De ontdekking van de hemel

1993-07-16
  • Jaargang 37
  • nummer 15
Roman van Harry Mulisch. Uitgever De Bezige Bij. 905 blz. Prijs f 75,-.

De titel van het boek heeft een paar betekenissen. Als eerste noem ik de betekenis die Harry Mulisch zelf in een van zijn interviews geeft. Dat is de ontdekking door de hemel dat Lucifer, de duivel heeft gewonnen. De mens is nu zo knap, dat hij b.v. in staat is zichzelf en de aarde te vernietigen. De duivel heeft daarmee zijn doel bereikt.
God besluit het contract met de aarde op te zeggen. Het contract ligt vast in de tien geboden op twee stenen tafels.
Die twee stenen met de tien geboden moeten van de aarde worden teruggehaald. Tussen haakjes: Zou Mulisch 'De Voorzeide Leer' van ds. C. Vonk hebben gelezen? De vorm en de stijl van het bijbelboek Deuteronomium geven aan, dat dit inderdaad een contract, een overeenkomst tussen God en de mensen is. Zoiets als een verbond...
Dat terugbezorgen naar de hemel moet gebeuren door een jongen die speciaal voor dit doel wordt verwekt en geboren. Als deze jongen ontdekt met welke opdracht hij op de aarde is gekomen, n.1.dat die twee stenen terug moeten naar de hemel, noemt Hans Werkman (N.D. 19-12-92) dat ook een ontdekking van de hemel. Dat is dan de tweede betekenis van de titel van het boek. Om de derde betekenis uit te leggen moet ik eerst meer van het boeiende verhaal vertellen. Het boek begint met het ontstaan van de vriendschap tussen twee mannen, Max Delius en Onno Ouist. Een vriendschap die overigens als twee druppels water lijkt op de vriendschap tussen Harry Mulisch en Jan Hein Donner. De laatste zegt over die vriendschap: "Het was mij alsof in eindelijk iemand gevonden had, die de dingen begreep, die niemand scheen te begrijpen".
Beiden raken na elkaar verliefd op hetzelfde meisje Ada Brons. Onno trouwt met haar, als blijkt dat zij zwanger is. De gebeurtenissen rondom het verwekken van het kind-met-deopdracht spelen zich zo af, dat mij nog steeds niet geheel duidelijk is wie de echte vader is. In ieder geval gaat Onno er voor door, maar - wonderlijke wending -, Max zal als vader gaan optreden. De echte moeder heeft nl. een ongeluk gehad en ligt in coma en Max stelt zich beschikbaar om, met de moeder van Ada, de grootmoeder van het kind dus, voor hem te gaan zorgen. Prachtige beschrijvingen, die vriendschap en de opofferende houding van Max. Boeiend en interessant (en ik noem maar een paar dingen, waarmee ik de schrijver tekort doe) is ook het leven van de jongen, Ouinten Ouist, op de plaats waar hij met zijn pleegvader en grootmoeder woont. Dat is een kasteeltje in Drente, waarin een aantal appartementen is gebouwd. Ouinten ontmoet daar een letterontwerper, een architect, een vertaler, een beeldhouwer en een slotenmaker. Zij wonen allemaal op dat kasteeltje en dragen allen iets bij aan de verder normale opvoeding van Ouinten. Maar achteraf blijkt dat hij deze kennis nodig heeft voor het volvoeren van zijn opdracht, het terugbrengen van de tien woorden. (Mulisch schrijft echt woorden, net als ds. Vonk). Maar ik zou nog een ontdekking van de hemel uitleggen. Max Delius, de pleegvader is sterrenkundige. Hij werkt bij de grote spiegels van de radiosterrenwacht in Westerbork. Honderden andere spiegels in de wereld, via computers gekoppeld aan die van Westerbork, geven op een dag meetbare signalen van de afstand en de snelheid van een verschijnsel. Die signalen zetten hem aan het denken.
Zij zijn zo nieuw en zo anders, dat hij zich afvraagt of hij de grenzen van ons universum aftast en wellicht een ander universum binnen gaat. De hemel soms? En met die gedachte wandelt hij naar huis, op welke wandeling hij dodelijk wordt getroffen door een meteoriet. De twee engelen, die in intermezzo's gesprekken voeren over de dingen op de aarde, zeggen tegen elkaar: "Hij stond op het punt ons te ontdekken. Zijn dood was noodzakelijk." Dat was de derde (bijna-)ontdekking van de hemel.
De dood van Max is een van de scharnierpunten in het boek. Quinten krijgt daarna de onweerstaanbare drang zijn vader Onno Quist op te zoeken. Hij vindt hem toevallig (?) in Rome, en na een serie boeiende gesprekken, waarin ongeveer de gehele Bijbelse geschiedenis wordt verteld, komen ze op het spoor van de twee stenen. De rest laat zich raden. In een serie bepaald spannende gebeurtenissen worden de stenen gevonden en meegenomen.
Zoals gezegd, ik kan maar een paar punten noemen van dit dikke boek van 905 pagina's. Het heeft mij bijna geen moment verveeld. De stijl is verzorgd. Het is levendig, afwisselend en eigentijds geschreven. Daarbij prachtige beschrijvingen, goede gesprekken, zotte ingevingen, kostelijke dwarsverbanden. Je begrijpt wel het succes van het boek bij vaderlandse prijzenjury's en buitenlandse uitgevers! Een opmerking over de verhoudingen van Max met het andere geslacht mag niet ontbreken. Ik meen dat dat niet klopt met een paar van die tien geboden Belangrijker is echter het volgende. Is het wel verantwoord om met dit onderwerp: De aarde komt los van God, zó uitgewerkt, een boek vol te schrijven? Is Mulisch hier niet over de grens gegaan? Ondanks de tedere beschrijving van de houding en de mentaliteit van de jongen met de opdracht, ondanks het meeslepende verhaal: Ik denk van wel. De verhouding tussen God en de mensen is een andere dan . Mulisch beschrijft. In een van de interviews zegt hij dat de religie, het geloven hem fascineert.
Nu, dat is te merken. Hij kijkt ertegen aan, als naar een fraaie diamant. Glinsterend, stralend, maar hard, koud en afstandelijk. Je zou hem toewensen, dat hij iets meer ontdekte van de vergevende liefde van Jezus Christus, ook eens een jongen die met een opdracht op de aarde verscheen. Over ontdekken van de hemel gesproken.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief