Natwintig jaren - Over de samenspreking met de Chr. Gereformeerden

1995-12-01
  • Jaargang 39
  • nummer 24
"Wordt het niet eens tijd dat onze kerken zich uitspreken tegen samensprekingen met de Chr. Gereformeerden op landelijk/deputatenniveau?" Als ik teurgkijk op twintig jaar contact tussen beide kerken is het begonnen met de Gemeenschappelijke Verklaring uit 1975. Startpunt voor samenwerking op vooral plaatselijk vlak. Gemeenschappelijke diensten, kanselruil, bijbelkringen, jeugdwerk, vakantiebijbelschool en zomerse afspraken. Op enkele plaatsen een integratie van twee gemeentes tot één. Toch, niet overal verliep de samenwerking vlot. Of liever, er werd vaker niet dan wel samengewerkt. Daar waren redenen voor. Gemeentes die elkaar niet lagen, verschil in geloofsopvatting en standpunten, soms ook organisatorische redenen. En dan nu, na twintig jaar de balans opmakend. Op landelijk niveau beginnen de Chr. Gereformeerden zich in te graven. Of moet ik zeggen, die modaliteit in de Chr. Geref. Kerk die geestelijk gezien zich beter thuis voelt bij de Gereformeere Gemeenten en bij de Gereformeerde Sonders? Of een stroming die het erfgoed van de bevindelijkheid, 't is op dat terrein trouwens bepaald niet alles goud wat er blinkt, en de indringende historisch gegroeide confessie probeert af te schermen van een samenleving in verandering en daarmee ook van een kerk in verandering? Het probleem van een stagnerende samenwerking op landelijk synodaal niveau ligt niet bij onze kerken. De benoeming van een aantal punten door de Chr. Geref. deputaten als het AKS, de openstelling van het diakenambt voor vrouwen en niet in het minst de beschuldiging van Remonstrantisme bij ons, omdat we Gods souvereiniteit zouden inkorten ten gunste van meer menselijke verantwoordelijkheid lijkt objectief en waarheidsgetrouw te zijn, maar dat is ze niet. En dat weten ook de Chr. Geref. deputaten.
Wat zich wreekt in hun benadering, en we hebben ook zelf een dergelijke erfenis, is de onwil om blijvend na te denken over vragen die aan de kerk en aan kerkmensen gesteld worden en die te maken hebben met vragen zoals: wat is de kerk nu en wat is zij straks? Hoe ziet zij kans om in een postmoderne tijd, waarin misschien wel veel religiositeit zit, maar waarin steeds minder naar God gevraagd wordt, God ter sprake te brengen? Het probleem van stagnatie zit niet allereerst en allermeest bij ons, maar we zijn wel onderdeel van het probleem. Namelijk, dat de Verklaring van 1975 en dat wat er gegroeid is in de samenwerking, de Chr. Gereformeerden zeker op landelijk niveau momenteel verhinderen om eigen vragen en tegenstellingen onder ogen te zien.
Eindigend met de beginvraag: "Wordt het niet eens tijd dat wij ons uitspreken tegen samensprekingen met de Chr. Gereformeerden op landelijk niveau?" Ik stel die vraag en ik hoop dat wij die vraag positief beantwoorden, omdat dat de Chr. Gereformeerden de ruimte geeft om eerst in eigen huis orde op zaken te stellen en wezenlijke vragen onder ogen te zien. In een proces van moeizaam samengaan en uit elkaar gaan is het ook voor ons goed, dat we niet een tweede of derde keer 'eruit gegooid' worden. Als we constateren dat een relatie niet wil, dan is zelf weggaan en ruimte krijgen, liefst tijdelijk, te verkiezen boven ergernis en blijvende teleurstelling.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief