Vragen van toen - vragen van nu

1995-05-05
  • Jaargang 39
  • nummer 9

Vraag en antwoord
Iedereen zal het wel met me eens zijn dat de bovenstaande vraag belangrijk is. Zoals hij hier geformuleerd staat, is het een algemene vraag. Maar je kunt hem ook heel persoonlijk stellen: wat maakt mijn leven waardevol? Ik denk dat alle mensen wel eens met die vraag geconfronteerd worden en ermee bezig zijn of geweest zijn. Misschien hebt u er voor uzelf een bevredigend antwoord op gevonden. Misschien ook niet eri is het nog steeds een vraag voor u. Of misschien denkt u diep in uw hart, dat er niets is dat uw leven waardevol maakt en dat uw leven dus waardeloos is. Maar hoe dat ook zij, deze vraag houdt iedereen, jong of oud, wel eens bezig. De antwoorden die erop gegeven worden, zijn heel gevarieerd. Laat ik er een aantal van noemen.

- Er zijn mensen die zeggen: geld maakt het leven waardevol. je moet zien dat je goed in de slappe was komt te zitten, je kunt omringen met luxe en alles kunt aanschaffen wat je hebben wilt, zoals een blinkende sportauto en een duur zeil- of motorjacht.
Je moet zorgen dat je beantwoordt aan het ideaal van Veronica en van de reclame: jong - sportiefzorgeloos.
Als je dat allemaal weet te bereiken, is je leven de moeite waard.
- Anderen zeggen: je hebt een waardevol leven als je erin slaagt om in de maatschappij een sleutelpositie te veroveren en macht uit te oefenen.
Als je de mensen naar jouw pijpen kunt laten dansen, de gebeurtenissen en ontwikkelingen naar jouw hand kunt zetten en jouw stempel erop kunt drukken, ja, dan is je leven waardevol.
- Nog weer anderen zeggen: je bestaan is pas echt waardevol als je anderen kunt helpen en je persoonlijk kunt inzetten voor mensen in nood, voor zieken, vluchtelingen, hongerigen en verslaafden. Als je dat doet en daar je leven aan wijdt, heeft het pas echt waarde.
- Weer anderen zeggen: je leven is waardevol als het gekenmerkt wordt door strijd voor maatschappelijke en sociale gerechtigheid voor alle mensen, als je meeloopt in demonstraties tegen alle mogelijke vormen van onrecht in de wereld, tegen racisme en discriminatie en vreemdelingenhaat en als je je inzet voor een beter milieu. Dat alles maakt je leven waardevol.
- Er zijn er ook die zeggen: je leven was waardevol als er bij je dood Iilerdenkingsartikelen over je verschijnen in de krant, als er melding van gemaakt wordt in het T.V. journaal en natuurlijk helemaal als je naam een plaatsje krijgt in de geschiedenisboeken.
Ja, dan heb je het gemaakt.

Je doelstelling waarmaken
Dat zijn allemaal heel verschillende antwoorden. Maar toch hebben ze één ding gemeenschappelijk. Ze zeggen allemaal dat je leven pas waardevol is, als je je doelstelling bereikt en erin slaagt die te realiseren. Die doelstellingen zelf kunnen heel ver uit elkaar liggen en door iedereen weer anders ingevuld worden. Maar waar het op aan komt, is dat je die doelstelling verwerkelijkt en je droom waarmaakt.
Dat maakt het leven waardevol.
Als dat waar is, houdt dat in dat het leven van het overgrote deel van de mensen waardeloos is. Want wie van al die mensen die ervan dromen eens een riant en luxe motorjacht te bezitten, bereiken hun ideaal? Dat zijn er niet zoveel.
En wie van al die mensen die naar een machtspositie streven, slagen daar ook in? De meesten niet. Nou ja, in hun gezin misschien. Daar leven ze dan hun verlangen naar een machtspositie uit op hun kinderen. Maar dat is toch wat al te mager, te zielig ook, om als verwerkelijking van hun droom te geIden.

En wie van al die mensen die de waarde van hun leven zoeken in het helpen van mensen, bereiken het niveau van een Florence Nightingale of een Albert Schweitzer? Die moet je met een lantaarntje zoeken. De overgrote meerderheid van hen blijft steken in de kleinschaligheid: een pannetje soep voor een zieke buurvrouw en het slepen van de auto van de buurman, die niet wil starten.
En ja, meedoen aan demonstraties kan iedereen. Als je dat wilt, kun je er bijna dagwerk aan hebben. Maar als je na een aantal jaren terugkijkt en je afvraagt wat het heeft uitgehaald en hoe vaak het werkelijk tot verbetering van de situatie geleid heeft, moet je eerlijkheidshalve erkennen: in de meeste gevallen hebben we er niets mee bereikt en was het zinloos.
En wie van al die mensen die ervan dromen beroemd te worden, slagen daar ook in? Dat zijn uitzonderingen.
Er zijn niet veel mensen over wie bij hun dood herdenkingsartikelen in de pers verschijnen. Er zijn nog minder mensen wier namen in de geschiedenisboeken terecht komen. De meeste mensen sterven zonder dat het tot de buitenwereld doordringt. Alleen hun familie en hun onmiddellijke omgeving hebben er weet van en worden erdoor geraakt. Aan de grote massa gaat hun dood voorbij. Die beseft niet dat er weer iemand minder op aarde rondloopt.

