Van Nederlands Gereformeerd tot Nederlands Sjamaan

1995-09-08
  • Jaargang 39
  • nummer 18
In 1987 verscheen de eerste druk van ‘Wegwijs in gelovig Nederland’ . Het boek was eigenlijk een soort encyclopedie van kerkelijk Nederland. Het kreeg veel belangstelling, zodat al snel een bijdruk nodig was. Onlangs verscheen een tweede – geheel gewijzigde – druk.

De inhoud van 'Wegwijs in gelovig Nederland' vertoont overeenkomsten met een klassiek standaardwerk op dit gebied: 'Kaart van kerkelijk Nederland' (door dr. C.N. Impeta). Toch zijn er ook veel verschillen. 'Wegwijs' is breder van opzet. In het klassieke werk van Impeta worden vooral de kerkgenootschappen belicht. Ook werd door Impeta ingegaan op enkele bekende theologische discussies (we vinden in de 3e druk zelfs de volledige tekst van de Open Brief aan de Tehuisgemeente).
Die leerstellige thema's komen in het register terug. 'Wegwijs' ademt veel meer de sfeer van de moderne tijd. Kerkgenootschappen komen aan bod, maar ook allerlei andere religieuze stromingen. De theologische discussies zijn meer naar de achtergrond gedreven. Men vindt ze niet in het uitgebreide register terug. De nieuwste druk van 'Wegwijs' ademt nog meer de sfeer van een veranderende tijd. Het boek is een flink stuk dikker dan de vorige editie. De vorige versie telde 276 bladzijden, de onlangs verschenen editie heeft ruim 400 bladzijden. De oplettende lezer valt het op dat de titel van het handboek ook is gewijzigd: het heet nu 'Wegwijs in religieus en levensbeschouwelijk Nederland'.

Een wonderlijke mengeling
Het handboek is dikker geworden, maar dat wil niet zeggen dat Nederland kerkser is geworden. Wel lijkt de belangstelling voor levensbeschouwelijke zaken toegenomen. Wat vooral opvalt in de nieuwe druk is het grote aantal oosterse, mystieke en New Age bewegingen dat is opgenomen. Ze worden zij aan zij vermeld met allerlei kerken en groeperingen. Deze wonderlijke mengeling werkt in zekere zin bevreemdend. Voor de doorgewinterde Gereformeerde kerkganger is het even slikken. Hij vraagt zich ongetwijfeld af of het wel terecht is dat de Nederlands Gereformeerde kerken op de voet gevolgd worden door het Nederlands Instituut voor Sjamanisme en Ritueel. Je kunt een orthodox protestantse kerk toch niet op één lijn stellen met zo'n puur heidense denkwijze? Die visies zijn toch niet gelijkwaardig? Anderzijds is de vermelding van allerlei stromingen ook verhelderend. Zelfs bewegingen als De Vrije Gedachte en het atheïsme zijn in het boek opgenomen. De aanhangers dénken 'vrij' te zijn van geloof, maar in wezen gaat het bij hen ook om een vorm van geloof. Enigszins opmerkelijk is de vermelding van stromingen als Yoga en macrobiotiek. Waar ligt eigenlijk de grens tussen een religie en een bepaalde levenswijze? Toch geldt ook hier: helemaal vreemd is deze vermelding niet, want veel gedachten uit de Yoga en de macrobiotiek vinden hun oorsprong in oosterse godsdiensten.

Uit het oosten
Wie denkt dat het wel meevalt met de oosters georiënteerde religieuze stromingen in Nederland moet dit boek maar eens op een willekeurig aantal pagina's open slaan. We doen een greep onder de letter A. Daar treffen we aan: de Agni Yoga Stichting, Ammachi, de Ananda Marga Pracaraka Sangha, de Orde van Arya Maitreya Mandala, de Arya Samaj, Ashram-
Amsterdam (centrum voor Vedameditatie), Association Zen Internationale, Aurobindo Ghose Sri en Auroville. Als andere (mede op mystiek georiënteerde) bewegingen noemen we: de Amore, de antroposofie (met enkele verwante verenigingen) en de astrologie. De laatst genoemde gedachten worden vaak aangehangen door Nederlanders die zich ook aangetrokken voelen tot het 'oosters denken'. We zien ook een andere tendens. In de vorige druk werd al gemeld dat vertegenwoordigers van culturele minderheden vaak andere religieuze en maatschappelijke opvattingen kennen en vanuit hun geboorteland 'meenemen'.
In de nieuwe druk is deze tendens versterkt aanwezig (al komen niet alle minderheden aan bod). Zo wordt onder de 'A' een tweetal islamitische stromingen en 2 oosters-orthodoxe kerken genoemd. Van oorsprong Nederlandse kerken en gemeenschappen zijn onder de letter 'A' in de minderheid. Dat zien we ook verderop in het boek voortdurend gebeuren.
Slechts de 'E' van 'evangelisch', de 'G' van 'gereformeerd' en de 'V' van 'vrij' of van 'volle' vormen hierop uitzonderingen.

Kerkelijke conflicten rond personen
"Op de boekenmarkt is de Gereformeerde opvoeding een daalder waard." Zo luidde een aantal jaar geleden een stelling bij een proefschrift. De promovendus (zelf lid van een reformatorische kerk) bedoelde ermee te zeggen dat ex-Gereformeerden gretig munt slaan uit hun opvoeding. Wanneer iemand als Maarten 't Hart dit handboek door zou bladeren, zou hij ongetwijfeld weer nieuwe thema's aan kunnen boren. Neem alleen maar de geschiedenissen achter allerlei kerkscheuringen. Vaak gaat het daarbij in wezen om persoonlijke vetes tussen leden van kerken. Dat sommige mensen bepaald niet gezegend waren met een tactische wijze van omgang met hun broeders en zusters blijkt wel uit de kerkscheuring die in 1931 in IJsselmuiden plaatsvond.
De predikant (die ook al in zijn vorige gemeenten veel problemen had ondervonden) noemde de kerkvoogden dieven en de kerkeraad een troep zwijnen. Hij kreeg eervol (!) ontslag, maar stichtte vervolgens (op 31 oktober 1931) de Vrij Hervormde Gemeente te IJsselmuiden. Zelfs de koningin ontving een brief dat deze gemeente was opgericht. Wanneer een gemeente ontstaat rond een bepaald persoon, heeft zijn opvolger het zelden gemakkelijk. Na de dood van de eerste predikant en de komst van de nieuwe predikant ontstonden er al snel nieuwe problemen. Dit leidde later tot de stichting van een nieuwe gemeente met dezelfde naam: de Vrij Hervormde Gemeente te IJsselmuiden.
Bij een daarop volgend conflict werden 's nachts de sloten van de deuren van het kerkgebouw vervangen, zodat 'de andere helft' er niet in kon. Uiteindelijk vertrok de predikant met 120 gemeenteleden, inclusief de gehele kerkeraad, naar Zuid-Afrika omdat hij in een droom had gezien dat Nederland door water zou worden overspoeld.
Niet zelden spelen kerkelijke conflicten rond bepaalde personen. Men kan zeggen: hoe sterker mensen in het middelpunt worden geplaatst, hoe moeilijker het Evangelie door kan dringen. "Ik ben van Paulus." "En ik ben van Apollos." In zo'n situatie groeit de kans op een kerkelijk conflict. Bij de Apostolischen is het aantal 'persoonsgebonden' scheuringen bijna 'standaard ingebouwd'. Iedere keer weer levert de 'benoeming' van een nieuwe apostel een conflict op. Een groep erkent een apostel niet en benoemt vervolgens een andere (eveneens rechtmatige) apostel. Gereformeerden de 'naam' dat ze gebukt gaan onder conflicten, onder de evangelische kerken en groeperingen is het aantal scheuringen minstens even groot. Opmerkelijk is in het boek het grote aantal Molukse kerken. Het handboek vermeldt 20 afzonderlijke kerken en/of plaatselijke gemeenten.

Bijzondere bewegingen
Wanneer men het boek doorbladert komt men bijzondere bewegingen tegen in het kerkelijk kleurrijke Nederland.
Je zou ze 'religieuze curiosa' kunnen noemen. Ze hebben bijna altijd een sektarisch karakter. Zo bestaat op Terschelling de Messiaanse Volksbeweging 'Corona', die de aandacht op de eigen ideeën wist te vestigen door honderden ingezonden brieven in de Leeuwarder Courant te plaatsen. De volgelingen van deze beweging komen nooit bij elkaar (...), want: "Te dien tijde zal de verstandige zwijgen, want het zal een boze tijd zijn" (Amos).
Opmerkelijk is de vermelding van De Rotskerk in Den Helder. Deze gemeente telt één lid: de voorganger. Hij noemt zich Bisschop Reverend (en schreef als zodanig vaak ingezonden stukken, o.a. naar het Nederlands Dagblad). Een uitgebreid artikel in het Nederlands Dagblad van 28 juni 1995 meldde het einde van de Rotskerk. Een voorganger van een Pinksterkerk in Tilburg had een handicap, want hij stotterde en kon dus (?) niet (s)preken. Op het moment dat hij met zijn kerkelijke gemeenschap brak, was hij van zijn handicap verlost. Er ontstond een nieuwe gemeente, waarvan de voorganger thans geen actief lid meer is. Het 'waarom' wordt niet vermeld.
Ook de vergaderplaats is soms bijzonder. We komen huiskamers, aula's van scholen, een ruimte in een café en zelfs een duivenlokaal tegen.

Nederlands Gereformeerd en vrijgemaakt-Gereformeerd
Het handboek is sober in de gegevens over de Nederlands Gereformeerde kerken. De meeste aandacht gaat uit naar het ontstaan van de Tehuis Gemeente in Groningen. Daarnaast wordt o.a. aandacht gegeven aan zendingsactiviteiten en aan de samenwerking met de Christelijke Gereformeerde kerken. De kerk van Ten Post wordt onder een aparte kop vermeld: Nederlands Gereformeerde kerk buiten het verband - Ten Post. "Deze gemeente is feitelijk ontstaan toen de regionale vergadering in Noord-Nederland de kerk van Ten Post buiten het verband plaatste doordat en zolang zij weigert ..." (enz.) .... In de literatuur vinden we naast 'eigen' publikaties een aantal bekende 'vrijgemaakte' scribenten. Ten onrechte wordt hierbij ook het boek 'Een kerk ging stuk' van de hand van de predikanten Van den Brink en Van der Kwast genoemd. Daardoor worden de namen van deze beide predikanten geplaatst tussen de twee felle bestrijders van de Nederlands Gereformeerden: prof.dr. J. Kamphuis en dr. W.G. de Vries. Dezelfde fout wordt ook gemaakt onder de literatuur bij de Gereformeerde kerken (vrijgemaakt). De predikanten Van den Brink en Van der Kwast blijken hier tot 'de eigen kring' te behoren.
In de gegevens over de Gereformeerde kerken (vrijgemaakt) wordt uiteraard aandacht besteed aan de Vrijmaking. Daarnaast wordt de scheuring in de jaren '60 genoemd. Ook wordt er gewag gemaakt van een aantal nieuwe tijdschriften in de kring van deze kerken. Ook de vrijgemaakten kennen hun eigen buitenverbandse gemeente: in Grootegast. De plaatselijke predikant meende dat er buiten de eigen kerken geen zaligheid te vinden is. Hij trok de grenzen van de Kerk zo strak dat dit standpunt destijds zelfs in vrijgemaakte kring niet meer getolereerd werd. De Synode van Heemse oordeelde dat de predikant daarmee tekort deed aan Gods barmhartigheid. Onlangs besteedde het Nederlands Dagblad uitgebreid aandacht aan deze 'buitenverbandse' gemeente.

Niet compleet
Een kerkelijk handboek kan nooit compleet zijn. Dat geldt zeker ten aanzien van bepaalde ('vage') stromingen: wanneer vermeld je nu iets apart? Het is onmogelijk om hierbij altijd één lijn te trekken. Ook uit de beide registers blijkt dat het systematisch verwerken van kerkelijke gegevens lastig is. De vele kerkelijke gemeenten met (ongeveer) dezelfde namen hebben het de samenstellers niet gemakkelijk gemaakt. Uit het boek blijkt verder dat de gegevens al snel verouderd zijn en ook onmogelijk compleet kunnen zijn. Een steekproef in mijn eigen woonplaats laat zien dat lang niet alle zelfstandige kerkelijke gemeenten in Den Helder in het boek worden vermeld.
'Wegwijs' is een handig naslagwerk voor wie meer wil weten over kerkelijk en levensbeschouwelijk Nederland.
Men heeft daarbij geprobeerd om een bepaalde mate van 'onpartijdigheid' te hanteren. De religieuze kerken en groeperingen hebben vaak zelf de informatie verstrekt. De lezer moet zich realiseren dat het boek de geest van onze tijd tekent. Kerken, sectes, bewegingen en denkrichtingen worden (zonder verdere beoordeling) na elkaar genoemd. Dat is uiteraard mede het gevolg van de 'encyclopedische werkwijze': Het is een naslagwerk en geen consumentengids.
De gebruiker oordele dus zelf. Voor mij is de boodschap van het sjamanisme niet te vergelijken met de rijkdom van het christelijk geloof...

N.a.v.: drs. E.G. Hoekstra en M.H. Ipenburg: Wegwijs in religieus en levensbeschouwelijk Nederland (Kok. Kampen. 1995); Inleiding. literatuurlijst, 360 pagina's tekst, 50 blz., register, 20 advertentiepagina's. Prijs: f 49,50.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief