Tijd & Onthutsend
1993-11-05
Hierbij twee stukjes, die mij door een goede vriend werden toegezonden. Hij knipte ze uit de rubriek: 'Kerkvenster' van de Twentse Courant d.d. 9 oktober 1993. Hier volgt het eerste stukje: - Jaargang 37
- nummer 23
Tijd
Pastor Jan van Hal in 'Pastoeaan' , blad van de O.L. Vrouweparochie Hengelo: ,,'Ik heb geen tijd'. Dat kun je nog al eens horen in onze jachtige tijd. Als iemand tegen mij zegt: 'Ik heb geen tijd', dan ervaar ik dat als pijnlijk. Ik voel me ook afgewezen. Want ieder van ons heeft toch 24 uur per dag de tijd! Als je zegt: 'Ik heb geen tijd' zeg je daarmee in feite 'Ik heb uiteraard wel tijd. Maar de tijd die ik heb besteed ik aan iets anders dat op dit moment belangrijker voor me is dan jij.' De mens die een beroep op je tijd doet zet je daarmee op de tweede plaats. Daarom probeer ik zelf dan ook nooit te zeggen dat ik geen tijd heb.
Want ik heb altijd tijd. Het komt natuurlijk wel vaak voor dat ik een bepaalde 'tijd al aan iemand anders heb beloofd of voor mezelf bestemd heb. Dan moeten we met elkaar overleggen hoe of we samen een andere tijd kunnen vinden. Ik vind dat we altijd tijd voor elkaar moeten hebben. We krijgen die immers zelf ook gratis en voor niks! Door tijd te geven aan je medemens geef je iets heel kostbaars van jezelf aan hem of haar."
Dit artikeltje uit R.K. kring is ontdekkend en beschamend. Het roept ons op tot nadere bezinning. Juist het medemenselijk aspect wordt in dit verband terecht belicht. God geve ons allen de nodige fijngevoeligheid ook in onze woordkeus ten opzichte van onze naasten!
Onthutsend
J. Vonhof in 'De Karkesproake', blad van de hervormde gemeente en gereformeerde kerk in Hellendoorn, over het omstreden medische programma 'Op leven en dood' van de NCRV: "Het onthullende en onthutsende van dit programma vond ik echter hoe er over leven en dood werd gesproken; en het grote vertrouwen, dat in de medische macht werd gesteld. 'Op leven en dood' staat blijkbaar gelijk met 'wel of niet een medische behandeling ondergaan'. Je kunt je evenwel afvragen waar God in dit alles is gebleven. Heeft Hij nog iets met het leven en het sterven van mensen te maken? Ligt het oordeel over ons leven in Zijn hand of in de handen van het publ iek in een tv-studio? Ik stel de vragen wat overdreven, maar het geeft wel aan wat ik bedoel. En: wat is leven eigenlijk? En wat voor houvast hebben mensen, die ongeneeslijk ziek zijn en die niet meer behandeld kunnen worden. Is het een taboe geworden om te spreken over een hiernamaals; over hemel en hel; over je geborgen weten in de handen van de Here God; over het oordeel van de Rechter, die ook de Redder blijkt te zijn. In het tv-programma kwam er in ieder geval niets van naar voren; daar werd 'leven en dood' afgegrensd tot de ruimte van een operatiekamer. Dat vond ik pas echt onthutsend."
Dit is het tweede stukje. Wij mogen dankbaar zijn voor de vooruitgang van de medische wetenschap en ondervinden daar het nodige profijt van. Je moet maar behoorlijk ziek zijn en geen horizontaal uitzicht meer hebben en het overkomt je, dat via een medische behandeling een nieuwe weg wordt gebaand waardoor je misschien nog ettelijke jaren kunt leven.
Dat is een zaak waarvoor je de HERE dan niet genoeg dankbaar kunt zijn! Maar je kunt ook zo eenzijdig met leven en dood bezig zijn, dat God nergens meer in je verhaal voorkomt. pan is de mens het, die het beslissen en maken zal. Dan zitten we op de ver" keerde toer. Want dan ontvangt God niet de Hem toekomende eer en leveren we tevens geen bijdrage aan de geloofsbeleving van de ander. Dan bevorderen we de hedendaagse Godloze cultuur. De HERE beware ons ervoor!!