Meer dan een woord van mensen
2007-07-27
Gezaghebbende prediking. Wie zou daar niet naar verlangen? De woorden van de prediker ervaren en ontvangen als woorden van God en niet maar als een woord van mensen. Wie zou dat niet willen?- Jaargang 51
- nummer 15
Leren omgaan met de gave van profetie zou een begaanbare weg kunnen zijn om te groeien in preken met gezag. Een bijdrage aan de bezinning op de prediking.
Ds. Schaeffer pleit in het Pinksternummer van Opbouw (51/11) voor preken met gezag. Hij signaleert terecht de slijtage waaraan de prediking soms onderhevig is. ‘Zo kan het gebeuren dat de prediking wordt ervaren als maar een woord van mensen. De meest positieve reactie is soms dat mensen zeggen, dat ze het interessant vonden en dat ze er nog eens over na zullen denken’. Het is jammer dat ds. Schaeffer juist daarbij mijn pleidooi voor de gave van profetie (Opbouw 51/3, 51/4) zomaar terzijde schuift. Een eenvoudig beroep op de traditie (een oud gereformeerd adagium) blijkt voldoende om een reeks schriftgegevens over de betekenis en rol van profetie in het Nieuwe Testament te negeren.
Dat is ook teleurstellend met het oog op het onderwerp dat Schaeffer zelf aansnijdt. Want het leren omgaan met de gave van profetie kan m.i. een goede oefening zijn om te groeien in gezaghebbende prediking.1
Welk gezag?
Anders dan ds. Schaeffer suggereert, ben ik het helemaal met hem eens dat het te mager is om de betekenis van prediking te beperken tot bijbeluitleg en bijbelonderwijs. Voor goede prediking is gedegen exegese, een logische opbouw, een goede didactische opzet e.d. van groot belang.
Maar voor preken met gezag is meer nodig. Maar wat of wie is dan de echte bron van gezag? Schaeffer verwijst naar Paulus’ oproep aan Titus (2:15) om het evangelie met gezag te verkondigen. Ik denk ook aan wat er over de Here Jezus gezegd wordt: ‘Hij leerde als een gezaghebbende en niet als een Schriftgeleerde’. Dit gezag komt niet alleen bij de prediking van de Here Jezus aan de orde, maar het is typerend voor zijn hele optreden.
De Here Jezus heeft zijn leerlingen beloofd, dat Hij (aan wie alle macht/gezag gegeven is) met hen zal zijn tot aan het eind van de dagen. Paulus getuigt in Rom 15: 18, 19 hoe deze kracht en macht zijn verkondiging in woord en daad bepaald hebben. Toen Jezus zijn leerlingen uitzond, heeft Hij hen die macht gegeven en Hij belooft dat nog steeds.
Hoe leer je dat?
Hoe leer je dat? Ds. Schaeffer noemt twee dingen. Ten eerste: de verwondering over het spreken van God, zoals we dat in de Schrift ontvangen hebben. Ten tweede: het gebed (van prediker en gemeente) in verband met de preekvoorbereiding. Dat zijn inderdaad twee belangrijke punten, maar toch lijkt het me goed om te kijken of we hierin niet concreter kunnen worden. Een van de sporen waarlangs we naar mijn mening op dit punt verder kunnen komen, is wat we kunnen leren van de charismatische vernieuwing, met name van het ‘streven naar de gave van profetie’.
We moeten geen tegenstelling tussen de nieuwtestamentische profetie en de prediking creëren. Het gaat erom dat ze elkaar versterken en bevruchten, zoals we ook gebed en bijbellezen niet tegenover elkaar moeten zetten.
Ik heb dan ook - anders dan Schaeffer stelt - nergens willen suggereren dat profetie meer van Gods spreken in zich heeft dan de prediking.
Ontvankelijkheid door luisterend bidden
In mijn artikelen in Opbouw ben ik op zoek gegaan, hoe de gave van profetie in het Nieuwe Testament functioneert.
En ook hoe die gave in onze tijd zou kunnen functioneren. Volgens mij moeten we in het oefenen met deze gave niet zomaar claimen, dat we woorden van God ontvangen. Nee, in nieuwtestamentische profetie gaat het naar mijn overtuiging om woorden van mensen, waarin we een mogelijke openbaring ter toetsing aan de gemeente aanbieden.
Profetie kan pas goed tot ontplooiing komen in een kader van goede, gezaghebbende prediking. Zulke prediking leert ons om in de realiteit van vandaag Gods stem te verstaan. Op die manier trainen we ons geestelijk gehoor in het verstaan van Gods stem. Dat helpt ons om te toetsen, of in profetie diezelfde God aan het woord is. Maar het werkt ook andersom. Als we streven naar de gave van profetie, dan oefenen we de ontvankelijkheid van luisterend bidden.
We vragen met het oog op hele concrete onderwerpen: ‘Heer, maak ons open voor wat U wilt zeggen of wilt laten zien’, en ‘Heer, leer ons toetsen en beproeven’. Dat hebben we nodig, als we willen leren preken met gezag. Dan bidden we (voor, tijdens en na de grondige exegese e.d.): ‘Heer, wat wilt U laten zien, wat wij nu in Uw naam in deze situatie, naar aanleiding van deze tekst tot deze gemeente mogen zeggen? Laten het Uw woorden zijn, want dat zijn woorden met gezag’.
Preken met gezag: dat is niet iets dat je als een methode aan kunt leren. Het gaat om een groeiende ontvankelijkheid.
Daarom pleit ik ook in dit verband voor een streven naar de gave van profetie, een streven naar ontvankelijkheid door luisterend bidden. Misschien kan de training over luisterend bidden (zoals ik die zelf in het kader van een ministry-training ontvangen heb) op den duur worden geïntegreerd in de lessen homiletiek (preekkunde). We moeten niet allen leraars willen zijn, maar ons wel allemaal uitstrekken naar profetie. In die lijn is het te overwegen om eerst te oefenen met de gave van profetie (en dan met name met de ontvankelijkheid van het luisterend bidden), voordat er geoefend wordt met prediking.
Om misverstanden te voorkomen, ik besef heel goed dat anderen ook op zoek zijn naar gezaghebbende prediking, op zoek naar hoe de Heer door hun preken wil spreken, terwijl ze weinig of niets hebben met ‘profetie’ of met ‘luisterend bidden’. Ik zie oefening met de gave van profetie als een begaanbare en zinvolle weg om te groeien in preken met gezag, maar zeker niet als de enige weg.
In hoeverre de groei in het luisterend bidden (en breder, de gave van profetie) vruchtbaar is voor de verschillende aspecten van het kerkelijk leven, kan pas echt duidelijk worden als dat streven (in gehoorzaamheid aan I Kor. 14) breed in de kerken vorm krijgt. Maar volgens mij is er ook naar aanleiding van het verlangen dat leeft naar ‘preken met gezag’ alle reden om deze weg kritisch te beproeven.
Niet los verkrijgbaar
Tenslotte. Bij de Here Jezus kun je de gezaghebbende prediking niet losmaken van Zijn gezaghebbend optreden.
En Paulus spreekt van gezaghebbende prediking (Rom. 15) door woord en daad, door de kracht des Geestes. Zo zal ook in onze tijd er alleen echte gezaghebbende prediking tot bloei komen, als de gemeente vervuld is van de kracht van de Geest, in woord en daad.
1) Prediking en profetie zijn niet identiek. In het NT is niet één voorbeeld te vinden, waarin prediking als profetie wordt aangeduid. Ik spreek daarom liever over ‘gezaghebbende’ dan over ‘profetische’ prediking.
Ds. Joop van ’t Hof is predikant van de NGK van Voorthuizen/Barneveld.