Dagboek New Wine 2007 (2)

2007-09-14
  • Jaargang 51
  • nummer 18
Van 21-27 juli werd op het Walibiterrein in Biddinghuizen de vijfde Zomerconferentie van New Wine gehouden: de charismatische vernieuwingsbeweging in de protestantse kerken van onder meer Engeland en Nederland. Opbouwredacteur Ad de Boer was – voor het eerst - een van de deelnemers en hield acht dagen lang een dagboek bij. In Opbouw 17 deed hij verslag van de eerste vier dagen.

Dinsdag 24 juli
Het is vandaag snuffeldag in Biddinghuizen: predikanten en hun vrouwen mogen gratis een dagje snuffelen in wat New Wine te bieden heeft. Ik zie onder meer de Nederlands gereformeerde emeriti Stolk (altijd al wars van gebaande paden en gestolde tradities) en Scheltens over de modderige Walibipaden lopen en denk: hulde aan de tachtigers en bijna-tachtigers diemet alle reserves die ze misschien hebben – niet van een afstand oordelen, maar komen en proeven. Uit de eigen circuits komen en de brug oversteken naar de eilanden van de anderen.

Later op de dag gaan Ineke en ik naar het seminar van Jeanette Westerkamp over het horen van de stem van God.
Nuchter als ze is, prikt ze een aantal mythes door. Heb ik een lijntje met God, waarin Hij ieder moment wat tegen me zegt? Nee. Is Gods leiding dat Hij van moment tot moment tegen ons zegt, wat we moeten doen? Nee. God wil volwassen kinderen; geen kinderen die zich steeds angstig afvragen: is dit wel goed, is dat wel goed? God zegt vaak: wat denk je zelf? Van teksten prikken in een soort Bijbelse roulette moet ze niets hebben. Ze vertelt: op de grote kruispunten van mijn leven heb ik niks van God gehoord, en toch heb ik me dwars door allerlei dichtgaande en opengaande deuren en door eigen keuzes wel door hem geleid gevoeld.
En ja, soms geeft God concrete hints. Ga erop letten, schrijf het op, verwacht het, kijk en luister, is haar pleidooi.
En probeer het maar. Dat proberen – in kleine groepjes openstaan voor beelden en woorden die bij je naar binnen komen en waarvan je je mag afvragen, of ze van God komenvormt de afsluiting van het seminar.
Veel deelnemers gaan op die uitdaging in en ik hoor er later mooie getuigenissen over. Ineke en ik zien dat niet zitten en kunnen onze vragen bij Jeanette kwijt. Een van haar antwoorden blijft bij me haken: ja, het is spannend en eng, maar als God nu iets concreets tegen je zou willen zeggen: stel dat je dat zou missen, dat wil je toch niet? Ik beleef het verhaal van Jeanette zoals ik totnogtoe de hele conferentie beleef: nuchter en stimulerend. Er worden geen claims gelegd, er moet niets, je hoort er allemaal bij, ongeacht of bepaalde vormen je aanspreken of niet. Maar je wordt tegelijk wel geprikkeld en uitgedaagd: zet je voet maar op het water. Dat voelt goed, maar of ik het echt durf, weet ik niet.

In de avondviering spreekt Arnold van Heusden van de Evangelische Alliantie over vrede stichten in de kerk. Schuld belijden en vergeven is daarvoor cruciaal, zegt hij. Zijn we in de kerk bereid ‘over de brug van een bekentenis’ tot elkaar te komen en onze harten voor elkaar te openen? Van biechten en belijden bouw je sterke gemeenten, is een van de zinnen die bij mij blijft haken. Tegen het eind van zijn toespraak nodigt hij alle aanwezige predikanten en predikantsechtparen naar voren voor persoonlijk gebed. Daarna ook anderen. Ik kan niet blijven zitten: bruggen bouwen in werk en kerk heb ik veel mogen doen, maar in de familie lukt dat me soms gewoon niet en breekt het me bij de handen af. Ik ervaar het als heerlijk, als een ander de woorden blijkt te kunnen vinden die ik zelf soms niet meer heb.

Woensdag 25 juli
Tijdens de ochtendviering met opnieuw Kjell Axel Johanson noteer ik: De God die hemel en aarde gemaakt heeft, is zo groot dat Hij het vermogen heeft jou persoonlijk lief te hebben, alsof jij de enige in het heelal zou zijn. En: er is geen tienstappenplan voor de vervulling met de Geest die God belooft. De manier waarop God dat doet, is uniek voor jou. Maar het begint met de aanbidding van God om zijn grootheid en met de verwondering over Gods genade en liefde voor jou.

Na de dienst ontmoeten we een aantal familieleden uit het Van Gurp-deel van onze familie die we op de conferentie ‘gevonden’ hebben. Ook nu ervaren we wat kenmerkend is voor de meeste ontmoetingen hier: weinigkoetjes-
en-kalfjes, maar binnen de kortste tijd gaat het over God en wat Hij in je leven doet: over genezing van een nekhernia, over de voelbare kracht van de Geest in je lichaam, over hoe God mensenlevens verandert. De vragen blijven: waarom hier wel, en daar niet? Maar de dankbaarheid dat God ook in de geslachten doorgaat, overheerst. Het is niet te bevatten: twee uur praten en bidden overbrugt de twintig jaar dat we elkaar niet hebben gezien.

De avondviering wordt geleid door de Engelse Lin Button: geen charismatische spreekster, op het saaie af, maar wat maakt haar boodschap – je identiteit is die van een kind dat weet dat de Vader zo geweldig gek op hem isongelooflijk veel los. Tegen het eind van haar toespraak nodigt ze mensen uit om naar voren te komen voor ministrygebed. Mensen die zich schuldig hebben gemaakt aan de zonde van oordelen en veroordelen. Daarna mensen die nog steeds lijden onder de veroordelende woorden (‘jij kan toch niks’, ‘er komt van jou niks terecht’) van hun vader of moeder.

Het schokt me dat honderden mensen naar voren komen: hun emoties zijn heftig. Wat een wonden, wat een pijn. Voor in de tent wordt (soms aan de voet van het houten kruis dat daar staat) met hen gebeden om vergeving of heling. Lin Button benoemt de zonden en wonden heel concreet en zegt even concreet wat de mensen er mee moeten doen. In your kingdom broken lives are made new, zongen we gisteren en zingen we vandaag. En het gebeurt, zie en hoor ik vanavond. Ik vraag me af: waarom leggen mensen hier in de betrekkelijke anonimiteit van een conferentie wel hun hart bloot en niet in de veilige (?) kring van hun broers en zussen in de eigen gemeente? Er is in de gemeente zoveel nood, zoveel façade (‘nee hoor, met ons gaat het goed’), zo weinig gesprek-in-de-diepte. Waarin ben ík een blokkade voor anderen om hun hart te laten zien? En laten we als gereformeerde kerken niet veel mogelijkheden liggen voor persoonlijk gebed (al dan niet op zijn Houtens) om vergeving, heling en bevrijding?

Donderdag 26 juli
De man achter de stand van het Nederlands Dagblad wordt vanmorgen door veel conferentiegangers aangeklampt over het laatste nieuws over Michael Rasmussen en de Tour de France. Hoewel zijn krant er niets over meldt, blijkt hij perfect op de hoogte.

Streven naar de gaven van de Geest heet het seminar van ds. Jan Maarten Goedhart (PKN) waar ik vanmiddag heen ga. Dat de gaven van de Geest alleen voor de Nieuwtestamentische tijd waren, geloof ik al dertig jaar niet meer, maar streven naar gaven heb ik nooit gedaan. Als God me andere gaven wil geven dan ik voor mijn gevoel heb, is het goed, maar echt verlangen ernaar heb ik niet. Dat de Geest uitdeelt aan wie Hij wil, is altijd mijn escape geweest. Daar wordt flink aan geschud, als Goedhart zijn hoorders bepaalt bij 1 Korintiërs 14:1: streeft dan naar de gaven van de Geest. Dat is niet: wacht op de gaven van de Geest of zoek jouw unieke gave! Hij signaleert dat 1 Korintiërs 14 een veel dynamischer beeld neerzet dan een gaventest die ontsproten is aan 1 Korintiërs 12. God geeft volgens Goedhart in verschillende situaties verschillende gaven. Alle gaven zijn in principe voor alle christenen beschikbaar, wat niet wil zeggen dat we ze allemaal in gelijke mate ontvangen.

Goedhart’s toespraak is een appèl om je te verdiepen in wat de Bijbel leert over de gaven, om plekken te zoeken waar je het functioneren ervan kunt ervaren in een vorm die Bijbels is en past in jouw cultuur, om te bidden om gaven te ontvangen en open te zijn voor wat God je wil geven. En verder klinkt voor de zoveelste keer deze week: ga het doen, probeer het, durf risico’s te lopen en fouten te maken.
De gave van onderwijzen ontdek je toch ook door het te doen? Zou dat voor de andere gaven van de Geest dan niet gelden? En hou vol ondanks teleurstellingen, beklemtoont Goedhart. Zelf kent hij die ook in ruime mate. Hij vertelt van mooie ervaringen met genezingen en profetische woorden die diep in de ziel van mensen haakten en precies raak waren. ‘Maar bij de volgende ministrycursus in de gemeente werd geen van de gebeden om genezing verhoord’.
Het gaat er ook niet om of we succes hebben, maar of we gehoorzaam zijn. Het werk van de Geest houdt iets fragmentarisch en daardoor iets aanstootgevends. Het blijft: waarom hij wel en ik niet?Genezingen en profetische woorden blijven een teken van het Koninkrijk dat komt. Nuchterheid ja, scepsis nee en samen betekent dat dus geloof, vat Goedhart samen.

Na zijn verhaal bidden we in kleine groepen. We vertellen elkaar waar we naar verlangen. Ik kom niet verder dan het uiten van het verlangen dat God me laat zien welke gave Hij me wil geven. Anderen zijn een stuk concreter.
Een predikant naast me vraagt, of God hem woorden van kennis en profetisch inzicht wil geven in moeilijke pastorale situaties waarbij je weet: hier is iets veel diepers aan de hand dan wat ik zie en hoor, maar wat?

Vrijdag 27 juli
Gisteravond zijn we na de avondviering-onder-slagregens met de caravan naar huis gereden. Ineke moet werken, maar na thuiskomst blijkt mijn agenda voor vrijdagmorgen leeg.
Vroeg in de ochtend rijd ik terug naar Walibi, waar Gods zon en Gods wind de kletsnatte tenten droogblazen. In de slotviering nog eenmaal Kjell Axel Johanson en zijn kernboodschap – ‘als God naar je kijkt, doet hij dat met dezelfde ogen waarmee hij naar Jezus kijkt’. Verder zijn er veel getuigenissen van conferentiegangers die naar lichaam of geest genezen zijn. En we zingen het tentdak eraf: ouderen, tieners en kinderen (waaronder onze kleinkinderen Jasper en Ines): ‘we hebben een grote gave God’. Na afloop gaan de ballonnen naar Hem omhoog.

Thuis praten we na over wat we beleefd hebben. Ineke, bij ons in de dienst sneller uitbundig dan ik, zegt: ik werd in de loop van de week steeds stiller. Onder de indruk van wat God in mensen losmaakt. Zelf is ze niet voor gebed naar voren gegaan: ‘Ik heb mijn verdriet op een andere manier verwerkt en ben bang voor wat er los zou kunnen komen, als het wordt opgerakeld’. Zelf kostte het me wonderlijk weinig moeite op de conferentie de regie uit handen te geven: als je weet dat God ondanks alles van je houdt, wat maakt het dan uit, als er iets mis gaat? Hoewel, toch tot op zekere hoogte, want aan proberenen-oefenen heb ik me niet overgegeven. Is dat gereformeerd of is dat karakter of de mix van die twee? Ik had wel graag een heel concreet woord van God voor mijn leven willen ontvangen – een today-word naast zijn Woord. Ik heb er naar uitgekeken en gewacht op de oproep: er is iemand in de zaal die …, maar heb het niet gekregen. Het is als een vlinder op je schouder die na een paar seconden weer weg is, zei iemand van de week. Dus niet goed opgelet misschien? Maar de blijdschap over wat anderen kregen en over wat ik wel heb ontvangen, overheerst.

Ineke leest het boek van Simon Ponsonby, gekocht op de conferentie. Alles hebben, meer ontvangen, is de titel. Dat is het, zegt ze. Luister, wat hij schrijft: ‘In Christus hebben we alles, maar er is wel meer van Hem te ontvangen. Vragen om meer van de Geest ondermijnt niet het kruis, maar wil alle rijkdommen uit die mijn putten.
Niet maar een fonteintje vol, maar een bad vol’. Op de New Wine Zomerconferentie van 2008 is Ponsonby, studentenpredikant in Oxford, de hoofdspreker. Daar willen we dus heel graag bij zijn.

Ad de Boer is lid van de NGK Voorthuizen-Barneveld en redacteur van Opbouw.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief