De echte koers van het NBG

1995-03-10
  • Jaargang 39
  • nummer 5
De echte koers van het NBG
In Opbouw van 24 februari jl. stond een bericht n.a.v. een brochure van de hand van drs. J.G. van der Land. De kop van het artikel bevatte het suggestieve citaat 'De bijbelkritische koers van het NBG'.
Het Nederlands Bijbelgenootschap ziet als kern van zijn doelstelling het vertalen en verspreiden van de Bijbel. Zo werd en wordt gewerkt aan verschillende vertalingen van de Bijbel, zo worden betaalbare bijbeluitgaven verzorgd en verspreid.
Het uitgeven van andere boeken dan Bijbels doet het NBG slechts in beperkte mate en deze activiteiten moeten kostendekkend zijn, zodat geen gelden van contributies en kerkkollektes daarmee is gemoeid.

In de publicatie van drs. Van der Land wordt (opnieuw) ingegaan op twee uitgaven van het NBG, waarop hij zijn kritiek richt.
Het boekje 'Help! Ik lees de Bijbel' is al in 1980 uitgegeven en daarna enige malen aangevuld. Het wil jonge mensen op weg helpen in hun kennismaking met de Bijbel. ('Heeft u misschien iets voor mijn zoon ...?'). Inmiddels is besloten om deze uitgave niet meer te herdrukken of te herzien. Het NBG overweegt of een andere uitgave voor jongeren mogelijk is.

'Het verhaal van de Bijbel' is al in 1984 gepubliceerd. Het is een compact leerboek over ontstaan, vertalen en verspreiden van de Bijbel. Dit boek is over het algemeen positief ontvangen en wordt in diverse opleidingen gebruikt.
Enige auteurs hebben veel informatie in kort bestek bijeengebracht.
Verschillende visies op de omgang met de bijbelteksten worden behandeld, evenals verschillende methodes om de bijbel te vertalen. Dat moet in een leerboek kunnen. "De lezers worden uitgenodigd hun betoog aandachtig te volgen en voor zichzelf uit te maken waar de belangrijkste vragen liggen en welke opvattingen hun het meeste aanspreken. Dat doende, kunnen zij lezen en tegelijk merken dat inzicht in deze geschiedenis hen zal helpen bij het lezen en verstaan van hun (vertaalde) bijbel", aldus prof.dr. K.R. Veen hof in het 'Woord vooraf'.
De laatste herziening van 'Het verhaal van de Bijbel' is veel grondiger geweest en het resultaat is niet zo een"
zijdig als Van der Land suggereert. De zogeheten 'bronnentheorie' wordt genoemd, maar zeker niet kritiekloos.
Bij de herziening zijn allerlei nieuwe ontwikkelingen vermeld, maar is er ook op gelet dat verschillende visies evenwichtig worden gepresenteerd.
De vraag kan opkomen of dat op zich wel moet. Het NBG heeft een lange traditie van het dienen van de verschillende kerken en geloofsgemeenschappen en respecteert de verschillen die er zijn m.b.t. tot de canon van de Heilige Schrift, vertaaltradities en visies op de Bijbel. Een vereenzelviging met een bepaalde visie - ook al presenteert deze zichzelf als bijbelgetrouwzal dus niet van het NBG verwacht mogen worden.
Wat velen in de kerken - en in het Bijbelgenootschap - verbindt, is het geloof dat Gods Woord zelf spreekt en onze verdediging niet nodig heeft. Drs.
Van der Land heeft deskundigheid opgebouwd op het gebied van de bijbelse archeologie en is overtuigd van bepaalde (vroege) dateringen van bijbelboeken. Dat is zijn goed recht.
Daarmee is de (wetenschappelijke) discussie over deze zaken echter niet afgelopen. Het is ook onnodig om deskundigen die tot andere conclusies komen af te doen als 'bijbelkritisch' , omdat gegevens vanuit onder meer het historisch-kritisch onderzoek worden gebruikt.
Geldt ook in deze discussie niet dat de achtergrondgegevens overschat worden?
Is een bepaalde visie op de ouderdom van een bijbelboek een garantie voor het goede verstaan? Kan bijvoorbeeld het noemen van de mogelijkheid dat (delen van de) boeken van het Oude Testament tijdens of na de Babylonische ballingschap zouden zijn geschreven - om een van de gewraakte punten te noemen - niet voortkomen uit studie en uit oprechte pogingen om de teksten te verstaan?
En nogmaals: 'Het verhaal van de bijbel' is een beknopt leerboek en zeker geen verplichte stof of dé visie van het NBG.

De bovengenoemde discussie slaat slechts op 1 % van al het werk van het Bijbelgenootschap. De grote uitdagingen voor de toekomst - een nieuwe bijbelvertaling, de zorg om het afnemend bijbelgebruik, de vraag naar de bijbel wereldwijd - vormen de 99%.
Die taken zijn herkenbaar voor de christenen in ons land en zij steunen' daarom het NBG. Dat gebeurt zeker niet onkritisch. Signalen van leden en afdelingen worden serieus genomen.
Zo zijn er ook ontwikkelingen in het beleid als hierboven aangegeven. Van de échte koers wil het Nederlands Bijbelgenootschap graag verantwoording afleggen.

C. van der Hoeven

Drs. C. van der Hoeven is algemeen secretaris van het Nederlands Bijbelgenootschap

(Door de redaktie bekort; diskussie gesloten.)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief