Discriminatie
1993-04-23
"Discrimineren past ons niet. Maar ik merk dat ik racistisch aan het worden ben." Haar man zei niets maar knikte.- Jaargang 37
- nummer 9
Meer dan een uur hadden ze met me gepraat over hun ervaringen met een buitenlandse werknemer. Toen hij kwam kon hij een werkvergunning laten zien - een illegaal zou niet aangenomen zijn -,en maakte een goede indruk. Hij kreeg geen a-sociaal laag zwart loon maar ruim het CAO-loon waarbij premies en belastingen worden afgedragen. De verhouding tussen dit al wat oudere echtpaar, meelevende kerkleden, en hun werknemer was goed. ' Omdat de man goed voldeed, gaf de tuinder hem na twee maanden een jaarcontract. Daarmee begon de ellende: vaak ziek (?), gezeur over reiskosten, klagen over het werk en wat al niet. Veel te laat kwam hij terug van vakantie. Toen hadden ze hem direct kunnen ontslaan, maar zo wilden ze het niet spelen. Het jaarcontract liep toch over korte tijd af en daaraan wilden zij zich nief onttrekken. Uw ja zij ja en uw nee zij nee, immers? Hadden ze het maar wel gedaan. Want nadat het jaar om was had de man met behulp van een advocaat kans gezien het ontslag aan te vechten. Op de tuin liet hij zich alleen zien om geld te eisen.
Er kwamen vorderingen voor achterstallig loon, een rechtszaak en er dreigde een boete omdat de man valse papieren had en wèl illegaal was. En dan is de werkgever strafbaar.
Maar omdat er legaal premies en belasting betaald waren kon het ontslag legaal aangevochten worden. De juridische hulp die het tuindersechtpaar kreeg was vaakvan het soort: betaal nu maar, anders kost het nog veel meer. Maar dat ging dwars tegen ze in. Zij hadden zich loyaal aan de regels van de wet en het evangelie gehouden, ook toen ze formeel van hem af hadden gekund. En nu zouden zij en niet hij schuldig zijn aan illegale praktijken?
Ze hebben tenslotte hun eigen zaak voor de rechter verdedigd en ze zijn vrijgesprokfn. Maar dat gaat je niet in de koude kleren zitten. Gedrieën hebben we ons afgevraagd hoe het zo heeft kun.nenlopen. Onze samenleving is erg rijk, zeker in de ogen van iemand uit een arm land. Die wil daar ook van meeprofiteren als het even kan. Begrijpelijk. Dan heeft dat rijke land bovendien allerlei goede regels waar een vreemdeling ook van kan profiteren. En er zijn advocaten in dat land die niet eerst vragen of je kunt betalen maar je eerst willen helpen.
Dat is in heel wat landen anders en we zouden niet willen ruilen.
Maar als de toepassing van de regels over legaal en illegaal ongelijk is? Als een werkgever die een illegaal in dienst heeft slecht heet maar een illegaal die illegaal een baan heeft allereerst zielig is? Als de een wèl hard aangepakt wordt maar bij de ander wordt de andere kant opgekeken?' Want de betrokkene woont nog steeds als illegaal ergens in het Haagse.
Nee, natuurlijk wil niemand razzia's op illegalen. En veel minder willen we nog dat illegalen worden uitgebuit.
Maar we willen beslist ook geen racisme of discriminatie. Toch blijkt de manier waarop we nu in ons land met deze problematiek omgaan dat op te roepen. Zelfs bij mensen die onrecht onrecht willen blijven noemen, tegenover anderen maar ook tegenover zichzelf. Want niemand hoeft ze te zeggen dat racisme en discriminatie ook onrecht is. Dat weten ze zelf ook en daaraan willen ze zich niet gewonnen geven. En tegelijk ervaren ze hoe het op ze afkomt. Zulke mensen verdienen diep respect. Als die er niet meer zijn gaat onze wereld er aan.
Nee, ik weet ook geen pasklare antwoorden.
Ergens zucht ik dan diep in m'n hart: Heer erbarm U, over deze mensen en over onze wereld.
Toen ik wegging kreeg ik een dubbele bos prachtige fresia's mee, van 't eigen bedrijf.
Ondanks alles kan zo iets moois nog steeds groeien in die soms zo barre woestijn van onze wereld. De Heer zij geprezen. Daar krijg je weer moed van om te blijven geloven in en te vechten voor dat visioen van die woestijn die zal bloeien als een roos. Fresia's daartussen staat ook vast mooi.
Pieter Meijer
We knipten dit artikel uit: 'HORIZON' - Uitgave: Hervormd/Gereformeerd Amstelveen en Amsterdam.
Als je dit alles op je laat inwerken, kom je tot de konklusie, dat er verschillende kanten zitten aan de beleving van het evangelie van Christus in onze hedendaagse gekompliceerde maatschappij. En met vernieuwde kracht komen de woorden van Paulus op je af, dat de liefde niet blij is over ongerechtigheid, maar blij is met de waarheid.
(I Cor. 13: 6)
En die liefde overwint!