Het Midden-Oosten
1991-02-01
Wat was. wat is en wat misschien zijn zal- Jaargang 35
- nummer 3
Het behoort tot de hachelijke ondernemingen om een verhaal te schrijven over 'de Golf', zeker als daar enige prognose bij zou zitten. Enerzijds een oorlog met zulke wisselende aspekten, anderzijds een blad dat eens per twee weken uitkomt. Toch hieronder een poging om wat achtergronden bij elkaar te krijgen. Daarvoor gaan we een heel eind terug in de tijd.
a. De Eerste Wereldoorlog
In de Eerste Wereldoorlog koos Turkije de kant van de 'Centralen' , Duitsland en Oostenrijk-Hongarije. Meteen probeerden de Geallieerden Engeland en Frankrijk de Arabische bevolking tegen het Turkse bewind op te zetten.
AI vele eeuwen werden dezen overheerst door een eveneens islamitisch volk; de Turken zijn echter geen Arabieren en hun taal en cultuur zijn ook volstrekt anders.
De Geallieerde opzet slaagde; in 1916 kwamen de Arabieren in opstand, aangetrokken door de belofte van zelfstandigheid, na een Turkse nederlaag.
In hetzelfde jaar werd door de Britseen Franse ministers Sykes en Picot echter een geheime afspraak gemaakt, die inhield dat voor hun landen invloedssferen in de Arabische wereld zouden komen. In de oorlog werden eclatante successen behaald door b.v. Generaal Allenby en 'Lawrence of Arabia'. In 1918was het Turkse bestuur over het Midden-Oosten enorm gereduceerd. Alleen, de beloofde onafhankeljkheid kwam niet.
Het Verdrag van San Remo verklaarde Syrië en Libanon tot Frans 'mandaatgebied', terwijl Groot-Britannië, zich tot na de Tweede Wereldoorlog in Egypte, Irak en Palestina ophield; voor Transjordanië was een apart verdrag.
De woede over dit verdrag was groot bij de Arabieren. Een groot deel van de Arabische wrok tegen het Westen stamt zeker uit die tijd.
b. Joden en Arabieren
De Arabische woede - het voor hun zo verschrikkelijke idee van vernedering, het ergste dat iemand in die cultuur kan overkomen - werd alleen nog maar groter, toen de beloften van de Britten aan de Joden bekend werden.
Als beloning voor de oorlogsinspanningen die Joden aan Geallieerde zijde zich getroostten verklaarde de Britse minister Sir Arthur Balfour dat ..His Majesty's Government view with favour the establishment in Palestina of a National Home for the Jewish people". Hoewel in het korte schrijven ook wordt gezegd ..... that nothing shall be done which may prejudice the civil and religious rights of existing non-Jewish communities in Palestina", was toch een onoplosbaar probleem gecreëerd. De brief d.d. 2 november 1917, gericht aan de leider van de Britse Zionisten, Baron de Rothschild, beloofde aan de Joden land dat ook aan de Arabieren was beloofd: het Palestijnse Probleem was geboren.
Grote haat zou ontstaan, tegen Joden en tegen Westerlingen, steeds opnieuw.
c, de Islam en de Joden
Vaak wordt gesuggereerd dat 'de Islam' erg anti-joods zou zijn. Naar mijn mening is die opvatting, historisch gezien, niet goed vol te houden. Inderdaad, in de Koran kom je sterk polemische opvattingen tegen, maar ook uitspraken dat moslims het voedsel van Joden mogen eten. (Koran, Soera 5:6) Echter ook uitspraken als ..de vijandschap tegen de Gelovigen is het grootst bij Joden en heidenen" (Soera 5 vers 85) En dan zijn er de beschuldigingen dat de Joden de voorgaande openbaringen van Allah (lees: het Oude Testament) op diverse plaatsen hebben vervalst! (N.B.: die beschuldiging treft ook het andere ..volk van het Boek", de Christenen!) Toch moet men opmerken dat de Islam meestal in het verleden zeer tolerant is geweest t.o.v. de Joden. In het Moorse Spanje kregen Joden soms grote invloed aan de hoven; na de Katholieke 'Reconquista', Herovering van Spanje, werden de Joden op grote schaal vervolgd; velen weken, via Portugal, uit naar o.a. Nederland.
Een erkend deskundige op dit gebied, prof. Brugman, emeritus hoogleraar Arabistiek in Leiden, zei het volgende over de Arabische cultuur: ..(ik ben getroffen door) de nuchterheid, het gevoel voor humor, de gematigdheid, de afwezigheid van fanatisme, het begrip voor andersdenkenden - allemaal dingen die men zich nu moeilijk bij de Islam kan voorstellen. Moslims hebben, behalve voor afvalligen, een ingeboren tolerantie die christenen vaak missen. De charme van de Islam is voor mij dat het niet zo'n dweperige, gedreven godsdienst is." En verderop: ..De Islam heeft minder dan het Christendom te maken met overtuiging en veel meer met het behoren tot een sociale kring ... Wat me in elk geval altijd geboeid heeft is de kracht van de Islam in het gewone leven." (NRC 5-5-89)
d. fundamentalisme
Zo'n beschrijving van de Islam komt uit de mond van een 'vriend' van die Arabische beschaving. Wellicht wil menige lezer daar wel wat van afdoen.
Toch is het een beschrijving die stoelt op lange jaren van contact. Die 'easy going' Islam bestaat stellig; ze roept de woede op van velen die men 'fundamentalist' noemt. In Egypte werd de 'Moslim Broederschap' opgericht door Sjeikh Hassan al Banna, al weer vele decennia geleden. Deze organisatie bepleit een terugkeer tot de Shari'a, de Islamitische (strenge) wetgeving.
Het bestaan van niet-Islamitische minderheden is een affront. Vele jaren zijn ze buiten de wet gesteld; in 1954al, na een mislukte aanslag op president Nasser en een complot in 1965. Uit hun kring kwamen de moordenaars van Sadat en andere Egyptische hoogwaardigheidsbekleders.
In hun kring dient men de vele bestrijders van de Koptische Christenen te zoeken, die kerken in brand steken, christenen in het gevang brengen, etc.
Deze moslim-fundamentalisten zijn momenteel de grootste bedreiging voor Moebarak, de Egyptische president, zoals ze dat ook zijn voor de Turkse president Özal. Het fundamentalisme werkt griezelig diep door in vele lagen van de bevolkingen daar.
Het heeft - in de laatste twee jaar - al de verkiezingen gewonnen in Algerije, Tunesië en Pakistan.
Alles wat de Arabische wereld onderworpen houdt aan het Westen is rechtstreeks terug te voeren tot ongehoorzaamheid aan de principes van de Islam, stellen ze. Een toenemende anti-Westerse gezindheid gaat hand in hand met accent op hoofddoeken of sluiers voor meisjes en vrouwen, een dreigende houding naar niet-Islamitische minderheden in eigen land, etc. Tot nu toe waren de 'Moslim broeders' fel tegen de Iraakse invasie van Koeweit. Tenslotte zijn de Saoedi's en de Koeweiti's hun voornaamste geldschieters! (En die laatste volkeren zijn uiteraard al lange tijd pro-
Westers, een interessant voorbeeld van huichelachtigheid - of is het schizofrenie?) Duizenden Eygptenaren zijn, zogenaamd bij ongelukken, in Irak omgekomen en dat is men in Eypte niet vergeten; het was een duidelijk signaal van Saddam Hoessein, het terugsturen van vele Egyptische 'gastarbeiders' in een lijkenzak ... Toch, de tekenen schijnen erop te wijzen dat ook de Egyptische fundamentalisten ..de Arabische eer"
en de strijd tegen ..de Zionistische
vijand" het belangrijkste gaan vinden.
De lopen van de kanonnen moeten worden gedraaid, menen ze.
e. Arabisch socialisme
De sterke man van Irak, net als die van Syrië, komt voort uit de Baäth-partij.
Dat is een socialistische partij, politiek links dus, die zeker geen grote Islamitische invloed in de samenleving voorstaat.
Een van de twee stichters, Michel Aflaq, was een Arabisch Christen.
Hij richtte de partij in 1943 op, met een man die eveneens aan de Sorbonne in Parijs was afgestudeerd, Salah ad-Din Bitar, die in 1963 premier werd van het revolutionaire Baäth-bewind in Syrië.
De 'Arabische revolutie' van de Baäthpartij was allereerst seculier van aard.
Een man als Saddam Hoessein, de 'Slachter van Bagdad", is uit die gelederen voortgekomen. Er is niet de minste reden om hem een gelovige moslim te noemen. Chef van de partij, hoofd van de veiligheidsdienst, ook persoonljke folteraar van tegenstanders, een maniak van buitengewone proporties. Die daarom (of is het: desondanks?) zei: "Onze essentiële missie is de voorwaarden te scheppen die het opduiken van een nieuwe Arabische mens bevorderen. Deze nieuwe mens moet een nieuwe mentaliteit hebben, een andere waardenschaal, een meer verantwoordelljke manier van zijn. Hij moet handelen als burger, als patriot en als bouwer". (sic!) NO 19/1/'91
f. de hele wereld ...
Hoe dat met dat 'bouwen' gesteld is weten we inmiddels. De 'Dief van Bagdad' blijkt toch beter in het afbreken, het vernietigen van dingen en mensen.
Zozeer zelfs dat Jan Pen in 'het Parool' (1/9/90) zich al afvroeg in hoeverre Saddam met Hitier in diens nadagen moet worden vergeleken. Waar Pen de Duitse historicus Haffner aanhaalt, die aantoont dat Hitler vanaf 1944 beslissingen heeft genomen die geen ander doel dienden dan de vernietiging van Duitsland, zegt hij vervolgens dit: "Als ik Haffner nu herlees, word ik op onaangename wijze herinnerd aan Saddam Hoessein. De Irakees is niet alleen op macht uit, maar hij zou wel eens de ondergang van grote delen van de mensheid als doelstelling kunnen hebben."
Ook een andere opmerking lijkt me aanhalenswaard: "De woestijn tussen Bagdad en Amman staat nu al vol met Arabische moslims, die van alles zijn beroofd. De Arabische regimes bevechten elkaar in het openbaar". Die uitspraak is sinds jl. september alleen maar meer behartenswaardig geworden.
Steeds gaat het - tot nog toeallereerst om een conflict tussen Arabieren onderling.
g. 'jihad' en vrede
Saddam Hoessein, een geweldenaar, een meedogenloze onderdrukker, een niet-vrome moslim, heeft nadrukkelijk de 'Moslim-kaart' getrokken. In zijn land is er al een lange traditie van Jodenhaat en Jodenmoord, zoals Hans Jansen pas in 'Hervormd Nederland' duidelijk maakte. (19/1/91) Sinds 1967, het jaar van de vernedering der Arabieren door Israël, is er een reusachtige stroom anti-joodse, 'antizionistische' lektuur over de Arabische wereld heengestort; ik citeer: "Wat de laatste decennia in Arabische literatuur over joden is geschreven om vijandschap en haat tegen joden te kweken is... alleen te vergelijken met de Spaanse literatuur in de tijd van de Inquisitie, de Franse literatuur in de tijd van de Dreyfuss-affaire, de Russische literatuur in de tijd van de 'Zwarte Honderd' en de Duitse literatuur in het Derde Rijk." In zo'n kader passen opmerkingen van Tariq Aziz, de Iraakse minister van buitenlandse zaken: "Oorlog met Israël is onvermijdelijk."
(8 mei 1990). In dat kader valt de poging - een mislukte poging - om Hoessein tot 'kalief' te laten uitroepen; dat betekent dat hij een 'opvolger van de Profeet' zou zijn. In dat geval was het volgen van Hoessein niet meer een kwestie van politieke voorkeur, maar van religieuze plicht! Dat is niet doorgegaan, gelukkig.
Toch is de herhaalde oproep tot 'jihad', de heilige oorlog, niet zonder betekenis. Want zoiets roept diepe gevoelens op bij moslims, zowel Arabieren als anderen. De betekenis van dat 'ijveren' voor de zaak van Allah ligt zeker niet primair in de zin van oorlog of geweldpleging. Het commentaar bij de tekst Soera 9 vers 20 (voorzover ik weet de enige tekst waar het woord in de Koran voorkomt) is dan ook dat "de pen van de eerlijke geleerde"
of "de stem van de prediker"
of "de bijdrage van de rijke man"
misschien wel de meest waardevolle naam van 'jihad' zijn. Zou die gangbare exegese helpen? Of wordt religieuze haat een officieel wezenskenmerk van de Islam, wereldwijd?
h. het ergst denkbare scenario
Het ergst denkbare draaiboek - en geenszins denkbeeldig - is het volgende:
1. Saddam Hoessein valt Israël opnieuw aan; Israël slaat terug.
2. Saddam Hoessein verklaart dat het geen strijd is om Koeweit, maar om Israël en het Zionisme, en de Westerse 'Satan'.
3. In de.Arabische landen ontstaat een Islamitische en nationalistische beweging (een dodelijke cocktail) die regeringen ten val brengt, omdat die Amerika steunen. De moslimfundamentalisten kiezen nu duidelijk partij voor Irak.
4. Er ontstaat een volledige strijd tegen Israël en het Westen, die en passant ook Pakistani, Soedanezen en Turken etc. in de strijd betrekt.
5. Er ontstaat of een haast onherstelbare breuk in de wereld, of een Wereldoorlog, of een massale strijd om 'Palestina' en de heilige plaatsen.
De oorlog duurt schier eindeloos, tenzij grote wapens worden gebruikt.
Dit hoeft niet allemaal te gebeuren, maar het kán, als God het niet verhoedt.
Wellicht is dit wel ons meest gevaarlijke na-oorlogse 'uur'. Koeweit is al slachtoffer, het milieu zal volgen, de Balten zijn erdoor getroffen, indirect.
Wie nu? Israël, Arabische regeringen, wij allen? Is het inderdaad "the five next time?" En ook: is die Saddam nog wel menselijk? Of is hij bezeten?
En zien we hier een scenario van meer dan menselijke oorsprong.