Dominees in dienst
1991-01-18
De GV-les- Jaargang 35
- nummer 2
Ze worden afgemarcheerd naar het militaire tehuis, even buiten de kazernepoort.
De sergeant stapt op mij af: "Alstublieft, dominee, ze zijn voor u, dertig man, over een paar uur kom ik ze weer ophalen".
Daar sta je dan. Het ziet je toch wel even groen voor de ogen. Hoe moet ik zo'n les geestelijke verzorging aanpakken.
Dit is geen katechisatiegroepje, dat is wel duidelijk. Toch ben je ook daar de dominee en weet je je verplicht aan je Zender. De jongens zijn niet met tegenzin gekomen. Ze stellen het over het algemeen best wel op prijs die GV-Ies. AI was het alleen maar doordat ze even uit de kazerne weg zijn, even geen gecommandeer.
Een groot goed zo'n Protestants (of: Katholiek) Militair Tehuis.
Toch gaat de belangstelling verder dan het genot van dat rustige bakje koffie, waarmee we natuurlijk wel beginnen. De jongens zitten nog in hun opleidingsfase, hun ervaringen in de dienst zijn nog kersvers. Dáár zitten ze vol mee, dus ga je daarover met ze praten. Het doet ze goed als zij hun verhaal eens kwijt kunnen. Er gebeurt namelijk heel wat met een (jong)mens, zo uit het alledaagse leven vandaan dat andere leven van het leger in. Het is een crisiservaring. We praten er met elkaar over dat je zo gemakkelijk kunt veranderen. Dat het zo moeilijk is om in dat uniform jezelf te blijven. De verleiding bestaat om maar gewoon mee te doen, om pas in het weekend weer als mens boven te duiken. "Ik denk er maar niet bij na, dominee, wel zo gemakkelijk".
Dan laat ik ze een gedeelte van de videodocumentaire 'Terug naar My Lai' zien. Het aangrijpende relaas van een compagnie gewone Amerikaanse jongens, dienstplichtige soldaten, die tijdens de oorlog in Viet-Nam een dorp met weerloze burgers op gruwelijke wijze uitmoordden. Geen Tour of Dutyromantiek.
We proberen met elkaar een antwoord te vinden op de vraag: hoe kon dit gebeuren? En we ontkomen ook niet aan de vraag: als ik daar en toen m'n dienstplicht had moeten vervullen, wat had ik gedaan?
En een vraag die nog verder gaat: als ik, als wij, mensen, tot zoiets in staat zijn, wie ben ik, wie zijn wij?? Over kennis der ellende gesproken!
Als het gesprek zich zo ontwikkelt, dan is er ruimte om over heel wezenlijke zaken door te praten. Dan word je als dominee ook zelf bevraagd: "En u, dominee, was u sterk genoeg geweest om staande te blijven?"
Dan kun je vertellen wat het houvast en de hoop van een christen is. Nee, een christen, zelfs een dominee, is niet een beter mens. (Eén van die vele misverstanden ten aanzien van de kerk en het geloof die je voortdurend moet opruimen).
Mijn hoop en houvast is dat ik mag bidden: leid mij niet in verzoeking, maar verlos mij van de boze.
De waarde van het geloof wordt aangevoeld, nu de boze via de beelden van de video zo dicht op onze huid is gekomen. Dat geeft heel wat te denken.
Niet altijd komt bij een les het geloof zo expliciet ter sprake. Dat kun je niet forceren. Dat mag ook niet. Als geestelijk verzorger ben je er voor de soldaten.
Niet dan is een GV-Ies geslaagd wanneer de dominee zijn geestelijke ei heeft kunnen leggen, maar veelmeer wanneer de man, de vrouw in het groene pak zich als mens aangesproken en begrepen voelt, wanneer er een stukje bewustwording heeft plaatsgevonden. Als men licht heeft gekregen op de eigen situatie, op de relatie met de ander.
Als dominee in dienst doe je dat namens je Zender die zelf is afgedaald naar de mensen.
En dat hoef je niet te verzwijgen. Maar het zijn heel kostbare momenten, een geschenk van Boven, als de Here God en Zijn Liefde met zoveel woorden genoemd kunnen worden. Als het licht van het Evangelie tijdens een uur GV helder gaat schijnen. En dan kun je je er soms over verbazen hoeveel oprechte belangstelling je aantreft oqder zovelen die van God en Zijn dienst vervreemd zijn.
(Ds. Vos is als kortverband-legerpredikant werkzaam op de Cpl. Crailoo en de Kol. Palmkazerne te Bussum)