Zeker weten

1993-10-22
  • Jaargang 37
  • nummer 22
Hij zat altijd op dezelfde plaats. Met z'n armen rustend op tafel. Soms snakkend naar adem.
Jarenlang al had hij astma. In de kerk kon hij niet meer komen.
Cassettes van de diensten kon hij niet beluisteren, want hij was nog doof ook.
Elke week kwam ik bij hem. Met een geschreven preek van de laatste zondag.
En napratend over de vorige..,’ Was maar weer dunnetjes, hè?" zei hij met een twinkeling in de ogen.
Want plagen kon hij.
Maar op een dag was hij ernstig en vroeg: "Vertel eens, waarom zou ik deze ziekte toch hebben? Straf op de zonde? Ik kan me niet herinneren dat ik een zonde aan de hand heb gehouden.
Beproeving van m'n geloof? Ik geloofde vóór m'n ziekte ook heel vast. En, eerlijk gezegd, ik geloof nog net zo sterk!"
Hij zweeg. Ik probeerde voorzichtig: "Beste broeder, iedereen gaat altijd bemoedigd bij u weg. 't Is geen last om hier te komen, 't is een fijne ervaring. Wie weet, gebruikt God uw ziekte om te laten zien hoe sterk Hij wel is in een beschadigd leven".
"Zou het?", vroeg hij met een blik in z'n ogen die twijfel verraadde.
"Zeker weten!", zei ik.
Hij keek door het raam. Zijn stoel stond zo, dat hij recht de straat in kon kijken, die op hun huis uitkwam.
"Wilt u wel geloven, dat ik soms denk: 'k Wou maar dat de Here Jezus de straat in kwam, op ons huis zou toelopen, de deur zou binnengaan en dat m'n oren open zouden gaan, m'n longen zich zouden uitzetten en dat Jezus me bij de hand zou pakken en zou zeggen: Kom mee naar buiten! Alles is nieuw geworden!"
"Zouden we 't ons concreet moeten voorstellen?", vroeg ik.
"Zeker weten!"
Hij heeft nooit 'Halleluja!' geroepen.
Liep echt niet met het hoofd in de wolken.
Maar met z'n frisse geloof dreef hij sombere wolken boven veel hoofden weg.
Een echte Fries, open en eerlijk. Een echt kind van God, - hij wandelde met Hem.
Hij heeft de dag van Christus' komst niet meegemaakt.
Hij heeft Hem de straat tegenover hun huis niet zien in komen.
Hij is gestorven. Maar in zijn gedachten had hij het alles al meegemaakt.
En wanneer Christus komt, zal het voor hem werkelijkheid worden.
Zijn oren zullen open gaan. Zijn longen zullen zich vullen met de frisse lucht van Gods nieuwe aarde. En hij zal zeggen, met een diepe klank in z'n stem: "De helft was mij in de Anjelierstraat nog niet aangezegd!"
Zeker weten.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief