Ex Libris
1996-02-09
De Tomado- Jaargang 40
- nummer 3
In 1956 verscheen de eerste druk van 'De Tornado', een roman van B. Nijenhuis.
Nu is de vijfde druk verkrijgbaar.
In dit verband wil ik ook een nieuw boek van Hans Werkman noemen: Spitten en (niet) moe worden, over leven en werk van B. Nijenhuis. U vindt daarin veel informatie, boekbesprekingen en enkele gedichten en verhalen. Wie zich in Nijenhuis wil verdiepen, kan hier uitstekend terecht.
In De Tornado krijgen we vooral te maken met drie personen die elk hun eigen strijd hebben te voeren. Twee van hen worstelen in feite met God en daarbij gaat het om de oude vraag: "Hoe kan God het lijden toelaten?"
Het boek heeft een happy end, want alle drie vinden ze op hun eigen manier vrede. De titel hangt samen met de belangrijkste gebeurtenis in het leven van de hoofdpersoon: zijn boerderij is door een tornado verwoest en daarbij is zijn geliefde omgekomen. Hij koopt later een andere hoeve, ontmoet een vrouw die sterk lijkt op de gestor, vene en er een ontstaat een spanning tussen de nieuwe aantrekkingskracht en het gekoesterde oude ideaalbeeld.
Tegen het einde van het verhaal komt er opnieuw een tornado, maar nu wordt de boerderij gespaard en ook de vrouw blijft ongedeerd. Allerlei ontwikkelingen zijn door het verhaal geweven, niet allemaal even functioneel en overtuigend, maar De Tornado is desondanks een roman die kan boeien.
De opbouw is knap en de problematiek zal menige lezer aanspreken.
Toch zitten er nogal wat zwakke elementen in. Het toeval speelt een te grote rol, vooral die tweede tornado is wel wat onwaarschijnlijk. Sommige bij~ figuren zijn wel humoristisch, maar niet bepaald geloofwaardig beschreven.
De stijl van Nijenhuis is nogal eens retorisch en daar had best wat aan geschaafd mogen worden. Neem zinnen als: Er was bewondering in zijn ogen. Het begon te flikkeren in zijn ogen. Er was slechts één ogenblik deernis in zijn ogen geweest. Het glansde in de diepte van zijn blauwe ogen. Zoiets moet je na 140 bladzijden toch niet zo'n twintig keer tegengekomen zijn.
Hans Werkman is erg ingenomen met deze roman, hij spreekt zelfs van "een meesterstuk". Dat lijkt me overdreven; het is een werk met kwaliteiten, maar ook met zo veel zwakke kanten dat de lof beter wat getemperd kon worden.
Wie een goede en uitvoerige bespreking wil lezen, verwijs ik naar het boek van Werkman. De titel, Spitten en (niet) moe worden, is ontleend aan een fragment uit De Tornado. Ezen, de godvruchtige arbeider, ...hief zijn hoofd op en keek over de geploegde akkers, zich uitstrekkend naar de verre einder. Zijn gezicht was plotseling hevig ontroerd. "Op de nieuwe aarde", zei hij zacht, "zal ik God vragen zo'n akker voor Hem te mogen spitten, helemaal alleen. Ik zal spitten en niet moe worden." Hij herhaalde: "Spitten en niet moe worden."
Uitgever: Kok, Kampen. Omvang 311 blz. Prijs f 32,50.
T. Hoekstra, Zwolle