Pastorale notitie

1995-01-27
  • Jaargang 39
  • nummer 2
Terugkeer -In memoriam 2
De zoon.
Terugkeer. Midden in de kerkelijke strijd: "Zal ervoor zorgen dat u uit deze omgeving weggaat". Een paar dagen voor zijn dood: "Dankbaar dat u hier bent gebleven ".
Terugkeer. Hij buigt mensenlevens naar zich en naar elkaar.
Wij vinden dat we zo weinig van Hem merken. Maar als we dit dan wél doen, moeten we het ook maar eens zeggen.
Bij dezen.
Terugkeer. Hij brengt het verloren paradijs weer terug.
Meer nog: er komt een vernieuwde aarde onder een vernieuwde hemel en er komen vernieuwde dingen, planten, dieren, mensen. Er zal geen greintje dood meer zijn.

De vader.
Zondagavond. Ziekenhuis.
Een lachje ter begroeting. Vragen beantwoorden met 'ja' en 'nee '.
Ik lees de profetie: nieuwe hemel en nieuwe aarde, geen kinderen voor een vroegtijdige dood, geen grijsaard die zijn dagen niet voleindigt, geen kwaaddoen op de heilige berg. En ik lees de vervulling: nieuwe hemel en nieuwe aarde, nieuwe mensheid, alle tranen afgewist, geen dood en geen moeite meer.
"Dat is andere koek", zegt hij.

Even later: gebed.
Danken, dat we in de loop van ons leven worden opgevoed tot volwassen mensen, die zelfstandig voor Hem kunnen staan. Danken ook, dat soms wegen elkaar kruisen en dat we dan samen voor Hem mogen staan.
Er wordt meer gezegd, maar hier gaat het om. Dit moet gezegd.
Hij was niet iemand die bij ieder bezoek bijbellezen op prijs stelde. Dat kon hijzelf wel. Hij stond zelf voor zijn Heer, volwassen. Zelfs zijn kerkelijke opstelling de laatste tien jaar getuigde daarvan.
Dit is ook het doel van alle ambtelijke zorg: dat we niet meer onmondig zijn, maar volwassen gelovigen.
Afgezien van de laatste tijd, toen hij zienderogen achteruitging, heb ik in zijn huis veel indringende gesprekken gehad.
Diep de gereformeerde leer en het christelijke leven in. Dit waren de ogenblikken waarop ons - over en weer - de vruchten van een heel leven in de schoot vielen. Op kruispunten vorm je samen het verkeer.
Op een kruising van gelijkwaardige wegen moet je verkeer van rechts - de ander - voorrang geven. Doe je dit niet, dan ontstaat er een botsing.
Zulke botsingen zijn er geweest tussen ons. Ik heb daar in het publiek over geschreven, "dat de Here ons in de loop der jaren diéhter bij Hem en dicht bij elkaar heeft gebracht. Ik denk soms wel eens dat de beste vriendschappen ontstaan door tranen heen. En ik denk ook dat dit zo 'n vriendschap, zo 'n broederschap, is."

Wat voelen mensen voor elkaar? Misschien kun je dit alleen maar uitdrukken in een glimlach, een handdruk - de laatste, op een zondagavond in een ziekenhuis ...

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief