Pastorale notitie
1994-02-25
Een onvergeteljke ontmoeting- Jaargang 38
- nummer 4
Ik kan er nooit aan wennen, denk ik.
Van het ene ogenblik op het andere kan een gezond mens totaal van anderen afhankelijk worden.
Je wordt zo bepaald bij het kwetsbare van de mens.
In het militair revalidatiecentrum tref ik hem aan: een Indonesische generaal, die door een herseninfarct blijkt te zijn getroffen.
Hij is halfzijdig verlamd.
Onverwacht uitgeschakeld.
Zijn regering heeft hem toestemming gegeven om in Nederland optimale revalidatie te ontvangen.
Hij kent ons land, want hij heeft indertijd in Leiden gestudeerd.
Wepraten met elkaar over wat hem is overkomen.
Hoe ingrijpend voor iemand in de kracht van zijn leven om opeens zo gehandicapt te zijn.
Deze man kan er gelukkig goed over praten.
Hij vertelt van zijn schrik, zijn verdriet, zijn strijd.
Maar hij laat ook iets zien van zijn sterk vertrouwen op God, Die zijn leven leidt en hem ook in deze moeilijke omstandigheden met alle zorg omringt.
Hartverwarmend, zoals hij erover spreekt.
Ik beleef opnieuw wat ik in gesprekken met zieken meermalen meemaak: dat er tijdens zo'n gesprek met iemand, die ik nog niet eerder ontmoette, in korte tijd een brok herkenning in het geloof groeit.
Ik ervaar met deze Indonesische generaal een sterke geloofsverbondenheid.
Als aan het eind van ons gesprek duidelijk wordt, dat hij geen christen maar moslim is, voel ik me wat verward, maar vooral ook blij.
Ik hoef achteraf geen streep te halen door die geloofsgemeenschap.
Ook buiten Israel bleken. vroeger al mensen te zijn die God vreesden, herinner ik me.
Zou dat nu niet meer gelden?
Zo 'n ontmoeting doet je wel wat.
Zeker wanneer je doorgaans vooral over fundamentalistische moslims hoort of leest.
Het zet je aan het denken.
Het is voor mij een ervaring, die me verrijkt en vormt.
En vooroordelen kan wegnemen.