Nieuwjaar
1994-01-14
Opeens is het januari. We hebben de drukke decembermaand weer achter ons. Als we op nieuwjaarsmorgen nade zang en begroetingsdienst', thuis ons tweede kopje koffie drinken met de allerlaatste oliebol er bij, dan overvalt mij altijd het lege 1 januari gevoel.- Jaargang 38
- nummer 1
Na al die feestdagen lijkt nieuwjaarsdag een kale halve zondag. En de januarimaand niet om door te komen.
Vier jaar geleden was dat even heel anders. Toen volgde toch bijna iedereen vol spanning de ontwikkelingen in Roemenië. Op oudejaarsavond 1989 schreef ik: "Er zijn de laatste twee weken bizondere dingen gebeurd. We leven echt in een tijd die in de geschiedenisboeken komt". En dan volgt een beschrijving van de opstand in de Roemeense plaats Timisoara en het einde van de dictator Ceauscescu. En: "Overal stort het communisme in. In Roemenië konden ze voor 't eerst in 24 jaar kerstfeest vieren." Het was trouwens voor ons allen een vreemde kerst. Wie zat niet aan de buis of aan de radio gekluisterd om het nieuws of de actualiteitenprogramma's te horen.
En met de geur van oliebollen in huisimmers oudejaarsavond 1989 - schrijf ik: "We komen nu in het laatste decennium van deze eeuw. Wat zal 1990, wat zullen de laatste tien jaren tot 2000 ons brengen? Maken we het mee dat onze Heer terugkomt of zullen onze kinderen het meemaken?" Hoeveel mensen hebben dat niet gedacht in die tijd. In Duitsland viel de Muur, maar daarvoor, in augustus was Irak Koeweit binnengevallen. En het Nederlands Dagblad schreef: "Dit jaar begon hoopvol voor de wereld maar eindigt zoals niemand kon voorspellen: met oorlogsdreiging." En we kregen de Golfoorlog en we dachten in het laatst der dagen te zijn omdat Israel erbij betrokken werd en alles in het Midden-Oosten leek samen te komen. Maar ook dat ging voorbij en de Here Jezus kwam niet. We moesten nog dierbare mensen begraven. Een vriendin, een schoonzus, een vader. En opeens merk je dat je leven weer zijn gewone gangetje gaat. De spanning is er uit.
Want waar in de wereld is eigenlijk geen ellende behalve hier bij ons. Dat kleine stukje West-Europa waar wij het allemaal zo goed hebben. Waar we nooit genoeg krijgen van nog meer luxe en waar we leven of het maar niet op kan. Behalve dan de overstroming in Limburg. Vreselijk als je er mee te maken krijgt. Maar daar wordt van alle kanten hulp geboden. Erger zijn de beelden uit Bosnië en Somalië. Daar kan ik maar niet aan gewend raken.
En nu de laatste jaarwisseling. We weten dat er nog steeds geen oplossing is in voormalig Joegoslavië. En het is onzeker wat er allemaal in Rusland en Zuid-Afrika gaat gebeuren.
Wat trouwens te denken van Israël en de PLO? En toch ben ik persoonlijk niet meer zo gespannen op de komst van onze Heer als een paar jaar geleden.
Iedereen die de geschiedenis wil narekenen of voorrekenen zoals Hal Lindsay dat deed, komt voor onverwachte dingen te staan. Ik denk wel eens, toen de Here Jezus werd geboren was dat ook zo'n verrassende en onberekenbare gebeurtenis. Geen mens in die tijd heeft er aan gedacht dat de komst van de Zaligmaker zó zou zijn. Ongetwijfeld is dat met zijn tweede komst ook het geval. Zeker, we hebben het boek Openbaring. En er is veel onderzoek gedaan en de kennis is enorm toegenomen. Maar geen mens kan het einde van onze wereld en de manier waarop dat zal gebeuren en de komst van onze Heer ook maar bij benadering voorzeggen. Aan de ene kant wil je dat meemaken. Als kind hoopte ik dat al. Dan hoef je tenminste niet dood. Maar veranderen in een 'punt des tijds' is misschien ook wel erg. En ik constateer bij mezelf dat ik het allang weer goed vind, zo. Uw koninkrijk kome en kom haastig Heer, zijn woorden. Geen werkelijkheden.
Heer kom gauw want het is een puinhoop in de wereld, maar nu nog even niet want we hebben nog zoveel te doen. Dat zei Okke Jager al in dat bekende gedicht.
En je komt het bij veel meer dichters en schrijvers tegen. Sterker nog, onze kinderen denken zo en wijzelf meestal ook. Dat is de werkelijkheid van vandaag.
Want aan wie je het ook vraagt, aan kinderen of ouderen, het hoeft voor ons nog niet. We hebben toch een stil en gerust leven. Een burgeroorlog in ons land? Kom nou. Er is geen Fries of Zeeuw die het in z'n hoofd haalt een aanval te doen op de rooie Zaankanters.
En zolang we maar gezond zijn en goed te eten hebben kunnen we zo nog jaren doorgaan.
De mens is uit de aarde, aards. Als gelovigen weten we dat we eens het beeld van de hemelse zullen vertonen.
Maar nu zegt ons dat nog zo weinig.
We kunnen er ons ook niets bij voorstellen. En toch hoeft God ons maar met een vinger aan te raken om ons te veranderen. Wij lazen pas aan tafel het eerste hoofdstuk van het boek Ezra. De Here wekt de geest van koning Kores op zodat Juda en Benjamin uit ballingschap terug kunnen keren naar Jeruzalem. Ze krijgen, behalve het gerei uit het huis des Heren ook nog allerlei kostbaarheden mee van de bevolking. Zo kan de Here mensenharten bewerken. Daar moeten we dus maar goed rekening mee houden.
Op eerste kerstdag hebben de kinderen in de kerk een versje van Koos gezongen, op een melodietje uit de tekenfilm Junglebook:
Heer U bent dan toch gekomen
op het kerstfeest in de nacht
al verwachtten U de vromen
toch kwam U nog onverwacht
onverwacht, onverwacht
al verwachtten U de vromen
toch kwam U nog onverwacht
Heer zo zult U wederkomen
overdag of in de nacht
al verwachten U de vromen
toch komt U nog onverwacht
onverwacht, onverwacht
al verwachten U de vromen
toch komt U nog onverwacht.