De lofzang van kinderen voor God
1996-05-17
Van de hand van professor J. Kamphuis, emeritus hoogleraar aan de vrijgemaakt Gereformeerde Theologische Hogeschool te Kampen verscheen in 1993 het boek 'Juda's hallel' over de lofzang van de gemeente. Als vervolg daarop verscheen nu 'Het hallel van de kinderen'; een boek over de bijbelse uitspraken ten aanzien van de lof voor God van de kinderen.- Jaargang 40
- nummer 10
De schrijver gaat uitvoerig in op Psalm 8:3 met de daarbij behorende exegetische vragen en Matth. 21:16, waar Jezus het gedeelte uit Psalm 8 citeert om de hosannazingende kinderen te verdedigen tegenover de schriftgeleerden. Een apart hoofdstuk wijdt hij aan de ontmoeting tussen Maria en Elisabeth, waar de ongeboren Johannes Gods lof verkondigt.
Andere bijbelgedeelten, die behandeld worden, zijn het 'Laat de kinderen tot Mij komen' en Joëls profetie 'uw zonen en dochteren zullen profeteren'.
Het gedeelte van de toespraak van Petrus op de Pinksterdag over de verbondsbelofte van de HERE, is voor de auteur aanleiding om een heel hoofdstuk te wijden aan de plaats van kinderen in het Verbond. Hij bestrijdt verschillende verbondsvisies en komt uiteindelijk tot de conclusie dat kinderen geheiligd zijn in de ouders, dat ze er daarom bij horen. Naar mijn inzicht een hoofdstuk, dal weinig relevant is voor het onderwerp van het boek.
Dit boek over de lofzang van de kinderen stelt teleur wat betreft de vragen uit de praktijk. Welke consequenties heeft het voor de gemeente dat God Zijn sterkte en Zijn lof vestigt uit de mond van kinderen? Betekent dat, dat kinderen maar veel psalmen, - die zij voor het grootste deel niet begrijpen -, met de gemeente moeten meezingen of wil dal juist zeggen, dat er een grote plaats in de gemeentezang ingeruimd moet worden voor het kinderlied en dat de volwassenen de meer eenvoudige kinderliederen met de kinderen moeten meezingen? De kinderen op het tempelplein, die met hun hosannagezang de kerkleiders ergerden, begrepen de tekst van hun lied, dat volgens Kamphuis 'Leve de koning' betekende, heel goed.
En dat steeds weer herhaalde, eenvoudige gezang werd door de Here Jezus verdedigd. In een boek over 'de plaats van kinderen in de lof voor God' had ik meer aandacht voor de praktische consequenties en de opvoedkundige, didactische en liturgische problemen die dat met zich mee brengt, verwacht.
Prof. J. Kamphuis: 'Het hallel van de kinderen, de plaats van de kinderen in de lof voor God'.
Uitgave: Oosterbaan & Le Cointre, Goes. 217 pagina's, prijs f 28,-.