Persschouw

1992-04-10
  • Jaargang 36
  • nummer 8
Marginaal?
Kerkelijke betrokkenheid Eén van de obstakels op de weg naar een volwassen geloof is voor velen de kerk. Zij vervult dikwijls de rol van naamloze collectief, dan dient om depressies te verklaren en om eigen zwartgalligheid te spuien. Soms denkt men, dat de kerk beslist uitgevonden zou moeten worden, als ze er al niet was, om het mensdom te dienen ter vereffening van onbetaalde rekeningen.
Het doet een mens goed wanneer hij eens ongeremd kan mopperen.
Neem daarvoor de kerk. Dan hoeft men nog niet eens speciaal de dominee, de ouderling of de gelovige buurvrouw te bedoelen. Het anonieme van het kerkbegrip heeft voor velen de aantrekkelijkheid dat het onbestemde onbehagelijkheidsgevoel zich kan afreageren. De kerk heeft het laten zitten toen de arbeidersbeweging opkwam. De kerk heeft geen antwoord gegeven op de vragen van de verlichting.
De kerk heeft niets te bieden aan de intellectuelen. De kerk heeft van echte kunst geen lor verstand. Het gepreek is gapend vervelend. De liturgie heeft niets verrassends. We kennen de gang van zaken: we laten de kerk niet helemaal los. Maar dat we er iets in zien, dat zou een misverstand zijn. Laten de ouders in dit klimaat denken. Ze hoeven het niet eens te zeggen. De kinderen hebben dan al lang door, dat ze van de kerk niets te verwachten hebben.

De kerk, dat bent u
Niet de stenen of de muren vormen de kerk. Maar de kerk wordt gevormd door levende stenen, door levende leden, die van het evangelie iets hebben verstaan omtrent zichzelf, omtrent God en omtrent de wereld. De algemene hedendaagse religiositeit, die hoe langer hoe meer de mensen schijnt aan te trekken, werkt bedriegelijk. Ze rekent niet met een van de meest onomstotelijk vaststaande zaken, dat een mens bekeerd moet worden.
Dat betekent dat een mens moet sterven voordat hij dit leven verlaat.
En het wil ook zeggen, dat niemand ook maar iets van een koninkrijk kan zien, wanneer hij niet een ander, een nieuw leven ontvangt. Waar dit evangelie wordt ingeruild voor enkele onzen religiositeit, of zelfs voor enkele kilo's zichzelf behagende spiritualiteit, daar is het geen wonder, dat de kerk nietszeggende is geworden. "Deze rede is hard". Zodra dat gezegd wordt is het mogelijk dat het evangelie geklonken heeft. Wie daar tegen verzet aantekent mag weten, dat het de meest natuurlijke reactie is. Maar hij moest ook nooit vergeten, dat het evangelie spreekt van wonderen aan mensen, die niet geloven kunnen of willen .

Geloofsoverdracht door middel van de kerk
Overdracht gebeurt altijd op de manier van de traditie. Zonder de Geest is die traditie dood. Ze blijft dat eveneens, wanneer de Geest niet de zaken doorgeeft, die ouders aan kinderen niet kunnen overdragen. In die geloofsoverdracht door middel van de Geest neemt de kerk, naar Gods welbehagen een zeer belangrijke plaats in. AI de traagheid, die we vandaag links en rechts zien; al de verveling, al de gezapigheid, die zich in de gemeenten nestelt, komt voort uit een volslagen gebrek aan het primaire gegeven, dat het de HERE behaagt om door de dwaasheid der prediking zalig te maken, die geloven. De redelijkheid van de kerkgang wordt niet bepaald door onze visie, door onze ervaring, maar door het geloof in de goddelijke wijsheid, die gewild heeft om ons langs deze weg te brengen in het Vaderhuis.
Het massale gemopper op de kerk, waar de dominees soms een handje helpen, kan dit onloochenbare gegeven niet ongedaan maken. Het is evenwel beter te gehoorzamen aan Gods weg van het heil. Dat is ook: respect te hebben voor de kerk.

Dit artikel is van de hand van Prof. Dr.W. van 't Spijker, hoogleraar aan de Theol. Universiteit van de Chr. Geref.
Kerken te Apeldoorn. Wij knipten het uit het bekende weekblad; 'DE WEKKER'.
Wat Prof. van 't Spijker te berde brengt spreekt ons aan. Daarom geven we het in deze rubriek graag een plaats!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief