuurlijk niet.
Sterker nog: op zijn minst zit er een verkondigend element in het feit dat je als pastor in de Naam van de Here aanwezig bent en iemands leven voor het aangezicht van de Here brengt.
Daarin werkt de Geest van God. Dat wordt soms heel expliciet met bijbellezing en gebed, En soms is dat meer ingevouwen, · zonder woorden.

Beoordeling
Naarmate ik verder kwam in het boekje van Dr. Ganzevoort, vond ik de inhoud sterker worden. Het eerste · deel brengt het landschap van crisis en geloof in kaart. Dit gedeelte is m.i, te abstract: de werkelijkheid is zoveel .gecompliceerder en weerbarstiger. De indeling welke situatie nu in welk hokje moest kon mij ook niet altijd overtuigen.
Als je nieuw bent in een stad zul je een plattegrond kopen. Maar als je er in opgegroeid bent heb je er weinig aan. Zo vroeg ik me ook af, wat gemeenteleden of pastores met dat eerste deel zouden kunnen.
· In het tweede deel vindt ook een schematisering plaats.
Maar Ganzevoort geeft wel ruiterlijk toe, dat er heel wat lijden is, waar helemaal geen zin aan te ontdekken valt. Dat het kwaad een realiteit is. Er kunnen zwerfkeien in je bestaan rondzwerven, waar je echt geen kant mee op kunt.
Er zit dan weinig anders op dan te wachten op de jongste dag, waarop al.
onze tranen worden weggewist.
Op p. 101 zegt Ganzevoort, dat de chaos van het lijden God meer pijn doet dan ons.
En dat de weerloosheid van zijn liefde betekent dat Hij zijn mensen, zijn oogappels nog niet terug kan roepen.
Ik vroeg me af waaruit Ganzevoort dit afleidt.
Het is jammer dat hier geen bijbelplaatsen vermeld staan.
Het derde deel vond ik het mooist, met hele mooie omschrijvingen van pastoraat, de herhaalde opvatting, dat alle gemeentèleden pastor (kunnen) zijn, met heel concrete aanwijzingen, hoe je aan dat pastoraat vorm kunt geven.

De relatie tot God
Op p. 48 schrijft Ganzevoort: "Een belangrijke geloofsfunctie is het aanbieden van een interpretatiekader, dat wil zeggen een bepaalde manier van kijken naar het leven, waardoor betekenis kan worden gevonden."
Op zichzelf kan ik dit niet ontkennen, maar tegelijk griezel ik er van. Deze visie is natuurlijk bekeken vanuit een (godsdienst)psychologisch kader.
Maar kan dat wel? Als we zo naar geloven kijken, hebben we onszelf dan niet buiten het geloof, buiten de relatie met God geplaatst?
Bovendien: wordt God dan niet een functie van de mens, om zin en doel en orde in het leven te ontdekken?
De rest van het boekje geeft voldoende aan dat Ganzevoort dit niet bedoelt; maar ik vraag me tegelijk af hoe hij eraan kan ontkomen. Met andere woorden: waar is de psychologie waarin de levende God serieus genomen wordt?
Een andere opmerking gaat over Ganzevoorts eigen opmerking, dat er beslist vragen komen over zijn model van het verhaal. Komt God bij dit model niet buitenspel te staan? Ganzevoort antwoordt op p. 147: .Daar waar je in het licht van het evangelie mensen bijstaat, daar vindt verkondiging plaats. Dat is het werk van de Heilige Geest, die in, met en door mensen heen spreekt."
Mijn vraag is: Heeft het verhaal van de mens voortdurend het primaat? Kan Gods verhaal zo nog inbreken in het menselijk verhaal? Kan de pastor pas iets beginnen, als het eigen verhaal is vastgelopen? Of ligt dat buiten het bestek van dit boekje?

Reactie op simpel pastoraat
Dit boekje is natuurlijk te lezen als reacties op het al te simpele pastoraat van de dominee die volstaat met het lezen van enkele 'troostvolle' bijbelteksten en het uitspreken van een gebed, zonder dat hij eerst zorgvuldig geluisterd heeft wat er in de pastorant omgaat.
Een pastoraat, dat over die ene pastorant zelfs nog 'heenpreekt'.
Het andere uiterste is in mijn beleving nite zozeer een pastoraat zonder God (waar Ganzevoort zich terecht tegen afzet) maar een pastoraat, waarin de Here alleen voorkomt voorzover Hij de pastorant van dienst kan zijn. En voorzover Hij het gemeentelid helpt bij het herordenen van zijn levensverhaal.
Blijft er zo nog ruimte over voor het 'Zo spreekt de Here'?
Spreken de psalmen ook niet vaak van een complete chaos van hun levensverhaal en van het 'maar tóch ...' (ondanks alles!) van het geloof? Geloven doe je toch ook vaak ondanks het feit dat je levensverhaal van geen kant klopt? Of kan ik zelfs zeggen: juist omdát je er zelf geen touw meer aan vast kunt knopen?
Samenvattend: deze nieuwe publicatie van dr. Ganzevoort roept bij mij een aantal (als open bedoelde) inhoudelijke vragen op.
Tegelijkertijd ben ik van mening dat het een boekje is met duidelijk sterke en leerzame opmerkingen op het brede terrein van het hedendaagse pastoraat.

N.a.v. Dr. R.R. Ganzevoort, Omgaan met verlies; KokIVoorhoeve, Kampen1996, 148 blz., f 24,50

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief