Hunkeren naar meer
1995-02-10
Het wemelt in onze cultuur van allerlei cursussen,waarmee je je persoonlijkheid kunt ontdekken en je vaardigheden kunt versterken. Op geestelijk gebied zijn er eveneens steeds meer boeken of trainingen te vinden: toerusting voor ambtsdragers, een 60 minuten gaventest, genezing van beschadigde emoties. Het is niet allemaal slecht, hoewel we moeten beoordelen uit welke bronnen geput wordt. (Met oosterse meditatietechnieken in een westers jasje schieten we niet echt op.) Veel komt uit de Verenigde Staten.- Jaargang 39
- nummer 3
Nu lijkt het mij toe, dat we in dit land lijden aan een fobie voor Amerika. Dat geldt ook voor de Nederlandse christenen.
Je hoeft maar te zeggen dat het boek/idee/model van de overkant van de Grote Plas komt en het wordt per definitie al afgeschreven. Des te opmerkelijker in dit verband is de serie artikelen van Kamsteeg en anderen, die de afgelopen maanden in het ND verschenen is, met name de vreugde die de auteurs ten toon spreiden. In het land van televisie-christendom en ogenschijnlijke oppervlakkigheid werden ze bi ij verrast door de diepgang en de geestelijke rijkdom. Het is niet mijn bedoeling om die artikelen te gaan bespreken, al zijn ze zeker de moeite waard om gelezen te worden.
Waar het me nu om gaat is dat er talloze mensen rondlopen met een hart dat hunkert naar meer en beter. Hoe staan we tegenover dit fenomeen?
In onze kringen wordt regelmatig geschreven over de groeiende invloed van 'de evangelischen'. Doorgaans nogal defensief en mopperend. Maar afgeven op methodisme en oppervlakkig halleluja-geroep weerhoudt honderden mensen niet om elk jaar over te gaan naar een evangelische gemeente, waar ze een stuk blijheid en groei en hartstocht ervaren. Wanneer komen we eens serieus tegemoet aan de klacht van deze veelal positieve mensen? Alleen maar roepen dat we ook van de evangelischen kunnen leren, zonder dat dit concreet gemaakt wordt, heeft geen zin.
In onze gereformeerde wereld heerst een terechte angst voor perfectionisme (dat je als christen in dit leven volmaakt heilig kunt worden) vanuit een geweldig besef van de diepgewortelde invloed van de zonde in onze natuur. We zijn afkerig van snelle oplossingen en 7-stappenhandboeken voor een gelukkig huwelijk en dergelijke.
Maar zijn we ook niet ongelukkig met uitspraken van Paulus dat we ons uit moeten strekken? Wat denkt u b.v. van 1 Kor. 12:31? Dat "Streeft naar de hoogste gaven" lezen we toch graag met de volgende zin erbij: "En ik wijs u een weg, die nog veel verder voert."
Om vervolgens te concluderen, dat de liefde pas echt belangrijk is en om tenslotte de geestesgaven te laten voor wat ze zijn: een dode letter die we in de Schrift nu eenmaal tegenkomen.
We vergeten daarbij 1 Kor. 14:1 "Jaagt de liefde na en streeft naar de gaven des Geestes ..."
Ik pleit niet voor het maken van een 60 minuten gaventest als instantoplossing.
(AI is dit een aardig hulpmiddel om mensen praktisch en concreet op weg te helpen.) Evenmin voor het landelijk invoeren van de Opwekkingbundel.
(AI staan daarin vele goede en melodieuze liederen die ons hart meer raken dan de doorgaans wat afstandelijker Gezangen.) Zulke dingen raken nog niet de kern.
Paulus heeft gehunkerd naar de volmaaktheid.
In Filippenzen hoofdstuk 3:10-14 vertelt hij ons daarvan: "AI wat ik wens is Christus te kennen en de kracht te ondervinden van zijn opstanding: te delen in zijn lijden en aan Hem gelijk te worden in zijn dood, in de hoop zelf de opstanding uit de dood te bereiken. Ik beweer niet, dat ik al geslaagd of al volmaakt ben. Maar ik zet wel door om eens te grijpen waarvoor Christus mij gegrepen heeft. Nee broeders en zusters, ik verbeeld me niet, er al te zijn. Alleen dit: ik vergeet wat achter mij ligt; ik ga recht op mijn doel af om de hemelse prijs te behalen waartoe God mij geroepen heeft in Christus Jezus." Deze woorden van de apostel lijken enkel te slaan op het leven na de dood. Maar in feite heeft hij het over een levenshouding. Paulus weet dat hij op weg is naar de volkomenheid.
En die weg bestaat uit levensheiliging en groei naar gelijkvormigheid aan het beeld van Jezus Christus. Die weg is hij ingeslagen en op die weg gaat hij vastbesloten voort.
Hij wordt gedreven door zijn verlangen naar de totale volmaakheid die eens bij Christus' komst te vinden zal zijn.
Hier is dezelfde apostel aan het woord, die elders geschreven heeft: "ik ben vlees, verkocht onder de zonde. Ik ellendig mens!" Blijkbaar kan dat dus samengaan: een diep besef van de grondige verwevenheid van de zonde in ons leven én tegelijk een hunkering naar volkomenheid en een aktief streven om die volmaaktheid nual in dit leven gestalte te geven.
En daaruit komen schuldbelijdenissen en lofzangen voort. Daaruit komt die geweldige gedrevenheid van de apostel voort, die hem doet ijveren om anderen Christus bekend te maken en hem doet huilen over mensen die het Evangelie verwerpen of die van de Weg afraken.
Hebben we hier niet een geweldige boodschap voor de kerk en de wereld?
Doen we onszelf in de kerk niet tekort door nauwelijks te luisteren naar die signalen van hunkering? Kamsteeg en zijn reisgenoten hebben in Amerika diepgelovige orthodoxe christenen ontmoet, die geworsteld hebben met de vraag naar vernieuwing en echtheid van hun leven. Auteurs als Packer en Crabb hebben daarbij anderen praktisch op weg geholpen bij hun verlangen naar meer.
Indien we als gereformeerden geloven in de diepgang van onze traditie, laten we die dan ook voluit ten toon spreiden om mensen tegemoet te komen in hun verlangen. Laten we daarbij niet vergeten ook vorm te geven aan de diepe vreugde die het geloof ons geeft.
Dat hoeft heus niet te gebeuren door het roepen van halleluja's ',Maar wie met een droevig gezicht en een grafstem verklaart bijzonder blij te zijn, is ongeloofwaardig. Enthousiasme! Mag het een beetje meer zijn?