Kindernevendienst
1991-03-29
De vraag op welke manier de kinderen meer betrokken kunnen worden bij de zondagse kerkdienst houdt veel gemeenteleden bezig.- Jaargang 35
- nummer 7
Sommigen vinden dat kinderen in de gewone kerkdienst thuis horen, anderen zijn van mening dat er aparte diensten voor de kinderen belegd kunnen of moeten worden. In dit nummer van 'Opbouw' wordt niet ingegaan op de voor- en nadelen van de beide vormen van verkondiging. Ik geef slechts een impressie van een 'kindernevendienst' in een kleine gemeenté.
In deze gemeente is de kindernevendienst in twee groepen gesplitst. De ene zondag gaan de kinderen van 4 tot 6 jaar naar de nevendienst, de andere zondag de kinderen van 7 tot 9 jaar.
Het ritme van eens in de twee weken is bedoeld om de kinderen ook te Ieren om de 'gewone' kerkdiensten mee te maken. Tijdens het voorspel van de psalm die voor de preek gezongen wordt verlaten de kinderen de kerkzaal; ze komen voor de kollekte en de slotzang, aan het eind van de dienst, weer terug.
Voor de kinderen vanaf 10 jaar zijn er de cathechisatie en de jongste jeugdvereniging.
Lied van de maand
Vandaag is er nevendienst voor de oudste groep kinderen. Zo stil mogelijk lopen we de trap op naar een zaaltje boven de kerk. Er zijn vanmorgen 6 kinderen: Sylvia, Hesther, Marjolein, Frans, Arwin en Anne. De leiding is in handen van twee zusters uit de gemeente.
Iedere maand leert de gemeente een 'lied van de maand'.
Het is de bedoeling dat de ouders dit lied ook aan de kinderen leren. Ook in de nevendienst wordt hier op in gespeeld.
"Wie weet wat het lied van vorige maand was?" Hesther weet het.
Het was 'Neem mijn leven, laat het Heer'. We zingen het lied, en daarna 'Welkom, welkom in ons midden'. Dan wordt'er gebeden om een zegen voor deze ochtend.
Ook deze maand is er natuurlijk een lied van de maand: een paar verzen uit Psalm 136. Er wordt uitgelegd wat de betekenis is van deze psalm. Een van de kinderen vertelt dat het een Psalm is die laat zien dat God voor ons zorgt. Dat is inderdaad precies de kern van deze psalm.
De leidsters zingen de psalm voor en spelen de psalm ook een keer voor op de blokfluit. Daarna oefenen we met zijn allen het eerste vers van Psalm 136. Wie weet leren de kinderen zo wel eerder een aantal psalmen en liederen dan de volwassenen ...
Marcus
In de kerkdiensten tussen kerst en pasen wordt in een aantal kerkdiensten gepreekt uit het evangelie naar J de beschrijving van Marcus. Ook in de kindernevendiensten wordt aan dit evangelie aandacht besteed. In overleg met de predikant is een aantal thema's uitgekozen. Ook zijn er suggesties voor de-verwerking. De leiding van de kindernevendiensten kan op die manier aanslutten bij de zondagse preken.
De vertelling begint met het noemen van tegenstellingen.
De leidsters noemen een woord; de kinderen moeten het tegenovergestelde raden. Alle kinderen doen goed mee. Zwart-wit, dik-dun, hoog-laag, stout-lief, licht-donker.
Vorige keer was er een heel licht verhaal: over Jezusop de berg. Wie waren daarbij? Een.van de kinderen zegt: Johannes, Petrus en Jacobus. Bijna goed, alleen kwamen er ook nog twee mensen uit het Oude Testament bij: Elia en Mozes uit het Oude Testament.
De boodschap van God was toen: Jezus is Mijn Zoon, naar Hem moeten jullie luisteren.
Dan komt het verhaal van deze week.
Een moeilijke geschiedenis: de genezing van de bezeten jongen (Marcus 9).
Het verhaal is niet licht, het begint juist heel donker. Er wordt een jongen bij de Here Jezus gebracht. Hij doet soms erg wild en laat zichzelf in het vuur of het water vallen.' De discipelen kunnen hem niet beter maken. Dan wordt Jezus erg verdrietig.
En Hij zegt: "Alle dingen zijn mogelijk voor wie gelooft". En Jezus maakt de jongen.beter, hij wordt helemaal rustig.
Na afloop waren de discipelen juist onrustig. Waarom konden zij die jongen niet beter maken?De boodschap van de Here Jezus was: :;jullie hadden moeten bidden". Dat is ook het thema van vanmorgen: als er-Iets is, moeten jullie bidden. Dat staat in Jacobus 5 vers 16.
Het is een boodschap voor ons allemaal, , een boodschap van God.
WerlQe, Na de vertelling is het tijd voor een 'werkje'. De kinderen mogen een plaat . uitkiezen. Alle platen hangen samen met het thema bidden. Kennelijk heeft iedereen dezelfde smaak, want alle kinderen kiezen 9,~zelfde kleurplaat uit.
Tijdens het kleuren worden er nog een paar vragen gesteld.
"Wat vonden jullie mooi aan het verhaal?"
Hesther: "Dat die jongen weer beter werd!" "En wat hebben jullié geleerd van deze geschiedenis?"
Marjolein: "Dat je voor elkaar moet bidden".
Er zijn nog een paar minuten over. We gaan nog even in de kring zitten om een lied te oefenen. Het is het lied: 'De Heer is waarlijk opqestaan'. Dat lied wordt straks ook in de dienst op Paaszondag gezongen. Eén van de kinderen merkt op dat hij dat niet hoeft te leren, want hij heeft het al op school geleerd .. Het slotlied is: 'Dit is dedaq die de Heer ons geeft'. Een lied waar je ook lekker bij in de maat kunt klappen.
We danken met elkaar en dan is het de hoogste tijd om naar beneden te gaan. De tekeningen worden meegenomen naar de kerkdienst. De kinderen laten trots de kleurplaat aan de ouders zien.
Volgende week is er weer een kindernevendienst, maar dan voor de jongste groep kinderen.