Club en catechese in crisis?
2007-04-27
Steeds meer kerken ontdekken dat de klassieke vorm van catecheseeen catecheet voor een groepsteeds minder lijkt aan te sluiten bij jongeren van 14 tot 18 jaar. Vooral in die leeftijd, als de druk vanuit ouders minder wordt haken veel jongeren af.- Jaargang 51
- nummer 9
Het is niet ongewoon dat de helft of minder van de jongeren de catecheses bezoeken. Opvallend is de ontwikkeling van verschillende nieuwe catechesemethodes die in no-time hun weg vinden naar de markt (Follow-Me en Follow-up). Daarnaast wordt in veel gemeenten gesproken over het samenvoegen van club en catechisatie en wordt er gezocht naar andere nieuwe vormen.
Het doel van catechisatie
Van oudsher is het doel van de catechese gericht op de kennisoverdracht. Leren wat de kern van het geloof is, waar je als kerk voor staat. Voorwaarde scheppend voor de geloofsoverdracht in de vorm van geloofsonderwijs. Didactisch vaak in een frontale vorm. Meer kennis dan kennen. Bedoeld om jongeren tot een punt te brengen waarop ze gaan antwoorden op hun eigen doop. Toch zie je een hele ontwikkeling waarin relationele aspecten belangrijk worden, maar ook de relevantie van de thematiek. Allemaal op zoek naar het hart van de catechisant. Ik pretendeer niet expert te zijn op het gebied van de catechese, toch wil ik een paar ontwikkelingen die ik in de praktijk zie bespreken.
Erbij horen
Eén van de redenen waarom ik denk dat jongeren vroegtijdig afhaken bij catechese heeft met de intrinsieke motivatie, of anders gezegd de motivatie van binnen. Over het algemeen werken we in de kerk volgens het principe dat we onze kinderen bepaald gedrag aanleren, inclusief het hele pakket ‘do’s en don’ts’.
Jongeren leven in een keuze maatschappij waarbij ze leren tegen iets te kiezen als het niet iets eigens van hen is. Kortom: gaat de vorm die al eeuwenlang lijkt te werken binnen onze kerken, in de 21e eeuw niet tegen ons werken. Een eeuw waarin de individualisering op zijn hoogtepunt lijkt en de behoefte onder jongeren om ergens bij te horen fors is. Jongeren denken daarbij niet naar het belong toe, maar vanuit het belong (erbij horen). Als ze merken dat ze ergens bij horen zijn ze bereid ook ergens voor te gaan.
Club en catechese
Een aantal kerken hebben er voor gekozen om club en catechese samen te voegen. Op visie gebied kan ik daar heel ver in meekomen. Maar de praktijk wijst maar al te vaak uit dat na een aantal jaren de inhoudelijke kant vaak het onderspit delft. Kortom: je ziet dat het nogal iets van je leiders vraagt om een activiteit vorm te geven die zowel het doel van club als het doel van de catechese weet te bereiken. Er zijn daar een aantal aanleidingen voor. Er is weinig materiaal op de markt die beide onderdelen zo’n plek geven dat het allebei tot zijn recht komt. Verder is er onder leiders nog wel eens een verlegenheid om inhoudelijk te gaan met tieners (zie het artikel in de vorige Opbouw). Al snel voelen ze zich een politieagent, en bij fun lijk je sneller aansluiting te hebben bij jongeren.
Beleving
Een nieuwe lijn die op dit moment opgang doet binnen de catechese is ruimte zoeken voor een stuk beleving.
Catechese is dan naast gericht te zijn op ‘kennis over God’, ook gericht op het ‘kennen van God’. Op een aantal plaatsen worden ‘vieringelementen’ in de catechese gebracht, heel concreet door bijvoorbeeld aanbidding een plek te geven binnen de catechese of het persoonlijk gebed. Een duidelijk voorbeeld is de CGK Zwolle waarbinnen met alle jongeren in de setting van een dienst begonnen wordt en na ‘het praatje’ door een deskundige jongeren onder leiding van een mentor verder praten.
Opvallend is dat jongeren zelf aangeven veel meer vast te houden van de catechese en dat het aantal catechisanten significant gegroeid is ten opzichte van het jaar daarvoor. Ook zijn verschillende gemeenten bezig met de verschillende vormen van jeugdwerk nog duidelijker op elkaar af te stemmen. Zo draait in Apeldoorn sinds het begin van het seizoen 2006/2007 een vorm van catechese die geënt is op de clubmethode.
Belijdenisgat
De laatste ontwikkeling die gaande is, is er eentje die wat mij betreft in opkomst is en waar we als kerk iets mee moeten. Het belijdenisgat. Ik spreek steeds meer jongeren die juist behoefte hebben aan een stuk onderwijs, op het moment dat ze duidelijk en open gekozen hebben voor God Juist op het moment dat ze zeggen: ‘ja het is ook voor mij!’, lijkt er een behoefte te ontstaan om heel gericht onderwijs te ontvangen. De leeftijd waarop veel van onze kerken stoppen met het aanbieden van onderwijs, is een leeftijd, waarin juist een groep jongeren meer dan ooit behoefte lijkt te hebben aan diepgang. Een jongere omschreef het zo: ‘Ik wil gewoon iemand voor mijn kiezen hebben die 40 uur op een onderwerp gestudeerd heeft en waar ik echt alles aan kan vragen. De verhalen ken ik wel...
Maar ik wil de diepte in!’ Deze ontwikkeling lijkt nauw aan te sluiten bij de lijn waarin jongeren bereid zijn ergens voor te gaan, op het moment dat ze ook helder hebben dat het ook echt iets voor hen is.
André Maliepaard is jeugdwerkadviseur bij het NGJ en lid van de NGK in Ede.