Dominus of dominee?
1993-10-08
Aanspreektitels raken uit de mode. Ministers werden vroeger aangesproken als excellentie, tegenwoordig is het op zijn best: mijnheer (of mevrouw) de minister. Een rechter werd vroeger tijdens de zitting aangesproken als edelachtbare, tegenwoordig is het: mijnheer (of mevrouw) de rechter.- Jaargang 37
- nummer 21
Alleen de Koningin wordt op Haar uitdrukkelijke wens aangesproken als: Majesteit. Onder elkaar spreekt men ook niet meer met twee woorden, maar is het tutoyeren gewoonte geworden. En de voorname taal van vroeger is vervangen door de voornamentaal, die overal wordt gebruikt om ministers, Kamerleden en andere hoogwaardigheidsbekleders aan te duiden. Vele kinderen tutoyeren zelfs hun ouders en noemen ze bij de voornaam.
Slechts enkele beroepen zijn er nog, waarvan men de naam gebruikt om de persoon aan te spreken. Afgezien van bakker of slager - althans wanneer deze als zodanig werkzaam zijn - zijn het eigenlijk alleen nog de dokter, de dominee, de professor en de burgemeester, die met hun beroep worden aangesproken. De laatste raakt uiteraard zijn aanspreektitel kwijt als hij de functie verliest; een dokter, een dominee en een professor blijven echter tot hun laatste snik als zodanig aangeduid, ook als zij hun beroep niet meer uitoefenen. De merkwaardigste titel is die van dominee. Het woord is afgeleid van het Latijnse dominus, dat weer zijn oorsprong vindt in het woord domus. Domus is huis en een dominus is een heer des huizes, later: een heerser, gebieder (vandaar het woord domineren). Iedere heer was vroeger een dominus, nu wordt het woord beperkt tot een predikant.
De aanspreekvorm van het Latijnse woord dominus is domine, later in het spraakgebruik verlengd tot dominee.
Spreekt men een predikant aan, dan behoort men dus te zeggen: dominee. Maar heeft men het over een predikant, dan hoort men eigenlijk te spreken over een dominus. En van dat woord is de nog steeds in zwang zijnde afkorting ds. afgeleid. Hoe het ook zij, dominus of dominee, in beide gevallen zijn de heren wel eer waard.
Dit interessante artikel van de hand van Dr. Verplanke troffen wij aan in het chr. geref. weekblad: 'DE WEKKER'.
Het lijkt ons niet nodig er iets aan toe te voegen. Dit wordt mee gemotiveerd door het feit, dat ik zelf dominee ben en daarom het gevaar loop mij in dit kader op glad ijs te begeven. En ik ga nu eenmaal niet graag onderuit!