Plezier beleven aan de kerk 1

1994-07-01
  • Jaargang 38
  • nummer 13
Er is de laatste jaren veel geschreven over gemeente-opbouw, ook in ons blad. En dus is het niet mijn bedoeling dat eens dunnetjes over te doen. In het najaar van 1992 verscheen bij Kok in Kampen echter een boekje onder de titel 'Plezier beleven aan de kerk'. Het is geschreven door George Brucks, bekend van Youth for Christ, en Piet van Midden, gereformeerd predikant te Lisse. Aan de laatste beloofde ikindertijd er eens iets over te schrijven.
Maar daar kwam het tot nu toe niet van. Tijdens de Opbouw-vergadering van 26 maart hoorde ik Kapitein J. Kor van het Leger des Heils spreken over 'Christelijke dienstverlening in een geseculariseerde wereld'. De toespraak was goed en de bespreking niet minder. In die bespreking wees de spreker er op, dat we plezier moeten beleven aan de kerk. Dat is Gods wil.
Het is goed, dat een man van 'het leger' dat eens zegt tegen gereformeerde mensen. Want hoevelen van ons hebben geleden aan de kerk? En 'lijden aan' is heel wat anders dan 'plezier hebben in'.
En zo moest ik opeens weer aan dat boekje denken en mijn belofte om er iets over te schrijven. Het boekje is bij de uitgever nog voorradig en kost f 21,50.
Het boekje begint in het 'woord vooraf' zo:

'Er wordt heel wat over de kerk gepraat.
Onder de borrel en aan de kerkeraadstafel.
Het houdt mensen bezig.
En het houdt ook mensen bezig, dat het mensen niet meer bezig houdt.'

En zo zit je eigenlijk meteen in de problematiek. Mensen blijven aktief bezig in de kerk en anderen, die eerst ook aktief waren, haken af. Ze laten de kerk, en vaak ook het geloof, in de steek. En als je er over gaat praten, komle vaak terecht bij problemen rond de kerkelijke organisatie, rond Je vraag hoe je nu eigenlijk het beste samen kerk kunt zijn.

Interviews
In het boekje staan enkele interviews.
Het eerste gesprek was met een zekere Gerard, die heel aktief was in een kerkelijke gemeente, maar die op een gegeven moment 'losraakte'. Waarom en waardoor? Bij Gerard zat het vooral vast op 'het niet-duidelijk-zijn' van de kerk in bepaalde situaties en ten aanzien van allerlei aktuele vragen. Hij zag te weinig een luisteren naar en uitdragen van de bijbelse boodschap.
Er waren wel veel discussies over veel onderwerpen, maar te weinig belijnd.
'En een ieder sprak zijn woord, geletterd of ongeletterd. Gezag (van de bijbel - v.W.) was iets uit de oertijd.' Bij Wim, een man van 43 jaar, lag het weer anders. Hij merkte o.a. het volgende op: "Neem nou een preek. Als dominees nou eens eerst drie minuten zouden besteden aan de vraag wat ze eigenlijk zouden willen zeggen, als ze zouden zorgen dat er eens wat samenhang in zo'n verhaal zit. Ik zou ook zo graag wat betrokkenheid zien van een dominee bij wat hij zegt. Meestal zetten ze zo'n verhaal zomaar neer, brengen ze gewoon wat ideeën naar voren.
En soms begrijp ik ook andere dingen niet. Bijvoorbeeld de bijbellezing: leest een predikant uit het Oude en Nieuwe Testament, maar in de preek laat hij een gedeelte helemaal liggen.
Ik denk dan: waarom lees je dat eigenlijk?
Als het een functie heeft, leg het dan uit.' Voor de duidelijkheid: Wim heeft het over ervaringen in de gereformeerde (synodale) kerken. Maar dat neemt niet weg, dat er lering in kan zitten voor ons.

Management
Enkele anderen, die werden geïnterviewd, bleven in de kerk. Maar ze hadden nogal kritiek, vooral als het gaat over de kerkelijke organisatie. Er is in de kerk vaak een gebrek aan management. Jonge ouderlingen weten soms niet, hoe ze op pad moeten, wat ze moeten zeggen bij een bezoek.
En van de oudere ambtsdragers worden ze vaak niet wijzer. En dus is er training nodig. Jonge ambtsdragers worden vaak 'in het diepe' gegooid en ze moeten maar zien, dat ze het hoofd boven water houden. En zo blijft hun werk vaak onder de maat. Het ambtsdragerswerk moet verbeterd worden, er moet een kwaliteitsverbetering komen.
Het zal duidelijk zijn, dat ik zo maar wat opmerkingen doorgeef. Ook in onze kerken wordt het op verschillende plaatsen moeilijk om ambtsdragers te vinden. De motivatie om iets in het kerkelijk leven te doen ontbreekt.
De vraag hierbij is of je wat doen wilt voor Jezus. En als je bereid bent om iets te doen, dan komt ogenblikkelijk de vraag naar voren: 'heb je er echt iets voor over of wil je het allemaal zo gemakkelijk mogelijk gaan doen, zonder al te veel moeite?' De schrijvers wijzen op de noodzaak van 'talentenjacht'. Maar hoe benader je mensen om ze warm te maken om iets te doen? Kun je bv. als oudere ambtsdrager wat warmte overbrengen op een jongere? Niet door allerlei gezwam, maar door te laten zien, dat jezelf geraakt bent door de bijbel, door wat Jezus deed en vraagt.
Het zou goed zijn om jonge ambtsdragers een stukje opleiding aan te bieden, een soort cursus. Daar is wat management voor nodig. Een goede organisatie vergemakkelijkt het werk en maakt het bovendien plezieriger.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief