Dodelijk bedrog
2010-04-02
Uitspraken van politici worden, op z’n zachtst gezegd, niet altijd door iedereen voor de volle honderd procent vertrouwd. Als iemand uit de politiek iets gezegd heeft duiken alle sterrenwichelaars van Den Haag daar bovenop om uit te leggen wat de persoon in kwestie eigenlijk bedoelde. Nu is het ook niet zo eenvoudig voor een politicus, want als hij echt zegt wat hij (of zij) denkt dan is de kans groot dat hij of zij in de problemen komt. Dus hoe verwoord je iets zodanig dat het niet met de waarheid in strijd is en toch ook niet de kat in de gordijnen jaagt. Maar soms is er ook gewoon sprake van list en bedrog of van grote onoprechtheid.- Jaargang 54
- nummer 7
In de verslagen van het razendsnelle proces tegen Jezus wordt een duizelingwekkende hoeveelheid onoprechtheid en bedrog, dubbelzinnigheid en ironie zichtbaar.
Dat begint al bij de arrestatie. Op de schilderijen van Bijbelse taferelen is Jezus meestal met één oogopslag herkenbaar, maar in het donker van een olijfgaard zijn mensen moeilijk van elkaar te onderscheiden. Vandaar de afspraak dat Judas met een kus zal aanwijzen wie de gerechtsdienaren moeten hebben. De kus van een leerling aan zijn meester. Het laatste contact dat Judas en Jezus gehad hadden was toen Jezus hem een lekker hapje aanbood tijdens de maaltijd. Dat was een gebaar vol liefde en echtheid. Deze kus is spreekwoordelijk geworden voor het bitterste verraad. In het Griekse woord voor ‘kus’ zit het woord ‘vriend’- hoe wrang!
De Raad
Met spoed wordt Jezus voor de Hoge Raad gebracht. De zitting vindt plaats in de nacht. Er is haast bij want het Paasfeest komt eraan en dat mag niet bezoedeld worden door iets dat met de dood te maken heeft. De zaak moet opgelost zijn voor het Paasfeest – zorg om rituele reinheid hand in hand met kille liquidatie.
Zouden de raadsleden trouwens niet verbaasd geweest zijn dat nu opeens alles lukt wat ze al zo lang van plan waren? Maar ze wisten niet dat ‘zijn ure nu gekomen was’.
Er wordt een proces gevoerd, een showproces waarvan de uitslag van tevoren vaststaat - het zal niet het laatste showproces zijn in de geschiedenis. Maar het blijft schokkend. De hele Raad bij elkaar, ze zijn misschien wel begonnen met schriftlezing en gebed en dan moeten ze zo gauw mogelijk door naar het vonnis. In de haast zijn ze vergeten om de valse getuigen behoorlijk te instrueren en die spreken elkaar dan ook prompt tegen en Jezus werkt niet mee: hij zwijgt. Zo lukt het niet, en dan waagt de hogepriester een gok en stelt de hamvraag: ‘Bent u de Messias, de Zoon van God?’ ‘Ja’, zegt Jezus. En dan komt er (dat denk ik tenminste) weer zoiets onoprechts. De hogepriester scheurt zijn kleren, een teken van rouw. Maar ik denk dat hij meer in de stemming is om de vlag uit te steken en hij steekt geen stokje voor de ruwe en wrede en vernederende spelletjes van de gerechtsdienaren.
Het heeft iets van huiveringwekkende ironie dat de hogepriester precies verwoordt wie Jezus is. Het is uit zijn eigen mond gekomen. Zoals hij ook gezegd heeft dat het beter is dat één man sterft dan dat het gehele volk verloren zou gaan. Johannes zegt dat hij die woorden sprak als profeet, zijns ondanks, zoals Bileam de zoon van Beor.
Pilatus
Pilatus is, wat in het tegenwoordige Haagse jargon heet, een ‘draaikont’. Hij heeft al gauw in de gaten dat Jezus niet schuldig is aan iets dat de Romeinse wet verbiedt. Hij ziet Jezus als onschuldig en ongevaarlijk, als een vriendelijk warhoofd. De Joden willen het Pilatus gemakkelijk maken en ze zeggen: ‘Als het geen boef was zouden we hem niet hier brengen’. Opmerkelijk argument! Maar Pilatus heeft geen zin om door de Joodse raad gemanipuleerd te worden. Hij weet wel waar de schoen wringt: ze hebben iets tegen Jezus, wat ze hem niet kunnen uitleggen, iets met hun godsdienst en daar werkt hij niet aan mee. Hij wil geen vuile handen maken. Een flinke geselpartij moest maar genoeg wezen. Nou ja, genoeg – dat kon evengoed dodelijk aflopen en op zijn minst was een Romeinse geseling zwaar verwondend. Maar dat is niet genoeg voor de aanklagers. Dan gebeurt ook hier iets ongelofelijk onoprechts.
Jezus heeft niet ontkend dat hij een koning is. Dan moet dat maar als aanklacht gelden. Met een beetje fantasie kan die belachelijke optocht van een week geleden uitgelegd worden als een poging tot opstand. En dan roepen ze op een gegeven moment (hoe krijgen ze het uit hun keel): ‘Wij hebben geen andere koning dan de keizer’. Dat was dubbel onoprecht want natuurlijk haatten ze de keizer en als Jezus echt koninklijke pretenties had gehad, dan hadden ze hem niet aangegeven maar gesteund!
Pilatus telt zijn knopen en ondertekent met frisse tegenzin het doodvonnis.
Omgekeerde wereld
In alle leugen en onoprechtheid zijn er ook taferelen die op een schrijnende manier ‘verschuiven’. Er zijn van die plaatjes, waarnaar je op twee manieren kunt kijken, een soort zoekplaatjes – plotseling zie je een andere voorstelling.
Zoiets zie je ook bij de bespotting door de soldaten. Een wreed spel, maar ze zeggen wel de goede woorden. En hoe kijk je ernaar. Er is een foto uit de tweede wereldoorlog waar Duitse soldaten een Joodse man opjagen. De man loopt in een lange jas in doodsangst op de camera af. De soldaten zijn goedgekleed, met glimmende laarzen en ze lachen breeduit. Het is wel duidelijk wie de schlemiel is. Maar plotseling slaat het beeld om. We vinden die weldoorvoede, goedgeklede, machtige soldaten verachtelijk en laf en we groeten met deernis en ontzag en pijn in het hart die opgejaagde, ontrechte mens.
Ecce homo
Iets dergelijks zien we als Jezus door Pilatus voorgesteld wordt aan het volk in een laatste poging om medelijden te wekken: ‘Zie de mens’ .
En wat zien jullie dan, schriftgeleerden, Bijbelkenners. Waarom valt het kwartje niet. Jullie kennen toch ook de profeet Jesaja en al de woorden over de Lijdende Dienaar? Gaat er nu echt niet een lichtje branden? Nee, het blijft nacht in hun harten.
Toen droeg Pilatus hem aan hen over om hem te laten kruisigen.
Meditatie over Matteüs 26:47-27:31
Ds. Han Horsman is emeritus predikant van de NGK Zwolle (2).