Zending aan de zelfkant
2010-04-16
Zendingswerk is onvoorspelbaar. Geen beter voorbeeld dan het Kamper zendingswerk dat Riens de Haan in zijn recente dissertatie beschreven heeft. Als ik naga hoe in de jaren 1950 in Kampen het werk werd opgezet, en wat er 50 jaar later in KwaZulu-Natal van geworden is, kan ik me alleen maar verbazen. Met de kennis van nu, zoals beschreven in De Haans studie, zou ik destijds dit werk sterk hebben afgeraden. Onze kennis van toen was beperkt, voor een deel ook onjuist, gebaseerd op verkeerde informatie. Toch, het werk wordt door God tot op vandaag gezegend en gebruikt. Dat wordt wel duidelijk uit De Haans studie.- Jaargang 54
- nummer 8
De Haan gaf aan zijn studie de titel mee Mission on the margin. Zending aan de zelfkant, vertaalt hij zelf. Misschien kunnen we het ook, iets neutraler, met zending aan de buitenkant weergeven. Wat bedoelt hij daarmee? Hij maakt dat duidelijk aan het voorbeeld van Abraham. God kiest hem uit, maar van meet aan spelen de volken mee. Dat zien we ook in Matteüs. Steeds doemen de heidenen op aan de horizon van Jezus’ werk. Het draait wel om Abraham of de Joden, maar het gaat om deze buitenkanters in Gods plannen. Ja, Hij heeft zelfs de hele schepping op het oog. Met een beroep op Lukas’ evangelie ziet De Haan ook de armen, de verontrechten en de vergeten groepen opdoemen aan de randen van het koninkrijk van God. Het gaat om mensen aan de zelfkant, aan de onderkant van de samenleving. Ze staan nog buiten, maar God wil hen er ook bij hebben. Daarvoor wordt de kerk op weg gezonden – met een beroep op Matteüs 28, een tekst die bij De Haan een voorname rol speelt. Onder de volken waar het in Matteüs 28 over gaat, vraagt hij speciaal aandacht voor de gemarginaliseerden onder hen. Onder hen moet de gezonden kerk aan het werk in navolging van Jezus, die nederig en dienend haar voorgaat. Wat is daarvan terecht gekomen daar waar De Haan zelf werkt, in Enkumane, op en rond de zendingspost op Groothoek?
Verwachtingen
Met welke verwachtingen zond Kampen haar eerste zendeling uit naar Enkumane? De Haan wijst er vijf aan, waarvan er niet een is uitgekomen. Men verwachtte, bij voorbeeld, in Enkumane een stabiele, traditionele en voorchristelijke bevolking aan te treffen. Het was echter een samengestelde bevolking die vanaf 1840 in drie golven het gebied binnentrok. Men was op de vlucht voor politiek geweld van de Zulu-koningen Shaka en Dingaan en zocht een veilige plek om te wonen in het ontoegankelijke gebied rond de Umkomaas-rivier. In de 20e eeuw werd het gebied eerst een boerderij in handen van Engelse immigranten, en de bewoners werden er landarbeiders. Nieuwe arbeiders trokken met hun gezinnen binnen om er hun werkkracht te verhuren. Vanaf 1960 werd de streek een plaats waar de regering mensen dumpte die elders overtollig geacht werden. Enkumane werd deel van het thuisland KwaZulu. Na 1980 trokken veel mensen weer weg, toen de Apartheidsbeperkingen verzacht werden. Groeiend politiek geweld teisterde ook Enkumane, en nog meer mensen trokken weg naar veiliger oorden in de steden. Wat er aan mensen achter bleef, waren vrouwen, kinderen, ouderen, zieken (Aids). Er is zelden of nooit een stabiele bevolking geweest. Het zijn altijd mensen geweest aan de onderkant van de samenleving, altijd op zoek naar veiligheid en werk, aan de buitenkant van de geschiedenis. De Kamper zending werkte in Enkumane vooral onder de derde golf intrekkers (vanaf 1960). En natuurlijk was het geen maagdelijk gebied. Al in 1847 stichtte de Methodistenkerk een zendingspost in Ndaleni, vlakbij Richmond. Ook de Anglicanen en de Roomsen richtten zendingsposten op in gebieden die grensden aan Enkumane waar in 1961 de zendingspost Groothoek werd begonnen. Onder de inwoners van Enkumane waren er, op zijn minst, mensen die van het christelijk geloof afwisten, en vertrouwd waren met zendelingen en wisten wat van hen te verwachten. Sommige vrouwen waren bekend met de gebedssamenkomsten van de Methodistenzending.
