De waarheid maakt vrij (2)
1994-05-20
"Want gij zijt geroepen, broeders, om vrij te zijn; (gebruikt) echter die vrijheid niet als een aanleiding voor het vlees, maar dient elkander door de liefde" Galaten 5:13- Jaargang 38
- nummer 10
Wij leven als vrije mensen in een vrij land.in een vrij deel van de wereld. Vrijheid alom.
Maar zijn wij echt vrij? Vrijheid wordt vaak uitgelegd en in praktijk gebracht als ongebondenheid.
Kunnen doen waar je zin in hebt. Niet beperkt worden door wetten en regels. Maar dit soort vrijheden blijken ons alleen in het slop te voeren. Vanwege allerlei wetsovertreding voelen mensen zich onvrijer en onveiliger dan ooit. En inkrimpende regelgeving blijkt vooral te leiden tot de willekeur van het recht van de sterkste. Echte vrijheid luistert naar de wetten: maar hoe? En naar welke wetten?
Bedreigde vrijheid
De christenen in Galatië, aan wie Paulus zijn brief schrijft, zijn bevrijde mensen.
Zij zijn door de prediking van het evangelie van Christus in de vrijheid gesteld. Zij zijn bevrijd van de slavernij van de zonde.
Je zou verwachten dat wie eenmaal door Christus bevrijd is, zich dat nooit meer af laat nemen. Maar dat blijkt anders te liggen. Dat is het vreemde, het verbijsterende feit waar Paulus zich ook alleen maar over verbazen kan. Het lijkt wel toverij! "O onverstandige Galaten, wie heeft u betoverd, wien Jezus Christus toch als gekruisigde voor de ogen geschilderd is?" (Gal.3:1) Onbegrijpelijk dat mensen aan wie het evangelie van Gods reddende genade in Christus Jezus is verkondigd en die dat met blijdschap hebben aangenomen, zo maar zich weer terug laten voeren in het diensthuis van de godsdienst van de wet. Paulus had zijn hielen nog niet gelicht of er waren anderen gekomen die beweerden dat alle christenen zich moesten laten besnijden, want anders was je niet echt een kind van God. En als je besneden was moest je ook alle geboden van de wet onderhouden. Dan werd het weer gebod op gebod en verbod op verbod. Niets geen vrijheid. Alles precies volgens "het boek(je)".
Waarom is er maar zo weinig nodig om de christenen in Galatië terug te laten keren van het spoor der vrijheid?
Waarom geven ze zo gemakkelijk gehoor aan de lokroep van de wet?
Bedreigende vrijheid
Blijkbaar kan er in vrijheid ook iets bedreigends schuilen. Een gekooide vogel vliegt ook lang niet altijd weg als zijn kooi wordt opengezet. Er kan ook een neiging bestaan om juist verder weg te kruipen, in de veilige bescherming van de kooi. Een vrije vogel kan zich ook vogelvrij voelen.
Mensen zijn vreemde vogels. Zij kiezen niet zelden tegen de vrijheid, voor de onvrijheid van de wet. Regel op regel en gebod op gebod. Dan weet je tenminste waar je aan toe bent. Het is duidelijk waar je je aan te houden hebt en dat geeft een veilig gevoel. Wij kunnen en durven de vrijheid niet aan.
Kunnen we de vrijheid waarin Christus ons stelt aan? Of gaan wij, net als de Galaten, al heel gauw voor de bijl als er predikers van "een ander evangelie" (Gal.1:6) komen die beweren dat het zo gemakkelijk niet gaat. Als christenen zullen we ons aan allerlei wetten moeten onderwerpen willen we goede gelovigen zijn. En er ligt al een heel levenspatroon kant en klaar waar we geacht worden ons bij aan te passen.
We lezen die bepaalde krant. We zijn lid van die bepaalde omroep. We stemmen op die bepaalde partij. Enz.
We krijgen veiligheid terug (want we horen erbij) en leveren vrijheid in.
Maar we zijn wel terug bij af, want de vrijheid is weg. Van daaruit roept de apostel terug tot de vrijheid van het evangelie.
Geroepen tot vrijheid
Dat lijkt een contradictio in terminis.
Roeping duidt op plicht en tot vrijheid behoef je toch niet verplicht te worden: ddan is het toch geen vrijheid meer?
Dat wij geroepen worden tot dienst ligt voor de hand. Maar dat wij geroepen worden tot vrijheid klinkt ons vreemd in de oren. Dat kan alleen verstaan worden als we bedenken dat de vrijheid bedreigend kan zijn en we geneigd zijn (terug) te vluchten in de veilige bescherming van de onvrijheid.
We worden uit de kerker van de wet geroepen in de open lucht van de genade.
En moeten weerstand bieden aan de onvrijheid van de wét.
Maar waar blijven we als de wet wegvalt?
Zo'n vrijheid is toch griezelig?
Moet iedereen dan maar zelf uitmaken wat goed is en kwaad?
Dan kan ieder toch doen wat goed is in eigen ogen. Dat wordt een onleefbare chaos. En we zien vandaag wat zo'n vrijheid met zich meebrengt. Komen we dan niet van de regen in de drup?
De vrijheid der liefde
Er is een bekende uitspraak van Augustinus: Heb (God) lief en doe wat u wilt. Dat is wat anders dan dat ieder de liefde als vrijbrief (of als dekmantel) zou kunnen gebruiken om te doen waar hij zin in heeft. Dan wordt de vrijheid tot een "aanleiding voor het vlees". Het gaat om een vrijheid waarin de liefde leidraad is. Je bent pas in de evangelische vrijheid als je de liefde tot element hebt. Want hoe vrij is een vis op het droge? Een vis is alleen vrij in het water: zijn element.
Hoe vrij is een mens als hij doet waar hij zin in heeft? Een mens is pas echt vrij als hij leeft in de liefde: zijn element.
Paulus geeft deze twee elementen, twee levensbeginsels, hier een andere naam: vlees en Geest. En die twee zijn gemakkelijk uit elkaar te houden, want ze staan tegenover elkaar.
"Het is duidelijk wat de werken van het vlees zijn (vs.19): hoererij, onreinheid, losbandigheid (over vrijheid gesproken!), afgoderij, toverij, veten, twist, afgunst, uitbarstingen van toorn, zelfzucht, tweedracht, partijschappen, nijd, dronkenschappen, brasserijen, en dergelijke..."
Allerlei gedrag dat ons verwijdert van God en van de naaste. Het kan een schijn van vrijheid hebben (hoererij, losbandigheid, uitbarstingen van toorn, dronkenschap) als een mens zich ongeremd laat gaan, maar het tegendeel is waar. Het is een geest die ons verwijdert van elkaar en daar kunnen zelfs hooggestemde idealen bij zijn (vetes, tweedracht, partijschappen).
Wie zich door liefdeloosheid laat leiden is niet vrij.
De Geest als wegwijzer
Maar geeft de liefde als drijfveer wel voldoende duidelijkheid? Weet je dan wel wat je doen moet? Kan ieder dat niet invullen op zijn eigen manier?
Paulus verbindt het dienen van elkaar door de liefde met het wandelen door de Geest (van Christus). Door de Geest houden we het spoor (vs.25).
Gods Geest wijst ons de weg in de vrijheid. Hij wijst ons ook de weg in een tijd waarin de vrijheid als locbandigheid en normloosheid leidt tot allerlei ontsporingen. Tot die Geest van God, die een dienen in de liefde leert, mogen mensen worden teruggeroepen.
Dat helpt verder dan een terugroepen naar de wet: hoe verleidelijk ook.
Veni, Creator Spiritus. Kom, Schepper Geest!