In de greep van de zinloosheid
Ruim vijftig jaar geleden overleed er een grootvader van me. Ik kan me zijn gezicht nog vaag herinneren. En er zijn nog een paar mensen - niet veel meer - die zich hem nog te binnen kunnen brengen. Als er nog eens vijftig jaar verlopen zijn, leeft ook van hen niemand meer. Dan is er niemand meer die weet dat mijn grootvader ooit bestaan heeft en wat hij gedaan heeft.
Zo gaat het met de meeste mensen.
Ze leven, werken, sterven en verdwijnen in de vergetelheid. Wat voor zin heeft zo'n leven? Bestaat de zin van hun leven alleen maar hierin, dat ze een schakeltje gevormd hebben in de keten van de generaties? En worden ze dan voorgoed opgeslokt door de dood? Is dat het dan geweest? Als daar alles mee gezegd zou zijn, zouden uiteindelijk de zinloosheid en de dood - dat toppunt van zinloosheid het laatste woord hebben. En als je om je heen kijkt in de wereld, zegt Paulus in Rom. 8:18vv, zie je inderdaad ook dat de schepping is onderworpen aan de vruchteloosheid.

Vruchteloosheid, ijdelheid.
Die woorden willen in de taal van de bijbel zeggen, dat het allemaal voor niets is, dat het zinloos is en nergens toe leidt. Daaraan is de schepping onderworpen, zegt Paulus. Ze verkeert in de greep ervan. Heel de schepping - niets uitgezonderd, ook de mens niet - is in de greep der zinloosheid gekomen. Dat geldt voor heel de schepping, niet slechts voor alles wat met ellende en lijden te maken heeft.
Wat dat laatste betreft willen veel mensen nog wel met Paulus instemmen.
Als ze geconfronteerd worden met de enorme hoeveelheid ellende in de wereld, met ziekte, pijn en rampen, met verwronçen en geschonden levens, met mismaakte, gehandicapte mensen, zeggen velen: dat heeft toch geen zin? Dat is toch zinloos? Zulke levens zijn toch waardeloos? Als je beelden ziet van de waanzin in het voormalige Joegoslavië of van uitgeteerde, verhongerende mensen in Somalië of van de vliegtuigramp in de Bijlmer, zeg je toch: dat is zinloos?
Waardeloos!

Ja, maar Paulus gaat nog veel verder.
Hij zegt: de schepping in haar totaliteit is in de greep van de zinloosheid. Ook alles wat mooi en gaaf en hoogstaand is, leidt tot niets.
Het is onderworpen aan de vruchteloosheid.

Slavernij
Dat was niet de bedoeling. Het was niet Gods opzet. Zo heeft Hij de wereld ook niet gemaakt. Maar op een kwade dag is die goede schepping in de greep van de zinloosheid geraakt. Dat gebeurde toen de mens tegen God in opstand kwam. Toen is er een handle overgehaald, waardoor de totale schepping op het spoor van de vruchteloosheid kwam.
Het is precies als bij een trein. Als er een wissel verkeerd staat, gaat niet alleen de locomotief het verkeerde spoor op maar de hele trein met alles wat eraan en erin zit. Het maakt dan geen enkel verschil of je in een eersteklas rijtuig zit of in een goederenwagon.
De complete trein zit op het verkeerde spoor. Alles en iedereen loopt stuk op de vergankelijkheid.
Paulus zegt het heel kras: de schepping is de slaaf van de vergankelijkheid.
Ze zucht onder de slavernij van de vergankelijkheid. En als je om je heen kijkt in de wereld, zie je dat ook zomaar. De dingen, de planten, de dieren, de mensen, alles en iedereen is aan slijtage en bederf onderhevig, is slaaf van de vergankelijkheid.
Natuurlijk zijn wij en de schepping daar niet gelukkig mee. De schepping snakt ernaar van deze slavernij bevrijd te worden, zegt Paulus. Misschien hebt u wel eens iets willen pakken, dat zich net buiten uw bereik bevond. Je strekt je hele lichaam en je armen ernaar uit, zover je maar kunt, maar je kunt er net niet bij. Zo rekt de schepping zich ook helemaal uit, zegt Paulus. Ze gaat helemaal op haar tenen staan om de bevrijding van die slavernij te grijpen, om aan de vergankelijkheid te ontsnappen en zo werkelijk zin aan het bestaan te geven.
Diep in zijn hart heeft ieder mens weet van die slavernij. Diep weg weet ieder mens dat de vergankelijkheid op de loer ligt en wacht op het moment om toe te slaan en alle zin aan het bestaan te ontnemen. Heel de mensheid stelt dan ook vertwijfelde pogingen in het werk om eraan te ontsnappen.

Toekomst
Dat kan op allerlei manieren. Velen storten zich in het uitgaansleven. Laat ons eten en drinken en vrolijk zijn, want morgen sterven wij. Als je ernaar kijkt, zou je zeggen: bij hen is geen vuiltje aan de lucht. Maar hun vrolijkheid stoelt op de vergankelijkheid. En de dansvloer waarop ze rondwervelen, bevindt zich in de gapende muil van de dood. Lol en plezier kunnen de dood niet verschalken.
Anderen proberen zich de vergankelijkheid van het lijf te houden door fitness-trainingen, diëten, crèmes en andere smeerseltjes, een face-lift.
Maar hoe fanatiek iemand ook met zijn conditie bezig is, als hij in de spiegel kijkt, staart de dood hem aan uit zijn eigen ogen. Niets is in staat hem te verjagen en zo werkelijk zin aan het bestaan te geven. Wat mensen ook doen, hoe ze zich ook inspannen, hoeveel energie ze er ook instoppen, ze kunnen de vergankelijkheid niet overwinnen en zich niet ontworstelen aan de slavernij van de zinloosheid.
Maar wat de mens en de schepping niet kunnen, zal God doen. Er komt een moment waarop de schepping door Hem bevrijd zal worden van de vergankelijkheid. God laat zijn schepping niet vallen en niet voorgoed ondergaan in de vergankelijkheid. Hij wil zijn schepping, dit leven, ons bestaan, ontrukken aan de zinloosheid. Daarvoor heeft Hij Jezus in de wereld gezonden, die de dood zijn eerste nederlaag bezorgd heeft door op te staan uit het graf. En daarvoor zal Jezus straks ook in heerlijkheid verschijnen. Als dat gebeurt, wordt de dood voorgoed verslonden in de overwinning en wordt de . vergankelijkheid definitief uitgebannen.
Dat is de toekomst die God zal realiseren.
En je krijgt deel aan die toekomst door Jezus Christus in geloof te aanvaarden als je Verlosser. Buiten Hem om is er geen andere toekomst dan de dood. Buiten Hem om is heel ons bestaan gestempeld dor de zinloosheid.
Alleen door ons aan Hem gewonnen te geven, door met Hem in zee te gaan, verliest de zinloosheid haar greep op ons en worden we bevrijd van die slavernij.

De hemel op aarde
Deze toekomst die God zal realiseren in Christus, maakt ons leven waardevol.
Niet wat wij zelf doen of hebben maakt ons leven waardevol, maar wat God en Christus gedaan hebben en zullen doen. Daarom zien we uit naar die toekomst.
Als je vandaag om je heen kijkt in de wereld en in je eigen leven, zie je alles nog gevangen in vergankelijkheid.
Het is net als bij mist. Dan is alles in de mist gehuld. Je kunt de hemel niet zien en de zon niet. Het zicht is beperkt. De wereld is heel klein geworden. Maar op een gegeven moment merk je: het wordt lichter. Je kunt de zon nog niet zien, maar toch merk je: hij is er wel en hij is ook al aan het werk; over een poosje is de mist verjaagd en opgelost en straalt de zon in volle kracht. Middenin de mist mag er voor wie in Jezus gelooft, al de zekerheid zijn dat het anders zal worden. De zon zal doorbreken. De zinloosheid zal voorgoed verdampen.
Daarom zien we vol verlangen uit naar de verlossing van ons lichaam, zegt Paulus. Let wel: Paulus heeft het niet over de verlossing uit ons lichaam, maar over de verlossing van ons lichaam.
De bijbel leert nergens dat het lichaam niets voorstelt, dat het alleen maar om de verlossing van de ziel gaat en dat het lichaam daarom eigenlijk niet meetelt. Integendeel. De bijbel leert ons ernaar uit te zien dat ook ons lichaam verlost wordt van de vergankelijkheid.
Ik zie uit naar de verlossing van mijzelf als totale, complete mens in mijn eigen uniekheid. Daar hoort ook mijn vingerafdruk bij.
Als de totaliteit van mijn bestaan, mijn lichaam incluis, niet verlost werd, was de verlossing niet compleet. Dan had de vergankelijkheid toch nog het laatste woord. Maar zo is het niet. Dit vergankelijke lichaam zalook delen in de verlossing, zegt Gods Woord. Het zal opgewekt worden en onvergankelijkheid aandoen. Verlossing in bijbelse zin is niet dat wij straks als zielen bij God in de hemel zullen wonen, maar dat God bij ons als complete mensen op de aarde zal wonen. De hemel zal letterlijk op de aarde komen.
De uiteindelijke verlossing wordt hier op aarde gerealiseerd door God. En ik zal daarin delen als ik in Jezus geloof.
En dat maakt mijn leven nu, vandaag, waardevol. Dat geeft het zin. Geld en macht en beroemdheid maken het niet waardevol, want zij kunnen niet tegen de vergankelijkheid op. Alleen de verlossing die God tot stand zal brengen kan dat.
Ik vind dat zelf een enorm boeiend en fascinerend perspectief. En ik zou het dan ook wel aan iedereen willen zeggen: ook u kunt er deel aan krijgen door in Jezus te geloven. Geloof in de Here Jezus. Dan hebt je deel aan die toekomst en is je leven nu al waardevol en zinvol.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief