Pastorale notitie

1992-06-05
  • Jaargang 36
  • nummer 12
Studieverlof voor dominees.
Een pleidooi
Het komt onder ons een enkele keer voor dat een gemeente haar predikant extra verlof verleent om aan zijn promotie te kunnen werken. Dat vind ik een mooi gebaar en het lijkt mij ook een goede investering. In sommige gevallen zal het de kerkeraad wel enige moeite kosten om aan de gemeente duidelijk te maken waarom dat nu zo nodig moet. Want wij gereformeerden zijn gewend te vragen naar de nuttigheid van de dingen. Dat hebben we van de 'oude Heidelberger' geleerd. Ik betwijfel niet het nut en gun het de betreffende kollega's hartelijk.
Ik moet er wel op wijzen dat deze goedertierenheid alleen ten goede komt aan de uitzonderlijk begaafden onder de predikanten. Het is nu eenmaal niet alle dominees gegeven, te kunnen dingen naar de hoogste wetenschappelijke eer. Daar zijn de anderen niet minder om, maar zo liggen de zaken.
Je kunt niet alles hebben.
Bij de gereformeerden - het woord synodaal heb ik uit mijn vocabulaire gebannen - kent men een ander en wat scheutiger gebruik.
Daar kan een predikant eens in de vier jaar een verzoek indienen om een studieverlof van drie maanden. Hij moet er bij vertellen wat hij met die drie maanden voornemens is te doen.
Hij mag die niet gebruiken om de bad-' kamer op te knappen, ik noem maar wat. De gemeente moet van het studieverlof profijt heben, hetgeen een alleszins redelijke eis is.
Persoonlijk vind ik dat een héél mooi gebruik.
Bij informatie bleek mij dat predikanten in onze kerken van het bestaan van die faciliteit vaak wel weten en hun gereformeerde kollega 's daarom benijden, maar dat zij te bescheiden zijn om de kerkeraad zo langs hun neus weg hiervan eens iets te vertellen.
Daarom doe ik het. Ik kan dat doen zonder van bijbedoelingen verdacht te worden.

Ik denk dat zoiets in een of andere vorm - het behoeft geen uniform geregelde insteling te worden - inderdaad nodig is. Ik denk ook dat veel gemeenteleden onvoldoende besef hebben van de moeite van het preken.
Van een kollega hoorde ik eens dat een gemeentelid hem had gevraagd of hij altijd zijn preken op zaterdag maakte. (Let u op het meervoud?) Prof. H. Jonker schreef jaren geleden in een boek over predikkunde dat hij één uur studie per minuut preken het minimum vond. Voor een preek van twintig minuten kwam hij dan uit op 20 uur. Met inbegrip van theaterbezoek!
Prof. C. Veenhof meende dat twee volle dagen per preek nodig waren.
Dat loopt elkaar niet veel.
Nee, want dat wilt u toch weten, over theaterbezoek liet hij zich niet uit.
Het zou goed zijn als uw dominee af en toe eens de gelegenheid kreeg om bij te spijkeren want aan die 20 uur kom je in de pastorie onder ons vaak niet toe.
Het is niet overdreven als de vrouw van de dominee rondom de zaterdag de telefoon van haar man bewaakt al wens ik haar wat meer vriendelijkheid toe dan Betje Wolff, van wie verhaald wordt dat zij op zaterdag bezoekers uit de pastorie weerde met de mededeling: "Mijn man is vandaag onzichtbaar om morgen onverstaanbaar te kunnen zijn".

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief