De 12-jarige Jezus in de tempel
1995-01-13
Eenzaamheid en zelfstandigheid- Jaargang 39
- nummer 1
Menselijk gesproken zouden we kunnen zeggen, dat zich in het leven van de jonge Jezus een moment van grote eenzaamheid heeft voorgedaan: Toen hij als 12-jarige jongen met zijn ouders naar gewoonte mee optrok naar Jeruzalem voor het Paasfeest en vanaf toen gold als 'zoon der wet', d.w.z. dat hij zich nu voortaan zelfstandig moest gaan houden aan de bepalingen van de wet met meer vrijheid van de kant van zijn ouders, werd hij, geboeid als hij was door de dingen, die hij in de tempel aantrof, a.h.W. door zijn ouders in de steek gelaten. En dan kunnen we ons afvragen of dat nou opzettelijk gebeurd is, als een soort eerste blijk van de vrijheid of zelfstandigheid of dat Jezus zelf bewust die eenzaamheid gezocht heeft.
Verder zouden we kunnen vinden dat die leeftijd van 12 jaar wel erg jong is om zelfstandig te kunnen gaan beslissen over hoe men zijn leven moet inrichten.
Nog verder zouden we kunnen gaan als we ons afvragen of mensen überhaupt wel in staat zijn zelfstandig te beslissen, hoe ze hun levensweg moeten gaan.
Uiteindelijk moeten we concluderen dat het 'rn niet in de leeftijd zit, maar ergens anders: Zelfstandig zijn weg door het leven gaan, kan alleen als we bezig zijn met de dingen des Vaders. Dat is het geheim van alle zelfstandigheid. Jezus was daarmee op 12-jarige leeftijd begonnen.
Met grote vreugde
Wat Jezus allemaal gezien heeft in de tempel wordt ons niet met zoveel woorden verteld, maar we weten wel, wat zich in de regel zo op het tempelplein afspeelde: het was Paasfeest en dus werd er een lam geslacht. Jezus zal zeker als 12-jarige 'zoon der wet' geweten hebben, hoe dat Paaslam herinnerde aan de geschiedenis van het volk Israël in Egypte, het bloed van het lam, dat aan de deurposten was aangebracht, zodat de verderfengel voorbijging: het lam geslacht in de plaats van mensen.
We weten niet in hoeverre Jezus toen al begrepen zal hebben dat Hij als het Paaslam eens geslacht zou worden in de plaats van de mensen. Maar één ding weten we wel: Jezus zal zich aan de wet, de geboden, de bevelen van Zijn vader onderwerpen, wat die ook mogen zijn, omdat Hij Zijn Vader liefheeft.
De 'zoon der wet' heeft de wet in zijn hart gegrift en zal die wet met grote vreugde volbrengen.
Verder zal Jezus ook grote vreugde beleefd hebben aan de dank- en lofoffers, die in de tempel gebracht werden en aan het horen van de tempelliederen.
Naast vreugdevolle zaken zal Jezus ook grote oneerbiedigheid gezien hebben in de tempel: kopen en verkopen, wisselen van geld in onverschillige vanzelfsprekendheid. Of het zien van dat oneerbiedige gedoe Jezus' vreugde getemperd heeft, wordt ons niet verteld, maar het zou heel goed kunnen. Wij zouden dat heel goed kunnen begrijpen, want onze oorsprong ligt uiteindelijk in het paradijs, waar de wet van God het één en het al was: Hem dienen en liefhebben. En nog steeds is dit het ware mens-zijn: God liefhebben en dienen en aanbidden.
Zo kunnen/mogen ook wij echt mens zijn, zelfstandig onze levensweg gaan, als 'zonen (en dochters) der wet'. En dan is de wet niet een last of zwaar juk, maar een zaak van grote vreugde.
Vanzelfsprekendheid
Naast een zaak van grote vreugde was het bezig zijn in de dingen des Vaders voor Jezus ook een zaak van vanzelfsprekendheid.
Dat kwam vooral uit in de gesprekken met de leraren in de tempel en de reactie van de leraren: Zij stonden verbaasd over Zijn verstand en Zijn antwoorden. Jezus zal niet als een volwassene gesproken hebben, maar als jongen van 12jaar.
En in de antwoorden, die Hij gaf op de misschien wel spitsvondige vragen van de wijze mannen, kwam de liefde voor de dingen van Zijn Vader zo eenvoudig uit, dat het verbazing wekte bij de betrokkenen en de omstanders.
Ook vandaag nog kan zo'n eenvoudige vanzelfsprekende liefde voor God en Zijn gebod verbazing wekken bij omstanders.
In eenvoudigheid was Jezus zo bezig met de dingen Zijns Vaders.
Dat was voor Hem vanzelfsprekend.
De tempel in de hemel
Toen Jozef en Maria uiteindelijk een eind kwamen maken aan de eenzaamheid van hun kind, en ontsteld vroegen: kind, waarom heb je ons dat nu aangedaan? we hebben je met smart gezocht!, - toen was het voor Jezus vanzelfsprekend dat Hij zei: Mij zoeken?
och, dat behoeft niet, want ik ben nu een 'zoon der wet', ik ben steeds bezig met de dingen van Mijn Vader, die ik liefheb; dan verdwaalt een mens niet!
Op onze vraag, vandaag de dag gesteld: hoe kan een kind van 12 jaar zo zelfstandig zijn weg gaan?, kan het antwoord alleen maar zijn dat dat alleen maar kan door, ook vandaag, je hand te leggen in die van de hemelse Vader! En dat geldt voor volwassenen natuurlijk net zo goed! Want die weg, die een mens gaat, leidt naar de tempel in de hemel, waar God woont.
Want 21 jaar na Zijn eerste verblijf in de tempel is Jezus als het Paaslam gestorven en is het gordijn van de tempel gescheurd: de toegang tot God is vrij.
Laten ook wij dan met vrijmoedigheid tot God gaan en bezig zijn met de dingen van onze hemelse Vader. Dat is een zaak van grote vreugde, en tegelijk eigenlijk ook heel vanzelfsprekend.