Menselijkheid van grondrechten

1994-11-18
  • Jaargang 38
  • nummer 23
Als je wilt weten wat er in onze cultuur gebeurt, moet je ook naar de Hoge Raad kijken. Dit college vormt de top van de rechterlijke macht in ons land en krijgt een steeds meer politieke rol. Onlangs speelde een zaak die illustratief is voor de discussie over grondrechten, een van de belangrijkste pijlers van de rechtsstaat.

'Dressed to kill'
In 1992verscheen er in het blad Rails een modereportage met als titel 'Dressed to kill'. De fotoreportage beeldde een ontvoering van goedgeklede vrouwen uit, waarbij het geheel een suggestie van seksueel geweld uitstraalde.
Dit is geheel in lijn met een ontwikkeling in de media, waarin 'naakte' informatie steeds meer wordt gedramatiseerd. Door de overvloed van informatie valt immers slechts die boodschap op die met onze verbeelding aan de haal gaat. De Landelijke Vereniging Blijf van m'n Lijf was het te gortig. Zij spande een kort geding tegen de uitgever van het blad aan en won. De rechter vond de fotoreportage onrechtmatig omdat de beelden inderdaad aan zouden zetten tot geweld tegen vrouwen. De rechters in de bodemprocedure draaiden de uitspraak terug. Volgens de krant die dit berichtte gebeurde dat omdat zij dit een onvoldoende duidelijk criterium vonden om de vrijheid van meningsuiting te beperken. Vervolgens stapte Blijf van m'n Lijf naar de Hoge Raad om een discussie over de reikwijdte van de vrijheid van meningsuiting op gang te krijgen. Beschermt dezelfde grondwet immers niet de integriteit van het menselijk lichaam? De Raad heeft dit cassatieberoep nu verworpen.
De overweging van de Landelijke Vereniging is' echter de moeite waard. Volgens haar kunnen we pas zinvol over vrijheid van meningsuiting spreken, als andere mensenrechten, zoals de onschendbaarheid van het lichaam", geëerbiedigd worden. Deze zijn juist een voorwaarde voor de vrijheid van meningsuiting.

Democratie
Centraal in deze zaak staat de vrijheid van meningsuiting. En niet zonder reden. Een democratie kan namelijk niet zonder. Daarom zijn de journalisten in Italië zo beducht nu de Italiaanse premier en mediagigant Berlusconi een soort van coup in de publieke omroep gepleegd heeft. Maar hoever gaat dit recht? Een botsing van grondrechten komt wel vaker voor.
Denk bijvoorbeeld aan de discussie rondom de Wet gelijke behandeling, waarbij het beginsel van gelijke behandeling en non-discriminatie en de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging met elkaar in conflict kwamen.
Hoe komen we daar uit? Soms lijkt het alsof er een soort van rangorde tussen de verschillende grondrechten is.
Juridisch is dat niet zo, maar de praktijk suggereert het wel. Het gelijkheidsbeginsel en de vrijheid van meningsuiting krijgen veelal voorrang. In dat licht zie ik dan ook de overweging van de rechters dat het criterium van Blijf van m'n Lijf onvoldoende duidelijk was om de keiharde, duidelijke vrijheid van meningsuiting te beperken.
Blijf van m'n lijf wijst er echter op dat de vrijheid van meningsuiting niet absoluut is (wat de Grondwet ook niet beweert). Natuurlijk - het is een centrale garantie voor de democratie, maar het is pas zinvol als je ook aan de andere mensenrechten, zoals de integriteit van het menselijk lichaam, denkt. Deze rechten zijn onderling verbonden en niet autonoom. Het recht lijkt wel eens op een verzameling rechten, die je als instrumenten voor een bepaald doel of belang in kunt zetten. De vraag is of in deze ontwikkeling het normatieve karakter van het recht niet overschaduwd is. En dat zou in dit geval wel heel onwenselijk zijn, want zijn het niet bij uitstek de grondrechten die de burger tegen instrumentalisme van de overheid moeten beschermen?

Mensbeeld
Een puur moralisme is geen oplossing. Recht en moraal zijn verbonden, maar zeker niet hetzelfde. Een juridische vormgeving blijft mensenwerk. Er zullen altijd moeilijke afwegingen blijven. De rechter moet echter juist hierin op juridische beginselen en gerechtigheid gericht zijn. Helaas is het arrest (nog) niet gepubliceerd, want ik ben benieuwd naar de overwegingen van de Raad. Ik begrijp best dat de Raad het beroep verworpen heeft, maar mijn sympathie ligt bij Blijf van m'n Lijf. Haar argumentatie wijst op de samenhang van het recht. Want waar is het op gericht? Welk mensbeeld spreekt uit de rechtsvinding? Uit een zaak als deze blijkt dat het samenleven in de publieke sfeer nooit neutraal kan zijn. Dat is ook nooit zo geweest; kijk maar naar de huidige grondrechten-praktijk, die van een verlicht-liberaal mensbeeld getuigt. Vrijheid en gelijkheid voorop en solidariteit die er een beetje achteraan hobbelt. De discussie over grondrechten wijst op de noodzaak Omover het mens-zijn te praten en van daaruit ieders levensbeschouwing op tafel te leggen. De grote vraag is echter wat het geschikte forum is voor zo'n gesprek. En vervolgens is het de democratische uitdaging om met onze grootste verschillen toch in vrede samen te leven. En inderdaad - daarin .spelen de grondrechten een hoofdrol.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief