Gelijke behandeling?

1993-03-26
  • Jaargang 37
  • nummer 7
We leven in een tijd, waarin het verboden is om zwarten belachelijk te maken, waar antisemitisme het einde van de loopbaan van een politicus betekent, maar waar het pesten van Christenen een populaire 'indoor'sport is geworden; en films die Jezus Christus bespotten worden als 'avant garde' beschouwd.

Pat Buchanan, Amerikaans cotumnist(1)

Christenen, beseft wat uw stem betekent.

J. de Bruin,
voorz. Christenen voor de waarheid(2)

Opschudding
Vermoedelijk gaat het om vrij geïsoleerde incidenten in ons land, die de laatste weken de pers hebben gehaaid.
Ik som er wat op:

• in het Groningse Scheemda heeft de PvdA-wethouder geweigerd om bij de afscheidsdienst van de Nederlands Hervormde predikant ter plaatse aanwezig te zijn. Zijn motivatie: het besluit van de (rechts confessionele) Hervormde Gemeente van Oostwold om niet meer vrouwen in de kerkeraad te aanvaarden is ouderwets en "van een.
andere planeet". Hij lichtte zijn motivatie nader toe: "Er zijn geen bijbelse gronden te vinden om vrouwen van het kerkelijk ambt uit te sluiten. Ze gebruiken een rare theologische kronkel om meer vrouwen in de kerkeraad te weigeren.
Ik bemoei me overigens niet met de gang van zaken in de kerk ( ).
Mijn houding betekent dat ik ook niet in een katholieke kerk of een opening van een moskee bijwoon, omdat ook daar vrouwen niet geaccepteerd worden." (Reformatorisch Dagblad 22-2-1993.)

• een meisje van 16 dat in een delicatessenwinkel in Hillegom staat krijgt geen arbeidscontract, omdat ze niet tegen polio is ingeënt. (De Gooi en Eemlander van 4-11-1992.)

• 'Tientallen PTT'ers haken af' is de kop van een artikel, dat op 11-2-1993 in het RD verscheen. PostbestelIers in de regio Noord-West Veluwe en in het Noorden van het land hebben pas geweigerd om een omstreden 'Nieuwe Erotiek Catalogus' in de postbussen te deponeren. "Voor zover bekend kon voor allen een bevredigende regeling worden getroffen." In het RD van 6-2-1993 wordt, op de voorpagina, echter melding gemaakt van een postbode die "voor een dag naar huis is gestuurd in verband met diens gewetensbezwaren tegen het bezorgen van een folder over erotische artikelen." "Toen de besteller zijn bezwaren via een regionale krant kenbaar maakte, greep de directie in. De man werd met verlof naar huis gestuurd en kreeg tevens zwijgplicht opgelegd."

• De Diemense uitvaartverzekeraar AVVL heeft met zijn slogan 'Is er koffie na de dood?' enige opschudding gebaard; daarmee is de aandacht getrokken die het bedrijf vermoedelijk zocht.
In het RD van 9-2-1993 wordt van een en ander melding gemaakt. Ik citeer een passage: "Niet eerder deed een reclameproductie zo veel stof opwaaien.
Het aantal klachten bij de Reclame Code Commissie bereikt recordhoogtes. ( ) Geschokte burgers en verontwaardigde raadsleden vragen de AVVL-posters onmiddellijk te verwijderen." Enzovoort. Het Nederlands Dagblad van 24-2-1993 meldt: "Tot nu toe hebben 282 mensen gereageerd die de leus in strijd met de goede smaak vinden of zich gekwetst voelen vanwege hun religieuze overtuiging."

• Een reclamespot van de verzekeringsmaatschappij OHRA wekt de indruk dat je, mits je in het bezit bent van een huurpolis, goed zit bij Petrus, die de toelatingsbeleid bij de hemelpoort coördineert. (diverse media op 6-2-1993.)

• Een belangengroep 'Christenen voor de Waarheid' heeft al weer een half jaar geleden geprotesteerd tegen reclame van bepaalde Jeansmerken. (Volkskrant, 27-6-1992.)

Terechte commotie?
De vraag die zich opdringt is de vraag of het hierbij gaat om een gecoördineerde actie om 'Christenen te pesten' of zijn dit gewoon geïsoleerde incidenten die niets te betekenen hebben? Is het geen 'over-reactie', als Christenen zo hevig op dit soort incidenten reageren?
Of hebben ze daarin groot gelijk?
Zijn dit feitelijk symptomen van een veranderend geestelijk klimaat in ons land? In de laatste zin schreef prof.dr. Egbert Schuurman, lid van de Senaat en ook lid van onze kerken, een beschouwing over de recent in ons land ontstane situatie, na de debatten en de stemming in de Tweede Kamer over de Euthanasiewetgeving en de Wet Gelijke Behandeling. De titel van zijn artikel in Koers luidt 'Anti-chriatelijke tendensen in de maatschappij'. (Koers, 19 februari 1993.)

Laat ik beginnen met als persoonlijke mening te zeggen dat het hier vermoedelijk bijna steeds om geïsoleerde verschijnselen gaat, die als zodanig in de meeste gevallen helemaal niet de bedoeling hebben om daarmee bij uitstek Christenen te kwetsen. Anderzijds vinden we erin 'tendensen' weerspiegeld (dat woord neem ik dus van prof. Schuurman over) die laten zien dat we inderdaad een na-Christelijke cultuur zijn geworden. Ons volk is natuurlijk al sinds enkele decennia steeds geen christelijk volk meer te noemen; wat dat betekent zie je dus in dit soort zaken. Als dat soort incidenten ons elke keer weer schokt, is dat daarom misschien wel een teken van gering realiteitsbesef! Hoe zouden we in ons volk 'de vruchten van de Heilige Geest' kunnen verwachten als de aanwezigheid van de Heilige Geest Zelf door een groot groot deel van onze volksgenoten niet wordt gekend, gezocht of verlangd? Tegelijk is er natuurlijk meer van te zeggen en dat hoop ik dan ook te doen. Daarbij hoop ik een aantal keren een verbinding aan te leggen met de situatie in de Verenigde Staten, zoals die in allerlei publikaties blijkt en nu ook in een recent uitgekomen boek, geredigeerd door dr. Os Guinness en dr. John Seel.
No God but God is een voortreffelijk boek, dat is uitgebracht door de Moody Press in Chicago. De ondertiteling is Breaking with the Idols of our Age. De "afgoden van onze tijd waarmee gebroken moet worden" zijn overigens afgoden die de schrijvers in de eigen, evangelische kring signaleren! Het prima uitgegeven boek, dat 223 pagina's telt, is derhalve een opmerkelijke en volgens de schrijvers broodnodige poging om de hand eens uitvoerig in eigen evangelische boezem te steken.
De hand die er vervolgens ook weer uitkomt is niet melaats, maar de zorgelijke conditie ervan geeft wel aanleiding om daarover een groot aantal pagina's vol te schrijven met prachtige en dus uitnemend te citeren uitspraken.
Een hoofdstuk, van redacteur dr. Os Guinness (die in de jaren zeventig staflid van Zwitsers L'Abri was), gaat specifiek over 'het Minderheidsgevoel', zoals dat, naar zijn zeggen, wordt aangetroffen bij velen in de huidige generatie Amerikaanse Evangelicals.
Voorbeelden hiervan zullen een paar keer hier worden aangehaald, waarbij ik probeer na te gaan of wij als Christenen in Nederland misschien een vergelijkbaar 'slachtoffergevoel' gaan krijgen. Juist omdat Guinness in de V.S. bij sommige Christelijke spraakmakers de diagnose stelt van een kwaal die aan paranoia, (ook wel 'achtervolgingswaanzin' genoemd), grenst, is het wel van belang te bezien of wij daar ook aan dreigen te gaan lijden.

Onterechte commotie
Wat in de Amerikaanse situatie erg opvalt is het feit dat de media elk geval van terecht of vermeend ongelijke behandeling meteen signaleren. Daarmee wordt de deerniswekkende bevolking van de V.S. overgoten met een stroom informatie die bij een enkeling periodiek dus de stoppen doet doorslaan.
Is dat nu bij ons ook het geval?
Hebben we reden te menen dat ook bij ons de media een zodanig soort berichtgeving leveren dat er een geïrriteerd en 'litigious' klimaat ontstaat?
Dat laatste woord vind ik een feitelijk onvertaalbaar Amerikaans woord, dat nog het best met 'procesziek' kan worden weergegeven; het gaat om de tamelijk afgrijselijke neiging bij veel Amerikanen om elkaar bij de minste of geringste aanleiding voor de rechter te slepen.

Het is niet ondenkbaar dat ook te onzent zo'n verderfelijk klimaat gaat ontstaan. Naar mijn mening zou het echter in hoge mate betreurenswaardig zijn, als er ook onder ons gelovigen zo'n 'slachtoffer-gevoel' zou gaan postvatten, het gevoel dat ons Christenen allerlei onrecht wordt aangedaan.
Ik heb de indruk dat we daar tot nu toe niet zo erg veel reden voor hebben.
Akkoord, laat de heer P. Drenth, wethouder te Scheemda, dan maar besluiten dat hij niet bij het afscheid van de plaatselijke Hervormde dominee aanwezig is. Misschien heeft de Hervormde gemeente nog andere mensen over die wel bij die plechtigheid aanwezig willen· zijn. Misschien is die meneer P. Drenth wel een heel domme man. Stompzinnigheid komt in alle beroepsgroepen voor en soms vrees ik dat imbeciliteit bij bestuurders en politici boven het landelijk gemiddelde ligt, dus waarom zou de heer P. Drenth daaraan niet mogen lijden? Dat is toch zijn demokratisch recht? Hij mag best een onjuist idee hebben van de relatie tussen Kerk en Staat, van de wijze waarop zijn privé-mening zich verhoudt tot wat van hem als vertegenwoordiger van de plaatselijke overheid wordt verwacht.

Dit incident op zich zegt nagenoeg niets over het religieuze of politieke klimaat hier te lande. Daarvoor is Scheemda niet per definitie representatief.
En als die meneer Drenth nou eerst diepgaande Bijbelstudie heeft gedaan alvorens hij tot de konklusie kwam dat "er geen bijbelse gronden" zijn voor dit soort achterlijk gedrag, dan is dat toch prima!
Waar vind je nog van die PvdA'ers die daar eerst de Schrift zo nauwgezet op nalezen?
Dat advertenties, waar om het meeste te doen geweest is, de aandacht van de (potentiële) consument willen trekken is ook duidelijk. Het is betreurenswaardig dat er in dat alles van zo weinig goede smaak of fijngevoeligheid blijk wordt gegeven, maar tegelijk moet je weten dat het hele reclamewezen niet in de eerste plaats uit is op de geestelijke verheffing van de vaderlandse volksmassa's. Het gaat erom de .aandacht van de consument te trekken; zoals met name de advertenties van de Italiaanse modegigant Elenetton aantoont, is alles geoorloofd, mits het leidt tot aandacht van de consument en vergrote omzet. Dat kun je als Christenmens betreuren, maar je moet in dat alles gewoon beseffen dat er voor allerlei bedrijven en ook individuen in onze samenleving niet zoiets als 'negatieve publiciteit' bestaat.
Alles wat de aandacht trekt is om die reden goed en de moeite waard.

Ernstiger wordt het, vind ik, als een overheidsinstantie als de PTT in een (sluimerend) konflikt komt met een toch niet klein deel van haar personeelsleden.
We zien in dit alles een illustratie van de onder ons gegroeide hang naar kapitalisme. Het wordt de boeren op de West-Veluwe verboden om hun mest, hun overtollige mest, 'uit te rijden'. Dat is namelijk slecht voor het milieu. Als er echter een stel seksboeren in Hulst, Zeeuws-Vlaanderen, hun geestelijke mest kwijt wil raken, moeten de postbodes op de Noord-West Veluwe met nadruk wel uitrijden, want de klant heeft er immers voor betaald!
De konklusie lijkt gewettigd dat de boeren die hun mestoverschot willen verkleinen, dat voortaan gewoon per post kunnen versturen, bij voorbeeld naar Hulst. Als ze de zending maar goed frankeren, wordt hij met de zegen van de PTT wel over de hoofden van de beroeps-pornografen uitgestort.
Dan weten we dat toch? Als je er maar voor betaalt. De uitspraak van Christus over het reinigen van de buitenkant van de beker en de schotel, terwijl "van binnen zij vol roof en onmatigheid" zijn (Mattheüs 23:25, 26), krijgt in onze post-christelijke samenleving nieuwe en onvermoede toepassingsvormen.
Ook al ben ik een hoereerder of laat ik anderen voor veel geld vieze plaatjes of video's produceren, die anderen tot elke denkbare vorm van gedegenereerd gedrag moeten aanzetten, het gaat goed met me, als ik m'n lichaam maar fit trim, roos uit mijn haar houd, me in een maatpak hul en in een BWM rijd.
Wie alle vormen van verregaand onbetamelijk gedrag op netjes gedrukt papier fotografeert en keurig adresseert met postcode en al, en vooral ook wie de porti keurig betaalt mag weten: "Tegen dezulken is de wet niet". De Wet van het Koninkrijk der Nederlanden, wel te verstaan. We hebben het niet over de Wet van het Koninkrijk der Hemelen! De overheid die krampachtig geen zedenmeester wil spelen, steunt in dat alles feitelijk hen die op gespannen voet met de wet kunnen komen te staan. Waar de apostel Paulus zegt: "wijst de ongeregelden terecht, beu.e kleinmoedigen op" (1 Thessalonicenzen) doet onze overheid precies het tegendeel: die is bezig om ongeregelden aan te moedigen en intussen wijst ze kleinmoedigen en ook gezagsgetrouwen, die met hun diensten niet aan dit soort geestelijk milieubederf willen meedoen, om die reden nogal nadrukkelijk terecht.

Voorlopige konklusie
We komen misschien wel terecht in een situatie als die van de edele Groen van Prinsterer, die in de Volksvertegenwoordiging van de vorige eeuw een voortdurende strijd, en niet zelden een (menselijkerwijs bezien) vergeefse strijd, moest voeren tegen 'de geest der eeuw'. Dat Christenparlementariërs meer in de positie van Groen terecht kunnen komen - mits ze in politicis principieel blijven, uiteraard! - lijkt me zeer te verwachten.
Waar dat ons de nodige stof tot nadenken dient op te leveren, is dat anderzijds nog geenszins aanleiding nu te gaan spreken over 'discriminatie van Christenen' in Nederland, laat staan dat het gewettigd zou zijn om over 'vervolging'. Dat laatste is nog wel wat anders!
Dat deze incidenten stuk voor stuk omineuze 'handschriften op de muur' kunnen betekenen is daarmee overigens niet uitgesloten.


Noten
1 Pat Buchanan. 'Hollywood's War on Christianity'.
Washington Times, 27 juli 1988. Geciteerd uit Guinness/Seel. No God but God.
Breaking with the Idols of Our Age. Moody Press. Chicago. USA. 1992. p. 87.
2 Kop van een artikel in het Nederlands Dagblad van 9-7-1992.
Dhr. De Bruin is de voorzitter van de Nederlandse afdeling van 'Christenen voor de Waarheid', een soort Christelijke belangenorganisatie.
Met dank aan dhr. Jan Faber en zijn staf van EO-Documentatie die snel en accuraat een groot aantal krante- en tijdschriftartikelen ter beschikking konden stellen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief