'Noch wij noch zij hebben de succesformule'

1993-11-19
  • Jaargang 37
  • nummer 24
Als we met hen in contact komen, wat dan? Een vraag die zaterdag 6 november 120 Nederlands Gereformeerde ouderlingen in de ban hield. De ontmoeting met evangelische christenen bleek ook op de vierde Ouderlingen Conferentie een thema te zijn dat de gereformeerde gemoederen bezighoudt. Overigens een bijeenkomst die in alle opzichten verschilde van de voorgaande drie. De organisatie besloot voor een andere opzet en koos ook een andere locatie.

Wie de evangelische broeders en zusters zijn en hoe ze het geloof beleven, werd al eerder in Opbouw uit de doeken gedaan door Dr. A. van der Dussen. Daarom koos de organisatie zaterdag voor een praktische invulling in conferentieoord Ons Centrum te Driebergen. 'Van der Dussen kondigde aan geen monoloog te zullen gaan houden, maar dat de ouderlingen zelf aan de slag moesten. Ze werden daarbij een handje geholpen door de 'acteurs' drs. Pieter van Kampen en Anton van Heusden van de Evangelische Alliantie. Aangeduid als "mensen met affiniteit met het gereformeerde en evangelische wereldje en tevens in het bezit van het nodige acteertalent" .

Karikaturen
Er was eens een ouderling die op huisbezoek ging bij een gemeentelid. Niet zo maar een doorsnee gemeentelid, maar iemand met evangelische 'neigingen'. Van Kampen en Van Heusden konden zich prima inleven in die rol, en voor 120 paar ogen ontspon zich een discussie over gevoel en kennis, toegankelijkheid van de liederen, zorg met betrekking tot de geloofsopvoeding en dergelijke. Nadat beide acteurs het veld geruimd hadden, plaatste Van der Dussen een aantal kanttekeningen. Hij noemde de karikaturen, waar beide sprekers zich van bedienden. Hij vroeg zijn toehoorders of zij eigenlijk wel wisten waar ze over spreken,' wanneer ze het hebben over de evangelische samenkomsten. Verder poneerde de predikant de volgende stelling: Er wordt terecht aandacht gevraagd voor gevoel, beleving, gebed en geraakt worden. Volgens hem gaat het verder dan te zeggen: 't is wel waar, maar dat is toch niet het enige. "Ook als je even niets voelt wordt dat in de gereformeerde traditie geaccepteerd. Het geloof staat of valt immers niet met iets voelen of niet. Je blijft een kind van God. Hij sleept je erdoor en dan verschijnt daar het verbond. Door het verbond zijn we omsloten", aldus Van der Dussen. Volgens hem is het enorm belangrijk dat er in de christelijke kerk ruimte is voor 'woestijntijden' en dat er dan niet direct wordt getwijfeld aan je christen-zijn. De aanwezigen konden over deze stelling doorpraten als het huisbezoektafereel geen gesprekstof meer bood.
In de groepsgesprekken bleek dat het gesprek tussen de ouderling en het gemeentelid op zich werd herkend.
Toch was er ook de nodige kritiek. De ambtsdragers constateerden dat de confrontatie vanaf het eerste woord werd gezocht en dat de gesprekspartners niet 'samen opgingen'. De ouderling ging bij voorbaat al uit van zijn gelijk en dat is geen uitgangspunt voor een gesprek, zo constateerden een aantal ouderlingen. Verder werd door hen nog doorgepraat over de 'belevingsarme' christen, die door Van der Dussen naar voren was gehaaid. Gereformeerden spreken doorgaans wat minder gemakkelijk over hun geloof dan de evangelischen. Het kan dan zo lijken of men niet mee kan komen met als gevaarlijk punt dat men zich een slechte christen gaat voelen. Over een dergelijk dreigend minderwaardigheidscomplex ging het in de tweede sessie en er werd 's middags nog op teruggekomen.


In Rotterdam voeren gereformeerden sinds enige tijd gesprekken met evangelische christenen. Tijdens de conferentie vertelde ds. De Lange op verzoek iets over dit initiatief: "Een broeder uit de evangelische groep 'De Brandaris' kwam sinds enige tijd in onze middagdiensten. Hij stelde voor dat het misschien eens goed zou zijn om met elkaar te spreken, omdat we elkaar iets te bieden hebben. Daar zijn we op ingegaan en enkele gemeenteleden zijn om de tafel gaan zitten met een paar van hun oudsten. We hebben toen een zestal gesprekken gehad over verschillende onderwerpen, zoals hoe zit de gemeente in elkaar, een stukje kerkgeschiedenis van beide kanten en de ontwikkelingen en ook hebben we het uitvoerig gehad over de doop en het opnieuw dopen. Wij hikken daar nog steeds erg tegenaan, maar we zetten de gesprekken wel voort. Met name bij het praten over de doop komen elementaire dingen aan de orde, zoals het verbond en de uitverkiezing".


Aangeklaagd
Terug in de zaal namen Van Kampen en Van Heusden hun posities weer in en volgde er een tweede versie van het huisbezoek, dat een wat dramatischer verloop had: Het gemeentelid denkt erover de overstap te maken naar de evangelischen en de ouderling is even uit het veld geslagen. Vervolgens gaat het gesprek over dopen en overdopen, maar dat duurt niet lang. De ouderling probeert door te stoten naar de diepere beweegredenen van 'zijn' gemeentelid.
De 'broeder' geeft echter aan dat het om een totaalbeleving gaat en vervolgens vliegen termen als volheid, radicaliteit, bewogenheid en profetie over de tafel. "Je hoort dat je vervolgd kunt worden, maar dat Jezus het waard is. Zo is het me nog nooit verteld”, verbaast het gemeentelid zich. De ouderling kijkt bedenkelijk en zegt vervolgens dat ook hij zich aangesproken voelt in zijn ambt als ouderling. "Ik voel me aangeklaagd". Later blijkt dat ve.el ouderlingen zich hier helemaal in kunnen vinden. Aan het slot geeft de ouderling aan dat hij graag het gesprek wil voortzetten als hij zich er wat in verdiept heeft.
Van der Dussen haalt in zijn commentaar weer een aantal punten uit de huisbezoekscene. "Dat aangeklaagd voelen, kan zich vertalen in je een slecht christen voelen. 'Waar blijven wij' is een veelvoorkomende reactie onder gereformeerden die in aanraking komen met evangelischen. Een belangrijk thema in dergelijke situaties is de vraag of dit een diskwalificatie van ons gemeente-zijn inhoud. Hebben wij het volle evangelie dan niet?" vroeg Van der Dussen zich af en hij speelde de vraag door naar de tribune. Verder wees hij op het appèl dat de ouderling aan het eind op het gemeentelid doet. Hij gaat niet in discussie of probeert de man te overtuigen, maar laat hem zien dat de gemeente hem nodig heeft, juist nu. 'Je laat de gemeente toch niet in de steek', luidt eigenlijk de onuitgesproken vraag. In de groepsgesprekken waren de mensen die het in de praktijk moeten doen, positief over deze appelhouding: "Je blijft in gesprek, maar last alleen een pauze in. Een ouderling moet natuurlijk wel zorgen dat hij goed toegerust is, maar deze pauze kan, behalve om je te kunnen inleven, ook heel geschikt zijn om eens na te gaan of je misschien toch fout zit. Je voelt je immers aangeklaagd", zo luidde een gezamenlijke reactie. Men realiseerde zich dat een confrontatie natuurlijk op den duur niet te vermijden zal zijn, er zullen keuzes gemaakt moeten worden.

Succesformule
's Middags kwam wat meer uit de verf waar Nederlands Gereformeerden bij evangelischen tegenop lopen. Een van de afgevaardigden bracht naar voren dat gereformeerden tegenwoordig wel erg open zijn over van alles, maar dat er, in tegenstelling tot de evangelischen, nog steeds één taboe is. Dat is het evangelie zelf; dat wat we de wereld te vertellen hebben: "Als we werkelijk zo'n rijkdom hebben, waarom stralen we dat dan niet uit".
Van der Dussen kwam nog even terug op de minderwaardigheidsgevoelens die kunnen optreden bij ontmoetingen met evangelische christenen. Volgens hem moet onze houding en die van de kerk er een zijn van een gezond zelfbewustzijn. Dat is volgens hem de basis voor een vruchtbaar gesprek. Pas wanneer je zo'n houding aanneemt, kan er een gezonde stroom van zelfkritiek losbreken: "Het is alleen vaak het een of het ander: Of we kunnen geen kritiek horen of we doen alles fout en boren onszelf de grond in. En met name dat laatste is niet eerlijk tegenover de kerk en niet tegenover God. Bovendien is het niet bepaald een compliment voor de Heilige Geest, want ondanks onze missers zijn we wat waard". De predikant waarschuwde voor het beeld dat de evangelischen het helemaal hebben gemaakt, want dat is onzin: "Noch wij noch zij hebben de succesformule in huis, maar we kunnen leren van elkaar: We kunnen leren van de belevingswaarde, om ons meer open te leggen en vrijmoedig te zijn en ook om te zeggen dat je even niet zoveel voelt". De spreker sloot aan bij wat eerder die middag door een evangelische broeder relativerend werd opgemerkt: "We schieten tegenover God altijd te kort en kunnen nooit tevreden achterover gaan leunen. De bijbel waarschuwt ons waakzaam te blijven. Laten we dat zijn en nooit iets laten verbleken of verwateren als we het opmerken”.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief