Zegen op het werk van de Redeemed Gospel Church, Mathare-Vallei, Kenia

1994-02-11
  • Jaargang 38
  • nummer 3
Recent heb ik bisschop A. Kitonga van de Redeemed Gospel Church in Kenia opnieuw ontmoet. Wij westerlingen kunnen haast niet geloven, dat er zo'n zegen op het werk in Gods Koninkrijk kan zijn, als daar heeft plaats gevonden. In een tijdsbestek van twintig jaar zijn meer dan tweehonderd plaatselijke kerken gesticht, waaronder alleen al in Nairobi twaalf. Onder die twaalf zijn er drie in de Mathare vallei. De Redeemed Gospel Church is een onafhankelijke inheemse kerk van Pinkstersnit, zonder (moeder)banden in westerse landen. In het verleden heeft ook broeder M. Meeuwsen - zie Opbouw van 31 december 1993 - enige tijd zijn krachten aan deze kerk gegeven. Niet zo lang geleden heb ik persoonlijk enkele keren kennis kunnen nemen van de activiteiten van deze kerk.

Inleiding
De geschiedenis van de Redeemed Gospel Church in Kenya gaat terug tot 1974. In dat jaar begon een groep van zeven evangelisten - waaronder Kitonga - te werken in de grootste 'slum' van Nairobi. Het is de smerigste en dichtst bevolkte achterbuurt van Kenia.
Op een gebied van nog geen drie vierkante kilometer wonen meer dan 200.000 mensen opeengepropt in bouwsels van karton, golfplaat, kratten en wat dies meer zij. De woonomstandigheden zijn meer dan verschrikkelijk, gewoon onbeschrijfelijk. Er wonen heel veel vrouwen: verlaten vrouwen, gescheiden en alleenstaande vrouwen.
Om in leven te blijven tiert de prostitutie er welig. Het gevolg is dat er ook veel kinderen zijn. Verder wonen er veel jonge jongens, die vaak geen uitzicht op werk hebben, ook al omdat ze nauwelijks scholing hebben gehad. Vaak zijn ze verslaafd aan drugs (goedkoop en makkelijk verkrijgbaar) en alcohol. Ze vormen gangs. De jongens krijgen wat inkomen door als 'parking boys' te functioneren.
Ze eisen geld van een automobilist die ergens zijn wagen parkeert.
Als de bestuurder het gewenste bedrag niet betaalt, maken de parking boys korte metten met die auto. Twee werkers van de bovengenoemde kerk hebben me rondgeleid. Het was voor mij als 'rijke' westerling veel te gevaarlijk om in die vallei alleen rond te lopen. De beide werkers hebben mij allerlei projecten laten zien. We hebben ook een bezoek aan een van de vrouwelijke bewoners van de vallei gebracht: een verstoten vrouw met vier kinderen, die in haar ongeveer vijftienjarig verblijf aldaar er nog vier kinderen had bijgekregen van verschillende mannen. In een bouwsel van twee bij twee vierkante meter woont daar die vrouw met haar jongste kinderen. Er staat één beä met zelfs een sprei. Met wat stukken plastic probeert ze haar woning tegen de regen te beschermen, die in het regenseizoen meer dan overvloedig is. Verder heeft ze een ding om op te koken, met daarbij twee of drie pannen. Zeep is een luxe. Een uitzichtloos leven, dag in dag uit in die smerige vallei.

Sociale problemen
Dat uitzichtloze leven zagen ook de zeven evangelisten. In het begin hadden de bewoners in de vallei weinig oren naar de blijde boodschap. Er was weerstand, mede vanwege de problemen waarmee de vallei-bewoners dagelijks werden geconfronteerd. Het was heel moeilijk voor een prostituée haar praktijk op te geven, want dit was de enige manier om het hoofd boven water te houden. Zo brouwden de vrouwen ook vaak illegaal bier als bron van inkomen. De evangelisten realiseerden zich dat alleen maar evangelieverkondiging in die ten hemel schrijnende omstandigheden onvoldoende was. Het werkte niet. Toen de predikers van de goede tijding hun strategie veranderden en ingingen op de dagelijkse nood van de mensen, was het resultaat fenominaal. Het combineren van sociale zorg en evangelieverkondiging was het ei van Columbus.
Het bracht de kerk naar de mensen en de mensen naar de kerk.
Nu komen er 's zondags in de kerk bij het hoofdkwartier van de Redeemed Gospel Church in de Mathare vallei zo'n zes duizend mensen. Natuurlijk is dit maar een druppel op de gloeiende plaat van 200.000 bewoners, maar voorheen was er nauwelijks een christelijk getuigenis. Nu zijn er in de vallei verschillende kerken, waaronder de Africa Inland Church, waarmee de St. Redt een Kind contacten heeft.

Wat is de strategie van de kerk?
De bisschop antwoordt hierop, dat men getracht heeft om vast te houden aan de roeping en visie die God hen in de jaren zeventig gegeven had. En die is de 'onbereikten' met het evangelie te bereiken. Dat is nog steeds het doel.
Kitonga zegt datde kracht van zijn kerk is - naast de zondagse erediensten - de wekelijkse straatprediking, waardoor velen worden bereikt en gewonnen voor het evangelie, de deur-aan-deur evangelisatie, en het huis(hut)bezoek. Het zijn vooral de jonge mensen die de huis-aan-huisevangelisatie doen. Daarnaast vinden er heel vaak crusades, grote evangelisatiecampagnes plaats, waar het aantal deelnemers oploopt van 3000, 5000, 10000 tot zelfs 20000. Daar vullen wij in Nederland een heel voetbalstadion mee! De leden van de Redeemed Gospel Church krijgen ook onderricht voor het houden van zulke grote campagnes.
De kerkdiensten bij het hoofdkwartier van de kerk vinden in een heel grote geel-witte tent plaats. Er zijn drie diensten op zondag: van 7.00-9.30 uur, van 9.30 tot 11.30 uur en van 11.30-13.30 uur. De middelste dienst is het drukst bezocht. Vaak blijft men zitten om een volgende dienst mee te maken. Er wordt veel gezongen in de dienst. Er zijn drie zanggroepen.
Ze draagt een ongedwongen karakter. De dienst is tweetalig: Swahili en Engels. Er is een koor. De zondagmiddagen worden. vaak aan evangelisatiediensten in de open lucht besteed. De kerk heeft ouderlingen en diakenen in de plaatselijke kerken, maar 'overseers', opzieners over vijf tot vijftig kerken.
Bisschop Kitonga is zo'n overseer. Het stadsbestuur van Nairobi heeft de bisschop in 1992 benoemd tot 'commissioner' , commissaris over het Mathare gebied in Nairobi. Een erkenning van zijn werk aldaar. Hij heeft evenwel gemeend deze belangrijke functie te moeten afwijzen, omdat dat werk hem zou afleiden van de dienst aan God.
Hij zei in de kerkdienst dat 'hij was gekozen om God te dienen en niemand anders.' Zou bij hem het zicht ontbreken, dat je ook in de politiek God kunt dienen?

Wat zijn nu de programma's van de kerk?
Men kan de hulpprogramma's onderverdelen in een aantal categoriëen: Het bouwen van latrines of privaten.
- Er zijn veel te weinig van die hurk-w.c.'s in de vallei, en die er zijn, zijn onbeschrijfelijk vuil, want er is niemand aangewezen voor het schoonmaken van die privaten.
- Het gezondheidsprogramma. In het verleden was er een Nederlandse dokter, die met name de kinderen, die aan het gezondheidspr'ogramma van de kerk deelnamen, onderzocht.
Momenteel heeft de kerk een Keniase verpleegkundige, die Anna heet. Zij 'bemant' de voedingsdemonstratie keuken. Zij en anderen geven de moeders van de ondervoede kinderen voorlichting over de 'de schijf van vijf' en vitamines. De kerk heeft ook een kliniek, die een goede naam heeft, zodat ook mensen buiten de vallei die weten te vinden. De kliniek is gebouwd door TEAR Fund Nederland, de grootste donor van de kerk. TEAR Fund helpt de kerk ook met andere programma's, zoals het rehabilitatieprogramma van drugsverslaafden, waaraan leiding wordt gegeven door Tonny, zelf vroeger een drugsverslaafde en parking boy. Het was leuk voor mij als Nederlander de positieve reactie van de bisschop over TEAR Fund te horen, Een 'comunity development' programma.
De kerk heeft hiervoor omstreeks tien maatschappelijk werkers in dienst, die op hun beurt vrijwilligers, die in de Mathare vallei wonen, trainen. Deze zeventig vrijwilligers'geven voorlichting aan de mensen, te midden van wie men woont. Het is opvallend, dat in gebieden van de vallei, waar veel Christenen wonen, de 'huizen' en hun omgeving aanmerkelijk schoner en verzorgder zijn, dan de plekken die nog niet bereikt zijn.
- Een kindervoedsel programma. Kinderen die ondervoed, en ziek zijn, krijgen elke dag een goede maaltijd, voor ongeveer drie maanden. In zo'n periode is de ondervoeding vaak weer weggewerkt. Soms blijven de kinderen wel twee jaar opgenomen in het programma. Zo heb ik een meisje van een jaar of vier gezien, die al twee jaar met het programma meedeed. Ze was zo ondervoed, dat ze nog steeds niet kon lopen. Het is aangrijpend om zo iets te zien.
- Een onderwijsprogramma. De kerk heeft kleuterscholen met meer dan zeshonderd kinderen. De meeste kinderen kunnen tot en met de middelbare school 'gesponsord' onderwijs krijgen. Voor de jonge mannen tot 30 à 35 jaar is er een vakopleiding.
Zij hebben vaak geen of weinig onderwijs gehad. Door die vakopleiding kunnen ze toch op bescheiden wijze in hun eigen onderhoud voorzien.
Er wordt onderricht gegeven in naaien, lederbewerking, timmeren en loodgieten, alsmede boekhouden en typen e.d.
-De kerk geeft ook leningen om vooral de vrouwen in staat te stellen een klein 'bedrijfje' op te zetten, zoals het verkopen van kolen, verse groenten, of het opzetten van een kiosk, waar zeep en lucifers worden verkocht, of het opzetten van een logiesgelegenheid. De renteloze leningen worden langzaam terugbetaald.
Ook geeft de kerk bouwmaterialen, waardoor de families in staat worden gesteld zelf hun eigen huisje te bouwen. Ook deze worden zonder rente terugbetaald. De vallei heeft geen electriciteit, het is 's avonds dan ook pikkedonker. Er zijn wel petrol-eumlampjes die voor licht zorgen, maar die veroorzaken ook vaak branden als de kinderen stoeien. Dan staan er zomaar vele onderkomens in lichterlaaie.

Magdaline
We sluiten dit artikel af met het persoonlijk getuigenis van Magdaline, de assistent-manager van de Redeemed Gospel Church. Zij was veertien jaar toen zij de boodschap over de verzoening van haar zonden door Jezus Christus van Kitonga's team hoorde.
Zij aanvaardde de uitnodiging en wilde Jezus volgen. Zij woont nu niet meer in de vallei in de erbarmelijke omstandigheden van toen. Het evangelie is een oorzaak geweest, dat zij eruit kon komen. De kerk gaf haar een opleiding en secretariële training. Zij ontplooit nu haar gaven ten goede van de bewoners van de Mathare vallei!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief