Schaamte (1)
1995-09-08
Met de vraag van de menselijke schuld bevind je je in het hart van het christelijk geloof, zo schreef ik een paar maanden geleden in Opbouw 1. God is werkelijk met een enorm probleem bezig geweest – en nog steeds bezig – toen Hij voor de mens een uitweg zocht uit de kwestie van de schuld. Die menselijke schuld is complex van aard om tal van redenen, zo schreef ik. Te denken valt aan het ‘relationele’ van de schuld, omdat schuld gemaakt wordt tegenover God of de naaste. Daar komt bij dat het persoonlijke en het collectieve in de schuld vaak moeilijk te scheiden zijn. En ook noemde ik het verschijnsel, dat onze 20e eeuwse medemens met zijn vage godsbesef de schild minder ‘boven tafel’ krijgt en rond blijft lopen met onbestemde schuldgevoelens.- Jaargang 39
- nummer 18
Schuld en schaamte
Daar aangekomen moest ik denken aan een hoofdstuk uit een lezenswaardig boek van ds. W.G.Rietkerk, waar het in één van de hoofdstukken gaat over 'schuld of schaamte". Aan het eind van dat hoofdstuk vind je de vraag waarom schuld- en schaamtegevoelens zo moeilijk te onderscheiden zijn. Dat was ook mijn ervaring bij het schrijven van de artikelen over schuld, vooral toen het ging over het besef van 'tekortschieten' onder ons en onder de mensen om ons heen.
Moet je bij die gevoelens van 'tekortschieten' niet eerder aan schaamte denken dan aan schuld, zo aarzelde ik. Wim Rietkerk onderscheidt beide door te zeggen, dat schuld te maken heeft met het overtreden van een gebod en schaamte het gevolg is van teleurgesteld zijn in jezelf. Dat is een heldere onderscheiding, die ons in de omgang met de vastgelopen mensen om ons heen kan helpen. Hij verbindt daarmee de gedachte dat onze cultuur steeds meer opschuift in de richting van een schaamte-cultuur in plaats van een cultuur, die zich uitspreekt in termen van schuld. Het besef van het overtreden van een gebod wijkt terug en daarvoor in de plaats komt het besef van falen, met daaraan gepaard angst en schaamte. Bovenstaande overwegingen brachten me er toe om na 'schuld' ook nog iets te schrijven over 'schaamte'.
Schaamte en zonde
Het eerste wat ik kwijt wil is, dat de schaamte op één of andere manier een gevolg is van de menselijke zonde. Ik moest denken aan de uitdrukking 'waar rook is, is vuur'. Zo'n soort verband is er ook tussen schaamte en zonde. Als ergens de rook van de schaamte opstijgt, wijst dat op het vuur van de zonde. AI zal dat verband tussen zonde en schaamte van geval tot geval verschillen, omdat je schaamte in alle soorten en maten hebt.
Schaamte en gebrokenheid
Heel los is het verband tussen schaamte en zonde, wanneer iemand zich schaamt voor een handicap, voor overspannenheid of in het geval van werkloosheid. Niet dat dan het verband tussen schaamte en zonde ontbreekt, maar het loopt wel via een tussenschakel als 'gebrokenheid', die in het gevolg van de zonde de wereld is binnengekomen.
Zo is er de gebrokenheid in het lichamelijke of psychische. En deel je daar op één of andere manier in, dan kan dat gevoelens van minderwaardigheid en schaamte teweegbrengen. Datzelfde is te zeggen van de gebrokenheid in het maatschappelijke, uitkomend in iets als werkloosheid. Menigeen, die om die reden thuis komt te zitten, schaamt zich tegenover buurt en vrienden.
Het gaat in al die gevallen om schaamte, die opkomt in de gebrokenheid van het mens-zijn, waarbij het directe verband tussen zonde en schaamte ontbreekt. Je merkt dat ook aan het feit dat je bij deze vormen van schaamte doorgaans niet van schuld kunt spreken. En als er sprake is van schuldgevoelens dan zijn ze in veel gevallen niet terecht.
Gebrokenheid en idealen
Bij deze vormen van schaamte moet je eerder denken aan de idealen, die we hebben (of die we ons door anderen laten opdringen) en waarbij schaamte opkomt als het ons niet lukt om aan die idealen toe te komen. We zijn niet zo mooi qua uiterlijk of zo knap qua intellect, als we onszelf zouden willen hebben. En dat kan gemakkelijk gevoelens van minderwaardigheid en schaamte geven. Hoeveel scholieren schamen zich niet, omdat ze niet toekomen aan de verwachtingen van hun ouders en vrienden - of ook aan eigen idealen. Of als je je werk hebt, maar je rooit het niet op die positie. Of je faalt (denkt te falen) in de opvoeding van je kinderen. Of je loopt vast in de meest unieke relatie, die je als mens kunt hebben.
Overal is er de rook van de schaamte. En ik zeg er bij - op één of andere manier is er dan ook het vuur van de zonde. Soms heel direct, zodat schaamte zichtbaar vastgeklonken is aan zonde en schuld, maar op andere momenten heb je te doen met schaamte, die opkomt uit een meer algemene menselijke gebrokenheid. Aangewakkerd door de idealen, die we in ons hoofd hebben.
Schaamte en schuld
In twee andere voorbeelden ligt dat duidelijk anders dan in het eerste voorbeeld. Ik heb wel eens gehoord van iemand, die zich schuldig maakte aan de beroving van een oude vrouw, maar zich in de dagen daarna ging schamen over zijn minne streek. En vanuit de onderscheiding van Rietkerk kun je nog een stap verdergaan en zeggen, dat hij zich ten diepste schaamde voor wie hij was: wat ben ik eigenlijk voor een vent, die zoiets uithaalt?
Het verband tussen zonde en schaamte is hier heel direct. Want de overvaller is zich zijn zonde en schuld bewust geworden en schaamt zich. Nog weer anders ligt het verband tussen schaamte en schuld, wanneer er sprake is van schaamte bij het slachtoffer van een misdrijf. Vooral bij een delict als een aanranding kan het gebeuren, dat niet de dader, maar het slachtoffer zich schaamt en lijdt aan diepe gevoelens van minderwaardigheid. Neem b.v. de aanranding van Tamar door Amnon, haar halfbroer. "Waarheen zou ik met mijn schande gaan", zegt ze. Ze voelde zich een wegwerpartikel en ze ging wonen als een eenzame - zo eindigt 2 Samuël 13. Als je het hier hebt over het verband tussen zonde, schuld en schaamte, blijkt de grove zonde van de één (de dader Amnon) diepe schaamte bij de ander (het slachtoffer Tamar) veroorzaakt te hebben. Aan de schaamte van Tamar kleeft de schuld en de zonde van Amnon.
Ook bij deze laatste twee voorbeelden kan ik nog wel iets met de term gebrokenheid, maar het is dan wel gebrokenheid, waarbij zonde en schuld direct om de hoek liggen.
Genesis 2/3 en de schaamte
Het is goed om op dit punt Genesis 3 op te slaan, de geschiedenis waar zo indringend wordt geschreven over het moment dat de zonde de wereld is binnengekomen. Waar de mens met één misgreep schuld en schaamte over zich heen haalde. Eigenlijk moet je al gaan lezen in Genesis 2, wanneer God als de grote vriend van de bruidegom de bruid bij de mens heeft gebracht. Dan lees je: "En zij beiden waren naakt, de mens en zijn vrouw, maar zij schaamden zich voor elkaar niet". Hier, bij het slotstuk van de scheppingsgeschiedenis, klinkt de schaamte heel lichamelijk en ik zou dat aanvankelijk ook zo willen houden. Om open te worden voor het wonder, dat God hiervan iets heeft overgelaten, omdat Hij in de unieke relatie tussen één man en één vrouw de schaamte wil bedekken ... door de liefde. Het is anders dan bij de eerste mensen in de ongebrokenheid van het paradijs, waar het als van nature goed viel. Toen hoefde er niets van schaamte overwonnen te worden. Dat is nu anders, omdat de zonde de wereld is binnengekomen, maar toch is het er als genadig geschenk van God!
De schaamte: lichamelijk en ..
Schaamte klinkt lichamelijk, zei ik. Wie de concordantie openslaat zal zien dat het woord 'schaamte' in de bijbel niet zelden de betekenis heeft van de minder edele leden, om het met Paulus te zeggen. De schaamte ... als je die ontbloot bij een ander, dan ga je een uiterst gevoelige en beslissende grens over - zo leer je uit de wetten van het Oude Testament. Opmerkelijk eigenlijk dat dàt de sfeer is van de richtlijnen van het Oude Testament, hoeveel er ook anders is tussen toen en nu. Dat er tussen de ene mens en de ander zo nadrukkelijk grenzen zijn getrokken. Verwonderlijk ook dat die boodschap van de Thora staande is gebleven, gezien alles wat er in die oude tijden op dit punt mis is gegaan.
Psychisch, geestelijk
Maar nu maak ik het breder. Schaamte klinkt lichamelijk, maar blijft daartoe allerminst beperkt. Zoals ook 'het worden tot één vlees' uit het slot van Genesis 2 meer is dan alleen de sexuele gemeenschap. De naaktheid zonder schaamte betekent, dat de eerste mensen voor elkaar een open boek waren in tal van opzichten: fysiek, psychisch, maar ook geestelijk. En dat alles was verankerd in een ongeschonden verhouding met God.
Noten:
1. In Opbouw, 39e jaargang, nr. 3, 4 (10 en 24 februari 1995).
2. W.G. Rietkerk, Ik wou dat ik kon geloven; Kampen, 1992: p. 65-77.