Kerkgeschiedenis
De Haan wijdt een helder hoofdstuk aan de geschiedenis van de Gereformeerde Kerken met zijn vele kerkscheuringen in de 20e eeuw. Want de geschiedenis waaruit een zendende kerk voortgekomen is, speelt een rol op het zendingsveld. Neem bij voorbeeld het zware accent op de zelfstandigheid van de plaatselijke kerk sinds 1944. De plaatselijke kerk alleen werd verantwoordelijk geacht voor zendingswerk. Anders dan de ‘Synodale’ zending moest vrijgemaakte zending zich concentreren op het eigenlijke, de proclamatie van het evangelie van verlossing van de zondaar. Zo stuurde Kampen in 1957 ds. J. Vonkeman erop uit om het evangelie te prediken onder hen die het nog niet hadden gehoord. Dat was zijn hele opdracht. Dat mensen met hun eigen noden en verwachtingen de zendeling en zijn boodschap moesten ontvangen, lijkt vanzelfsprekend, maar het had consequenties waar men in eerste instantie niet aan wilde. In Enkumane verwachtten de mensen dat de zending ontwikkeling zou brengen door het stichten van scholen. Dat doen zendingsposten, wisten ze al sinds 1847. De zendeling kon zich daar niet aan onttrekken, wilde hij zijn opgedragen taak kunnen uitvoeren. Zo ontstond er een zendingspost met alle bekende projecten als school, kliniek en sociale assistentie. De slogan van ‘alleen evangelie-prediking’ was vrucht van een specifiek stukje Nederlandse kerkgeschiedenis. Mijns inziens was het ook typerend voor slecht doordachte zendingstheologie. Maar nu werd een plaatselijke kerk verantwoordelijk voor zendingswerk dat haar expertise en kundigheid verre te boven ging: het runnen van een zendingspost met alles wat daarbij komt kijken. De ideologie van de zelfstandigheid van de plaatselijke kerk, versterkt door de Vrijmaking van de jaren 1960, kwam de ontwikkeling van de zending niet ten goede. Terecht concludeert De Haan dat de kerkrechtelijke winst van de Vrijmaking, de zelfstandigheid van de plaatselijke kerk, in de zending niet kon worden verzilverd.
Verantwoordelijkheid
De zendingspost Groothoek is een buitenlands project, waar de lokale bevolking zich nooit verantwoordelijk voor gevoeld heeft. Dat viel ook niet te verwachten. Buitenlandse zendelingen hadden het laatste woord, hoe zorgvuldig ze ook de bevolking raadpleegden. Dat wil niet zeggen dat de zendingspost en het zendingswerk niet een eigen plek in Enkumane hebben gekregen. Want dat is wel zeker. De post is met allerlei banden met de gemeenschap verweven. De Haan wijst op allerlei zaken waar de plaatselijke bevolking van profiteert en waar ze ook dankbaar voor is. Enkumane is een marginaal gebied in KwaZulu-Natal, waar gemariginaliseerde mensen wonen, die buiten de hoofdstroom van het leven staan. Onder hen werkt de Kamper zending met het evangelie. Onder hen geeft ze vorm aan het evangelie via allerlei activiteiten als het verstrekken van gezondheidszorg, het geven van allerlei soorten training. Zorg, steun en liefde wordt hen bewezen. Voor De Haan ligt hier het hart van modern zendingswerk. Op weg naar de zelfkant, de buitenkant van Gods koninkrijk om ook hen erbij te betrekken, bij de Heer en zijn heil. Zo heeft zending toekomst, ook in Enkumane.
Rijke inhoud
Deze studie is rijk aan inhoud. Laat ik als voorbeeld alleen verwijzen naar de analyse van 151 chorussen – songs met een korte tekst en een kort melodisch en ritmisch patroon. Daarin uiten de mensen spontaan hun geloof in allerlei situaties: bij begrafenis of trouwen, tijdens een opwekkings- of gebedssamenkomst. De Haan ziet ook een historische lijn lopen naar zwarte Amerikaanse kerken met hun spirituals. Dwars door alle kerken en groepen heen worden vaak dezelfde chorussen gezongen, gebaseerd op teksten en personen uit de bijbel. Ook invloed van John Bunyans The pilgrim’s progress wijst hij aan. Het geloof van de mensen kan aan de hand van deze chorussen worden gepeild – een belangrijk pastoraal instrument voor kerk en zending.
Boek?
Er zijn plannen om deze dissertatie in handelsvorm uit te geven in Zuid-Afrika. Ik zou graag een Nederlandse vertaling op de markt willen zien, want van deze grondige studie naar de geschiedenis van de Kamper zending in Enkumane kan de zendingsbezinning in Nederland alleen maar profijt hebben.
N.a.v. M.J. de Haan, Mission on the margin. A case study on Reformed mission prospects in Enkumane, KwaZulu-Natal. Pietermaritzburg, Universiteit van KwaZulu-Natal. 2010.
Dr. Bob Wielenga woont in Zuid-Afrika en is emerituspredikant van de NGK Kampen.