Kerkjeugd/jeugdkerk (vervolg)

1994-12-30
  • Jaargang 38
  • nummer 26
De lunch tijdens de ouderlingenconferentie bood de aanwezigen de gelegenheid om op informele wijze met elkaar van gedachten te wisselen. Opnieuw bleek hoe belangrijk die kontakten zijn: je doet nieuwe ideeën op, je hoort eens wat er in een andere gemeente 'speelt '.

Vervolgens was het woord aan Dr. R.R. Ganzevoort uit Doorn. In een compact betoog legde hij aan de verzamelde ouderlingen en andere belangstellenden een aantal fundamentele vragen voor 1. "Het onderwerp van deze dag raakt ouders, raakt ouderlingen, raakt de hele gemeente," aldus Ds. Ganzevoort. Hoe houden we de kerk bij de jeugd? Misschien zal de kerk wel moeten veranderen. Centraler is de vraag: hoe houden we de kerk bij Christus? De fundamenten van de kerk zullen opnieuw en grondig doordacht moeten worden.

Een onmogelijke opgave (?)
De kerk staat voor een onmogelijke opgave. Ze moet het zuivere Evangelie doorgeven én ze moet aan dat Evangelie in de eigen taal en in de eigen cultuur gestalte geven. Ds. Ganzevoort sloot zich in zijn inleiding (gedeeltelijk) aan bij het gedachtengoed van de onlangs overleden franse theoloog Jacques Ellul2. De geschiedenis van de Kerk heeft het Evangelie geweid aangedaan; de traditie heeft het Evangelie overwoekerd. Zou het niet zo kunnen zijn dat mensen de kerk de rug toekeren, omdat het Evangelie niet meer gehoord kan worden door alles wat de kerken om dat er omheen gebouwd hebben?

Kerkelijke leer
Aan de hand van enkele thema's (ontleend aan ElIui) lichtte Ds. Ganzevoort zijn betoog toe. Het eerste betreft de kerkelijke leer. De kerk heeft steeds weer geprobeerd de leer te 'vangen' in een aantal verstandelijke overwegingen.
Gods openbaring is echter niet verstandelijk. Een redelijk antwoord is een ontworteling van de waarheid. We zullen ons open moeten stellen voor kritische vragen: we moeten terug naar het Woord van God. Alleen dán kunnen we jongeren tot Christus brengen.

Kerkelijke moraal
Het tweede aspekt dat werd genoemd is het terrein van de kerkelijke moraal. Vaak leren jongeren om te buigen voor de moraal van de kerk. Als ze niet buigen voor die moraal zeggen we dat ze geen goed christen zijn. Inderdaad kan de kerk niet zonder moraal. Toch is het nodig om terug te gaan naar de kern: zorg dat Gods Woord zichtbaar blijft! Alleen dán kunnen we de jeugd tot Christus brengen.

Kerkelijke structuur
Het derde gebied betreft de kerkel ijke structuur. In de Rooms-katholieke kerk was alles wat binnen de muren van kerk en klooster plaats vond met een aureool van heiligheid omgeven. De Reformatie zocht een ander antwoord: ze wees weer op Christus. Toch hebben in de loop van de eeuwen ook de protestantse kerken weer ijzersterke structuren ontwikkeld, waarachter Christus soms schuil lijkt te gaan. Ganzevoort noemde als voorbeeld de visie op het ambt, met als gevolg dat er in onze kerken al 15 jaar lang gesproken wordt over vrouwelijke diakenen. "Als jongeren alleen de structuur van de kerk zien, is Christus voor hen niet meer zichtbaar. We moeten terug naar de Bron, terug naar Christus. Alleen dán kunnen we de jeugd bij Christus brengen."

Hoe nu verder?
In een klemmend betoog riep Ganzevoort de aanwezigen op om het Evangelie konkreet vorm en gestalte te geven. Voortdurend wordt er iets om de kern van het Evangelie heen gebouwd, maar wat je erom heen bouwt (leer, moraal en struktuur) vormt tegelijkertijd ook weer een probleem. Volgens Ganzevoort liggen de drempels ten op zichte van de kerk voor jongeren vaak niet in de kern, maar juist in de franje. De kerk raakt voortdurend gevangen in haar eigen struktuur. Als dat waar is, betekent het dat de kerk dus zélf de kerkverlating in de hand werkt, omdat in de kerk Christus niet meer zichtbaar is. Het enige antwoord op deze ontwikkeling is: een radikaal christendom (radix, terug naar de wortels).

Zichtbaar zijn
"Onze enige troost is dat we in leven en sterven het eigendom van Christus zijn. Dat moet ook voor jongeren zichtbaar zijn. We moeten als leden van de kerk verstaanbaar zijn. De kerk moet zich afvragen wat de werkelijke vragen behoren te zijn. Misschien is onze moraal niet eens zoveel christelijker dan de moraal van de wereld. Het is verleidelijk, maar ook te gemakkelijk, om de schuldvraag op de jongeren af te wentelen. Onze opdracht is om jongeren tot bondgenootschap te roepen. De kérk heeft een probleem. Het is geen kwestie van methoden en technieken om jongeren bij de kerk te houden, maar we moeten jongeren met hun vragen serieus nemen. Misschien kunnen we van hén leren hoe we de kerk bij Christus kunnen houden...," aldus Ds. Ganzevoort.

Discussievragen
Sommige aanwezigen moesten zichtbaar even bijkomen van het betoog van Ds. Ganzevoort. Er was door hem immers veel naar voren gebracht... Direct na de inleiding was er de mogelijkheid om naar aanleiding van enkele stellingen nader in te gaan op de inhoud van het referaat. De vragen luidden als volgt:

1) Welke weerstanden van jongeren ziet u tegen de kerkelijke leer? Sluiten die weerstanden aan bij uw eigen vragen/onzekerheden? Gaat het hierbij om weerstanden van ongeloof, die doorbroken moeten worden, of kunnen ze vruchtbaar zijn bij het opnieuw doordenken van het geloof?

2) Welke weerstanden van jongeren ziet u tegen de kerkelijke moraal? Sluiten die weerstanden aan bij uw eigen vragen/onzekerheden? Gaat het hierbij om weerstanden van ongeloof, die doorbroken moeten worden, of kunnen ze. vruchtbaar zijn bij het opnieuw doordenken van het geloof?

3) Welke weerstanden van jongeren ziet u tegen de kerkelijke structuur? Sluiten die weerstanden aan bij uw eigen vragen/onzekerheden? Gaat het hierbij om weerstanden van ongeloof, die doorbroken moeten worden, of kunnen ze vruchtbaar zijn bij het opnieuw doordenken van het geloof?

4) Welke overige weerstanden van jongeren tegen de kerk komt u tegen? Sluiten die weerstanden aan bij uw eigen vragen/onzekerheden? Gaat het hierbij om weerstanden van ongeloof, die doorbroken moeten worden, of kunnen ze vruchtbaar zijn bij het opnieuw doordenken van het geloof?

Gesprek
Evenals tijdens het ochtendgedeelte het geval was, waren ook nu de gespreksgroepen 'gemengd', zodat Den Helder temidden van Zoetermeer, Hardinxveld, Nieuwegein en Den Haag plaats kon nemen. Verderop aan tafel werden nog andere plaatsen gesignaleerd. Aan andere tafels zaten weer broeders en een enkele zuster uit andere plaatsen.
Het bleek niet zo eenvoudig om aan de hand van het referaat van Ds. Ganzevoort tot concrete uitspraken te komen.
Wel bleek dat enkele aspecten uit zijn lezing de discussie bepaalden. Opgemerkt werd dat we ons voortdurend af moeten vragen of onze vormen en tradities wel geënt zijn op de Bijbel. Sommige jongeren haken niet af op de bijbelse boodschap, maar wel op de traditie die we er omheen gebouwd hebben. Eén van de aanwezigen trok de vergelijking met het maken van een schilderij: op bepaalde momenten haal je bepaalde aspekten naar voren om de kern van je boodschap beter tot zijn recht te laten komen. Rembrandt zou in onze tijd vermoedelijk anders hebben geschilderd.

Bondgenoten
De uitspraak dat we jongeren tot bondgenootschap moeten roepen (oftewel: zelf bondgenoot moeten worden) sprak duidelijk aan. Vaak worden vragen van jongeren als bedreigend ervaren... Wat we vergeten is dat een gesprek met ouderen vaak minstens even moeilijk is als een gesprek met jongeren." De vraag kwam nog aan de orde welke concrete gevolgen het radicale denken zou moeten hebben voor ons kerkelijk functioneren. Wat is de rol van de traditie; we kunnen immers ook niet zonder (een stukje) traditie? In ieder geval herkenden de aanweziqen zich in de opdracht om radicaal getuige van Christus te zijn ... We hebben een schat gekregen, maar we laten hem te weinig zien." Hoe je concreet aan het leven met die schat gestalte moet geven, zal ook een zaak zijn van de plaats waar je gesteld bent en de omgeving waar je in verkeert.

Plenair
Aan het eind van de middag was er gelegenheid voor discussie tussen de groepen onderling. Over het beleid ten aanzien van jongeren (de discussie tijdens de ochtend", werd opgemerkt dat dit niet alleen een probleem is van jongeren, maar dat ook ouderen moeten worden toegerust. De inleider van de ochtend, de heer J.J. Lakerveld, noemde het vooral van belang om condities te scheppen waarin jongeren zélf vragen gaan stellen ... Waarom denk jij zo als ouderling?" Ook zou je jongeren zélf kunnen inschakelen wanneer andere jongeren dreigen af te halen. De heer Lakerveld stelde dat er geen wetmatig verband bestaat tussen de opvoeding van ouders en het feit dat kinderen de kerk de rug toekeren. Je moet dus in je uitspraken voorzichtig zijn. Ds. Ganzevoort noemde een eerlijk en echt geloofsleven van de ouders een noodzakelijke voorwaarde, maar niet de enige voorwaarde voor kinderen om te 'leren geloven'.

Houding
Ook onze eigen houding kwam enkele malen aan bod. Enerzijds werd opgemerkt dat we het soms erg moeilijk vinden om het geloof handen en voeten te geven. Is zichtbaar hoe we zélf met het geloof omgaan? Je moet jezelf voortdurend een spiegel voor durven te houden. Spreken we over het geloof in termen van macht? (zoals Saul).
Hebben we regels te formeel gemaakt? Een voorbeeld is soms het afleggen van openbare belijdenis.
Belijden is een vorm van vertrouwen, maar het krijgt in deze vorm onbedoeld een statisch karakter. Het gevolg zou wel eens kunnen zijn dat jongeren ná het doen van belijdenis alsnog afhaken, omdat het belijden onvoldoende naar voren kwam in de betekenis van 'voortdurend vertrouwen'. De houding van ouderen ten opzichte van jongeren is vaak problematisch. We denken dan in termen van ongehoorzaamheid, niet willen luisteren, zich niet aan willen passen. Voor het jeugdwerk heb je echter mensen nodig die de jeugd geen probleem vinden.

Herkenbaarheid
Naar aanleiding van de door hem opgestelde vragen merkte Ds. Ganzevoort op dat z-.i. de herkenbaarheid heel belangrijk is... Misschien is de tijd gekomen dat jongeren óns moeten leren wat christen-zijn inhoudt, dat zij profetische woorden spreken. Helaas roepen profetische woorden soms angst op, we trekken ons dan terug in onze loopgraven."
Ds Ganzevoort benadrukte dat het van belang is dat jongeren de ruimte krijgen. Ruimte om een tijdje 'fundamentalistisch' te denken, om heel opstandig, tegen de draad in te zijn. Volwassen-worden is een zoektocht. Met al jouw zoeken ben je welkom in ons gezin én ben je welkom in de kerk.

Bang?
Moeten we niet bang zijn als we horen met welke ideeën jongeren in aanraking komen? Moeten we dan niet des te sterker grijpen naar die oude formuleringen zoals verwoord in o.a. de belijdenisgeschriften? Die geschriften werden immers ook geschreven in een tijd waarin de kerk gedwongen werd om haar geloof te belijden? Ds. Ganzevoort: ..We zijn allemaal bang dat we Jezus kwijtraken, omdat we bezig zijn een aantal zekerheden kwijt te raken. Ik sta volledig achter de inhoud van de oude belijdenisgeschriften. Dat wil niet zeggen dat de antwoorden van toen precies passen bij de vragen waar we nu tegenaan lopen. Zelf kom ik altijd weer terug bij die antwoorden, zoals bijvoorbeeld in de Heidelberse Cathechisrnus geformuleerd. Maar we moeten met die antwoorden niet bijvoorbaat het gesprek afkappen. We gaan soms te gemakkelijk voorbij aan de worsteling die aan het zelf kunnen formuleren van de antwoorden vooraf gaat....

Niet vrijblijvend
Ziet Ds. Ganzevoort alles relatief? Nee, de Bijbel is Gods openbaring. 'Het gaat om Gods wondere daden in de geschiedenis. De Bijbel bevat dus niet zomaar verhaaltjes, al werd de heilsgeschiedenis aan ons overgeleverd in de vorm van verhalen. De feiten zijn wezenlijk, maar de openbaring stelt ons in iedere tijd ook weer voor een aantal vragen. Het Woord van God is ook niet vrijblijvend, je kunt er niet alle kanten mee uit. God wil ons bijsturen en dat hebben we ook nodig," aldus Ds. Ganzevoort.

Noten:
1 De volledige tekst van het referaat van Dr. R.R. Ganzevoort wordt in de nieuwe jaargang geplaatst in 'Opbouw'.
2 Benne Holwerda heeft op de voorpagina van 'Opbouw' (1 juli 1994) aandacht besteed aan leven en werk van deze radicale franse theoloog.
3 Het verslag van het ochtendgedeelte, met een lezing door de heer J.J. Lakerveld uit Emmeloord, vindt u in het vorige nummer van 'Opbouw'.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief