Boekbespreking

1992-03-13
  • Jaargang 36
  • nummer 6
Joël en Amos
Ds. J. Westerink: 'JOËL EN AMOS profeten van het recht van God"-Telos-boek. Uitgave van Buijten en Schipperheijn - Amsterdam - 110 pag.- f 17,50.
Deze uitgave kwam tot stand in samenwerking met de E.O. In het najaar van 1989 verzorgde Ds. Westerink, Chr. geref. predikant te Bunschoten-Spakenburg, namelijk een serie van dertien uitzendingen voor de E.O. over de profeten Joël en Amos. De teksten van deze radioprogramma's zijn onverkort in dit boek opgenomen, aangevuld met verschillende gespreksvragen.
Het lijkt mij een bruikbaar geschrift.
De auteur doet voorzover ik kon nagaan recht aan de tekst in een weloverwogen exegese en laat zijn uitleg regelmatig uitmonden in opmerkingen van toepasselijke aard. Wij krijgen zo een goed inzicht in de betekenis en reikwijdte van de boodschap van beide profeten. Het verschil tussen beide profetische boeken wordt goed getaxeerd.
Heel mooi memoreert Westerink op pag. 19, dat de profetie net als een schilderij is waarop een landschap op één doek is afgebeeld, terwijl in werkelijkheid de verschillende onderdelen van dat landschap heel ver uit elkaar kunnen liggen. We noteerden verschillende treffende opmerkingen zoals: "Genade is geen rekensommetje of verstandelijke conclusie"
(p.22). "Wat we in Joël 2 lezen, is niet alleen het rijkste aanbod van de genade waarmee de Heere tot zijn volk komt. Het is ook het laatste aanbod."
(p.31). "Het goed hebben is lang niet altijd hetzelfde als GOd hebben" (p.60).
De schrijver bedient zich van een eenvoudige stijl, die de lezer aanspreekt.
Wat onze kritiek betreft het volgende: Pim van der Hoff begint zijn 'Woord Vooraf' met: "Luidt niet een oud gezegde: Genade is geen erfgoed". Wij vragen ons af of we daarmee kunnen instemmen. Geloof is geen erfgoed, maar genade m.i. wèl. De Here God werkt in de lijn van de geslachten! Je erft genade via een godvrezende opvoeding en een kontinue zuivere Woordverkondiging! De auteur gebruikt vaak de naam Heere terwijl er staat: HEERE. Het verschil is echter, dat het bij de ene naam gaat over Gods superioriteit terwijl de andere naam spreekt van Gods loyaliteit. In dit boek komt te weinig het appèl op de belofte uit de verf. Dat is te betreuren.
Verder citeert mijn collega nogal vaak uit de Oude Psalmberijming waardoor zijn betoog teveel gaat lijken op een preek. Maar dit alles doet niets af van mijn grote waardering voor wat Ds. Westerink ons in dit boek biedt.
Daarom resulteert deze bespreking in een hartelijke aanbeveling!

___________________________________________________

Leven door het geloof
Abraham als getuige en voorbeeld voor vandaag.
David Prior, een engelse broeder, had grote zorgen. "Ik kan me één voelen met Abraham, die zijn pelgrimage begon toen God in zijn leven binnentrad"
schrijft hij in de inleiding van het boek waarvan de titel hierboven staat.
Hij ervoer dat veel christenen hun geloof op het koninkrijk van God richtten en zeiden te leven door het geloof.
Maar hoe is dat dan? Daar kreeg hij zelden nadere uitleg over. Om toch verder te komen verdiepte hij zich in de geschiedenissen, beschreven in het boek Genesis, hoofdstukken 14 t/m 25.
Waarom juist in die? Wel, door de jaren heen is Abraham, deze oudtestamentische figuur, een bron voor bemoediging voor mij geweest, zo lezen we, een bron die me richting gaf en me op koers hield. En ook "Nu er zoveel verschillende soorten van geloof op de markt zijn, is het belangrijk om terug te keren tot degene die de vader van alle gelovigen (Rom. 4:11) wordt genoemd, zodat we ons èen zuiver bijbels begrip vormen van wat leven door het geloof wil zeggen" (8).

Samen met mede-christenen ging Prior in een bijbelkring genoemde hoofdstukken bespreken; daarbij gingen ze ook na wat de Schrift op andere plaatsen over Abrahams geloof zegt.
Uit dat gezamenlijke overleg ontstond het boek. In een 12-tal hoofdstukken is besproken hoe Abraham Gods stem verstond, gehoorzaam op weg ging, soms ook eigen gekozen (verkeerde) wegen insloeg en zo in de loop van de tijd heeft ervaren dat zijn omgang met de HERE intiemer werd. Want het geloof (kunnen we niet beter zeggen het geloven?) kreeg hoe langer hoe meer inhoud in de eigentijdse situatie en in concrete, veelal practische omstandigheden.
Als wij daarover spreken en 'het verbond' 'verbondsverkeer' noemen is dat voor ons vanzelfsprekend, maar Prior omschrijft het anders (maar daarover straks nog meer).
Terecht staat er op de achterkant van de omslag dat de auteur aan de hand van verfrissende bijbelstudies laat zien dat de God van Abraham ook vandaag nog Dezelfde is. Prior tekent Abrahams leven met zijn vallen en opstaan, zijn vreugden, maar ook zijn kleinheid, zijn zonden en chicanes en dat kan ons vandaag helpen om in vreugdevolle afhankelijkheid van God te leven. Omdat het, net als bij Abraham God is die ons roept.

Prior is 'evangelical'-predikant geweest, verbonden aan een Anglicaanse gemeente in Londen; momenteel werkt hij in Amerika.

Je merkt bij het lezen van zijn boek (en wat is het vlot geschreven!) dat het Schriftgetrouw is, dat het met eerbied over God spreekt. Hij openbaarde zich toen zó dat Abraham Hem steeds beter leerde kennen. Wij mogen ons met deze patriarch verblijden, omdat Hij dat nu nóg doet, zij het op andere wijze. Er is voortgang in de openbaring uit de Schriften af te lezen.
Wel kom je steeds weer te staan voor een zekere accentuering van de eigen geloofsbeleving. Het werk van onze Heer staat niet op de voorgrond, evenmin als dat van de Heilige Geest, die ons leert de weg van het heil te zoeken.
Om enige indruk te geven van dat gericht zijn op eigen geloven, meer dan op Gods werk in deze tijd voor Zijn gemeente zou ik veel citaten kunnen geven: ik beperk me echter tot één en wel uit het hoofdstuk dat handelt over "Omgaan met twijfel" (pag. 48/ 49.): "Leven door het geloOf betekent ook leven met twijfel en vrees. Maar op dit punt aangekomen moeten we een duidelijk onderscheid maken: twijfel en vrees zijn weliswaar nodig voor de ontwikkeling van ons geloof, maar er schuilt geen deugd in. God moest Abraham met zijn twijfels confronteren en hem bevelen niet bang te zijn. Hoezeer het ook waar mag zijn dat onze gevoelens van twijfel en vrees een springplank vormen voor positief geloof, het betekent niet dat we over het hoofd moeten zien dat ze uiteindelijk geworteld zijn in ongeloof.
We zullen daarom niet net doen alsof twijfel en angst niet bestaan, van onder de oppervlakte op ons loerend.
Evenmin houden we onszelf voor de gek of geven we er aan toe. We kijken ze recht in de ogen, noemen ze bij hun ware naam, overmeesteren ze op gezag van de Heer - en gaan in geloof verder. Dit geloof is niet een kwestie van positief denken tegenover negatieve gevoelens van twijfel en vrees; het is een persoonlijk vertrouwen in de Almachtige God, aanspraak maken op zijn hulp en bouwen op zijn beloften.
Twijfel en vrees zijn de vijanden van het geloof".

De lezer zal mogelijk zeggen: is dit dan wel naar de gereformeerde leer?
Dat is het niet, althans niet duidelijk, het komt uit de methodistische hoek, dus moet je het boek wel critisch lezen.
Ook dat heeft zijn eigen betekenis.
Want we denken zo licht dat het koninkrijk van God zijn beperkingen heeft, in ons land, in Engeland en Duitsland bv. of in het gereformeerd zijn; dan ontgaat het ons dat in vele kerkformaties Zijn Naam geëerd wordt. Weliswaar is er gerede kans dat we ons verkijken op wat theologisch aan bod komt, maar dat is een heel anders chapiter. In de hedendaaqse theologie komt een grote afval van de HERE naar voren. Maar dat is niet zo in het besproken boek. We vinden daarin een duidelijk, practisch en levend bijbelgebruik. Het is zelfs boeiend.

Mag ik het aanbevelen? Zeker, maar met enige reserve, dat is wel duidelijk.

Het boek is uitgegeven door Kok, Kampen, telt 124 bladz. en kost f 22,50.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief