Dokter en monteur
1996-07-26
De laatste week voor de vakantie brengt soms achterstallig onderhoud aan het licht en ik maakte een aantal afspraken. Eén met de dokter voor mijzelf en één met de buurjongen over de auto. De gesprekken die ik voerde liepen merkwaardig parallel. In de spreekkamer van de dokter, die mager en bekwaam is: "Mevrouw Maljers ... " "Ik heb last van mijn schouder." "Hé. Zomaar? Niets zwaars getild? Niet gestoten? Beweegt u uw rum eens naar voren ... en omhoog? Juist! Wordt her erger als het koud is ... of als het warm is?" Ik dacht na. "Ik heb een kamer geschilderd. "- Jaargang 40
- nummer 15
De dokter keek, voelde, kneep gemeen in mijn schouder en zei: "Een tennisarm." "Meer een schilderschouder. Ik tennis niet", zei ik peinzend. "Dat hoeft ook niet. Zo noemen we dat alleen. Je kunt ook een voetbalknietje krijgen zonder ooit een bal te trappen", lichtte hij voor.
"Een hersenschudding zonder brein?" vulde ik aan.
"Nee, zo niet", zei hij en typte met stijve vingers een recept op zijn P.C. Het zag er merkwaardig onbeholpen uit. Hij tuurde bij elke letter eerst naar zijn vingers en vervolgens naar het scherm. "Crème...rustig houden...en een beetje warmte kan geen kwaad", zei hij. "Terugkomen als het niet overgaat".
"Prima. Zeg...Er bestaan cursussen sneltypen", tipte ik nog vlug. Hij lachte en ik verliet de spreekkamer met de zekerheid dat mijn advies aanzienlijk goedkoper zou zijn dan dat van hem Vervolgens ging ik naar de buurjongen. Hij is lang, broodmager en bekwaam "Ad ... de auto doet raar. Hij slaat telkens af als ik voor een stoplicht moet wachten. Hier is het geen ramp, maar bij het idee zoiets te hebben met de caravan erachter aan, breekt het zweet me uit", zei ik.We drentelden om de auto heen.
"Vreemd" prevelde hij. "Zomaar. Niets mee gehad. En als u al een tijd heeft gereden? En is het erger als de motor nog koud is ... of juist als het warm is?" Hij opende de motorkap. Kneep eens in een slangetje en verboog een ijzertje. Ik had bijna 'au' geroepen en liet hem met de auto alleen. Je moet vakmensen niet op de vingers kijken. Een kwartier later kwam hij fluitend aan de deur.
"Ik heb een stukje in de benzinetoevoer vervangen. Daar kwam het door", legde hij uit. "Een stuk in mijn schouder is ook aan vervanging toe. Ik wou dat dat ook zo gemakkelijk ging", zei ik waarderend en gaf hem geld. "Zo veel is niet nodig. Een klusje van niks", protesteerde hij.
Met het doktersbezoek nog in mijn achterhoofd zei ik: .Ben je gek. Natuurlijk is dat nodig. Een ander krijgt het ook". "Als er weer iets is hoor ik het wel", zei hij nog van achter de heg die onze tuinen van elkaar scheidt. "Dat doe ik", riep ik terug. Dankzij dokter en buren gaan we in /eder geval met een gerust hart op vakantie. Dat is toch wel wat waard!