Verleden laat LV niet los

1995-10-06
  • Jaargang 39
  • nummer 20
‘Als anderen mij vragen naar een kenmerk van de Nederlands Gereformeerde kerk, dan zeg ik dat we een rommeltje zijn.” TAKS-commissielid ds. J.M. Mudde zag tijdens de laatste zitting van de Landelijke Vergadering toe hoe het ‘rommeltje’ het AKS trachtte nader vorm te geven. Er moest immer wel iets geregeld zijn, maar ook weer niet te veel. En zo onderging tijdens een marathonvergadering van bijna 10 uren artikel 17 een kleine wijziging en werd een ondertekeningsformulier voor predikanten ingesteld. Of eigenlijk aanbevolen.

De wens om wijzigingen, of verduidelijkingen aan te brengen in het AKS (Akkoord van Kerkelijk Samenleven) kwam niet vanuit de Nederlands Gereformeerde kerk zelf. Het bestaande AKS functioneert goed, zo was ook zaterdag weer te horen. Dat maakte het misschien ook zo moeilijk om op één lijn te komen. Bovendien gaat het hier niet om een PR-probleem, zoals een afgevaardigde dit noemde, maar om heel fundamentele vragen vanuit de schrift over hoe kerken functioneren, ook onderling.
Geen PR-probleem dus. Wat dan wel. Even een korte terugblik: De Commissie Toetsing Akkoord van Kerkelijk Samenleven, in de wandelgangen 'de commissie-TAKS', werd in het leven geroepen na vragen van met name Die Gereformeerde Kerk in Suid-
Afrika. De commissie boog zich over de kritiek die zich vooral richtte op de binding aan de belijdenisgeschriften.
Ook deed zij voorstellen over hoe aan die kritiek tegemoet gekomen kon worden. Drie zittingen lang boog de Landelijk Vergadering zich over het rapport van de commissie. Tijdens de laatste vergadering van de voortgezette LV kwamen een tweetal punten aan bod: Een wijziging van artikel 17 van het AKS en het ondertekeningsformulier voor predikanten. Hoewel er een voorlopig besluit lag, kreeg de scriba ds. P. Krol toch weer een serie amendementen te verwerken. Een aantal aanwezigen spraken daarover dan ook hun teleurstelling uit. "Het was toch de bedoeling dat we de grove fouten eruit zouden halen. Als we nu alles weer zin voor zin gaan behandelen met alle verschillende op- en aanmerkingen, moeten we oppassen dat het AKS niet gaat hinken".

AKS- artikel 17

De ambtsdragers zullen de drie Formulieren van Enigheid (te weten: De Nederlandse Geloofsbelijdenis, de Heidelbergse Catechismus en de Dordtse Leerregels) ondertekenen als blijk van hun instemming met de leer van de kerk.
Indien een ambtsdrager de ondertekening weigert of niet langer voor zijn rekening kan nemen, zal de uitoefening van zijn ambt worden opgeschort, tot hij zich nader zal hebben verklaard ten genoegen van zijn kerkenraad.
De kerkenraad zal hiervan mededeling doen en desgewenst nader rekenschap geven aan de zusterkerken, in regionale vergadering bijeen. Ook zij die door een regionale vergadering beroepbaar zijn gesteld, of het recht hebben verkregen een opbouwend woord te spreken, zullen door de ondertekening van de drie Formulieren van Enigheid in die vergadering hun instemming met de leer van de kerk betuigen.


Zenuwen
Anderen zagen hun bangste vermoedens bevestigd worden: "We verdoen hier onze tijd met urenlange discussies.
Ik herken niet meer waardoor ik ben gegrepen dertig jaar geleden. Als we willen dat onze gemeente nog iets te vertellen heeft aan de buitenwereld ... Stel u voor dat deze vergadering als een getuigend radioprogramma werd uitgezonden", huiverde een felle afgevaardigde Van Seventer uit Groningen. De vergadering was even lamgeslagen door deze scherpe woorden.
De Dordrechtse predikant ds. Horsman meende echter dat hier appels met peren werden vergeleken en trok de vergadering weer overeind: "Als ik een kerk laat bouwen, zeg ik niet tegen de aannemer: 'Piet, maak een kerk waar de lof des Heren vanaf spettert'. Dat kan niet. Daar zijn regels voor nodig, zoals een bouwvergunning.
Ook moet je praten over onnozele zaken als de steenkleur en de plaats van ramen en deuren. De opmerking dat we beter kunnen gaan evangeliseren is geen vergelijking. De noodzaak om hierover te vergaderen is er helaas, maar we zouden wel sneller klaar kunnen zijn". Voorzichtig trokken toen de bezwaarden weer op naar de microfoon. De reacties op het voorlopig besluit ten aanzien van artikel 17 en het ondertekeningsformulier voor predikanten waren van heel uiteenlopende aard. Van kleine toevoegingen in de tekst van woorden als 'desgewenst' tot het soort Culemborg. De brief van de Culemborgse kerke raad was het meest verstrekkend. Ze riep hierin op alles gewoon bij het oude te laten en niets in het AKS te wijzigen, omdat er geen reden voor is. Bovendien leefde er de angst dat "de nieuwe formuleringen zouden kunnen leiden tot een formalisering van de bestaande geestelijke band".

Weeffout
Aanwezig en stemgerechtigd waren ook de kerken die het AKS niet hebben ondertekend. Hoewel er een opening lijkt te zijn om daarover een gesprek aan te gaan, kan een kleine wijziging in het AKS dit weer dicht gooien. Onder andere de gemeente Oegstgeest waarschuwde hiervoor, na eerst haar excuses te hebben aangeboden voor een eerdere brief aan de LV waarin "de toon niet altijd even passend was": "We willen helpen de 'weeffout' op te lossen. De voorstellen kunnen daarvoor echter wel een barrière vormen". Ook Zeist gaf aan dat het vertrouwen in het AKS groeiende is, maar daarin niet werd gestimuleerd door deze discussie. Desalniettemin werd in de uren daama die discussie nog eens dunnetjes over gedaan. De nieuwe plaats en rol van de regionale vergadering in artikel 17 bij het niet-ondertekenen van de belijdenisgeschriften door een predikant werd niet door iedereen gewaardeerd. Ds. J.M. Mudde uit Enschede vroeg aandacht voor de eigen verantwoordelijkheid van de kerke raad en de predikant: "Een persoonlijke kwestie van een predikant wordt direct een kerkelijk probleem door de kerkeraad rekenschap af te laten leggen. De predikant heeft een eigen verantwoordelijkheid en de kerkeraad is als intermediair niet nodig".
Trauma's Hoogeveen vreesde dat deze wijziging de weg naar hiërarchie heropent en "de geschiedenis heeft ons geleerd daar vuurbenauwd voor te zijn". Even kwam hier weer het topje van de ijsberg tevoorschijn. Ook tijdens de vergadering lagen de emoties, de frustraties en de trauma's dicht onder de oppervlakte. Het onderwerp maakt immers veel los van wat veel aanwezigen tijdens de zestiger jaren hebben meegemaakt.
Toch bleef 'de derde regel' overeind. De vergadering besloot met 46 stemmen vóór, 31 tegen en 6 onthoudingen dat "de kerke raad hiervan (het niet-ondertekenen) mededeling zal doen en desgewenst nader rekenschap geven aan de zusterkerken in regionale vergadering bijeen". De 'vierde regel' lag wat moeilijker: "Bij volhardende weigering na samenspreking over zijn gevoelen, zal hij (de predikant) uit zijn dienst worden ontslagen".
AI tijdens de novembervergadering kwam dit er maar met moeite door met slechts een verschil van twee stemmen. De zin werd door velen gezien als een zwaard van Damocles, wat niet in dit artikel paste. "Er is op grond van belijdenisgeschriften al genoeg be- en veroordeeld. Artikel 17 ademt een overlegsfeer en voor de tucht kunnen we bij artikel 30 terecht", aldus afgevaardigde Brouwer uit de gemeente Amsterdam-Centrum. Commissielid C.Huizinga wees echter op de samenhang van het artikel: "Het is niet gevaarlijk. Als je ze vraagt de drie formulieren van Enigheid te ondertekenen, moet je bij volhardende weigering daar ook gevolgen aan verbinden. Als je dat niet wilt, moet je ze ook niet vragen dit wel te ondertekenen".
Toch wonnen de bezwaren (en de angst?) het: Regel vier werd geschrapt met 40 tegenstemmers, 32 voor en 11 onthoudingen.

Ontsnappingsclausule
's Middags kwam het ondertekeningsformulier op tafel, zoals dat in november door een grote meerderheid werd aangenomen. De voorstellen van Schiedam en Heemstede/Haarlem bleken het ingrijpendst. Schiedam kwam met het idee om na de eerste drie regels die overgenomen zijn uit het formulier voor Noord-Nederland, de overige tekst te schrappen: "Als je je ambt aanvaardt, dan praat je over je opdracht. Dat beloof je en daar sta je voor. Dat is je hoofdopdracht en dan ga je niet praten over wat er al dan niet misschien staat te gebeuren. Dat hoort hier niet in thuis, maar in bijvoorbeeld een bijlage".
Heemstede/Haarlem wilde rekening houden met "die regio's die daartegen (tegen een ondertekeningsformulier, MB) legitieme bezwaren hebben". Zij moeten de ruimte hebben om dit formulier niet te gebruiken, zo meent de kerke raad. Het gebruik ervan (het ondertekeningsformulier, MB) zou dan ook slechts dringend aanbevolen moeten worden. "Het gaat hier niet om leervrijheid, maar er is een zekere allergie voor allerlei bindende uitspraken.
We hebben immers aan den lijve ondervonden wat daarvan het gevaar kan zijn. En hoe ga je nu om met deze onderlinge verschillen. Werkelijke eensgezindheid kan niet opgelegd worden en we hoeven het niet altijd eens te zijn om één te zijn. Laten we daarom niet over elkaar heersen, maar geduld met elkaar hebben", aldus A. Wattèl namens deze kerk.
Volgens hen gaat het hier niet op te verwijzen naar artikel 34, de zogenaamde ontsnappingsclausule. "Die is hiervoor niet geschreven en niet bedoeld".

Kwetsbare zaak
Ook anderen riepen op rekening te houden met de traumatische gevoelens die nog leven ten aanzien van deze materie. Ook de angst voor formalisering, het schaden van het vertrouwen dat er nu is, speelde een aantal gemeenten parten. Daartegenover vonden afgevaardigden wel dat de huidige situatie erg verwarrend werkt.
Sommige regio's hebben geen ondertekeningsformulier en anderen wel, maar dat verschilt onderling ook weer.
Commisielid Huizinga: "Niemand weet meer waar 'ie aan toe is. En dat kan niet als het om zo'n kwetsbare zaak gaat".
Wattèl beaamde dat er onduidelijkheid is, maar merkte op dat niemand heeft gevraagd om daar een einde aan te maken. "Welke reden is er dan hier wel een eind aan te maken, terwijl het blijkbaar toch goed functioneert en als je bovendien weet dat anderen er moeite mee hebben". De Enschedese predikant Mudde benadrukte dat het nu mogelijk is hierover vrijuit te praten en iets te regelen voor als het eens fout mocht gaan. Hij verwees daarbij naar de situatie in Noord-Nederland. Het formulier dat hier gehanteerd wordt, ontstond pas nadat er iets fout was gegaan. Een kleine meerderheid (40 tegenover 36 bij 6 onthoudingen) van de vergadering kon zich uiteindelijk vinden in het voorstel van Heemstede/Haarlem om de kerken de ruimte te geven die bezwaren hebben tegen een ondertekeningsformulier. Zo werd gekozen voor "geduld, liefde en artikel 31". En de kranten konden maandag zo de kopsuggestie van Wattèl overnemen: 'In Nederlands Gereformeerde Kerk werkt artikel 31 pas echt'. Uiteindelijk werd besloten het formulier in te voeren en aan te bevelen met 56 stemmen voor, 7 stemmen tegen en 19 onthoudingen.

Ondertekeningsformulier:

De Landelijke Vergadering Apeldoorn 1994/1995 der Nederlands Gereformeerde Kerken, op 23 september 1995 in voortgezette zitting bijeen, kennis genomen hebbende van het Rapport van november 1992 van de Commissie voor Toetsing van het Akkoord van Kerkelijk Samenleven, overwegende dat
- het zowel ter vermijding van onduidelijkheid omtrent het geestelijk karakter van de binding aan de belijdenisgeschriften als vanwege een goede verhouding met andere kerken van gereformeerde signatuur in binnen- en buitenland wenselijk wordt geacht om een ondertekeningsformulier voor dienaren des Woords in te voeren.

- binnen de Nederlands Gereformeerde kerken serieuze bezwaren bestaan tegen het verplicht voorschrijven van een bepaald formulier.

- dat met het al of niet gebruiken van een ondertekeningsformulier de trouw aan de confessie niet in geding is, besluit het onderstaande ondertekeningsformulier vast te stellen en aan de kerken het gebruik hiervan dringend aan te bevelen.

Wij ondergetekenden, dienaren van het goddelijk Woord in de Nederlands Gereformeerde kerken behorende tot de regio ... verklaren oprecht en met een rein geweten voor God het volgende: Wij erkennen de Heilige Schrift als het betrouwbare en door God ingegeven Woord van harte als enige regel voor geloof en leven.
Wij erkennen de drie algemene belijdenisgeschriften en de drie Formulieren van Enigheid als getrouwe onderwijzing in en verdediging van de waarheid der Schrift. en aanvaarden die krachtens hun overeenstemming met Gods Woord als getuigenis van ons geloof en richtsnoer voor onze ambtsbediening. te weten de prediking van het evangelie.
de handhaving van de rechte leer en de weerlegging en bestrijding van dwaalleringen.
De gemeente van God. pijler en fundament van de waarheid (1 Timotheüs 3:15). leeft van het evangelie. zoals dat aan haar is overgeleverd (1 Corinthe 15:1-5).
Indien dan ook ooit ons verstaan van de Heilige Schrift. het evangelie van Jezus Christus. zou komen af te wijken van wat de leer der kerk uitmaakt. beloven wij dit gevoelen niet te zullen leren, maar het vooraf voor te leggen aan de kerke raad en daarna zonodig aan de regionale vergadering om het aan Gods Woord te toetsen en na samenspreking een uitspraak te doen.
Ook indien de kerke raad of een regionale vergadering. uit zorg voor de eenheid en zuiverheid der leer. ons een nadere verklaring van ons gevoelen over enig deel van de genoemde be lijdenisgeschriften zou vragen, zijn wij daartoe bereid.
Wij beloven ons te zullen onderwerpen aan het oordeel van de kerke raad of de regionale vergadering, op straffe van metterdaad uit onze dienst geschorst te zijn. behoudens het recht van beroep op de landelijke vergadering indien wij menen dat de gedane uitspraak niet recht is voor God. waarbij wij ons met die uitspraak tevreden stellen zolang ons beroep in behandeling is.
Zo willen wij ons beijveren de eenheid des Geestes te bewaren door de band des vredes (Efeze 4:3) en vertrouwen wij dat de Geest der waarheid ons de weg tot de volle waarheid wijzen zal (Johannes 16:13).
Schrittplaatsen: 1 Corinthe 15:1.2; Galaten 1:9; Galaten 2:2; Efeze 3:17b-19); Filippenzen 1:9,10; 1 Thessalonicenzen 5:19,20; 1 Timotheüs 4:16; Titus 1:7-9; 2 Petrus 1:20; 2 Johannes 9.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief