De Dordtse Leerregels

2010-02-05
  • Jaargang 54
  • nummer 3
Misschien had ik hierboven moeten zetten: ‘Seks’, of ‘Erotisch’, om mij te verzekeren van uw aandacht als lezer. Maar ik kan er niks aan doen: daar gaat het niet over. Het gaat over - precies: De Dordtse Leerregels. En die zijn nu eenmaal niet ‘sexy’. Hoewel...
In het Christelijk Weekblad (het vroegere Centraal Weekblad) van 15 januari schrijft Klaas-Willem de Jong een opvallend positief artikel over de Dordtse Leerregels:

Op donderdag 14 januari 1610 diende een groep predikanten een Remonstrantie, een verzoekschrift, in.
De predikanten wensten in navolging van hun leermeester Jacobus Arminius (1559 - 1609) ruimte voor een andere interpretatie van de leer. In de calvinistische Reformatie werd een sterk accent gelegd op de verkiezende God. Zijn keuze is allesbepalend. Arminius en zijn medestanders waren er echter van overtuigd dat de mens bij machte is de gave van het geloof te verwerpen en daarmee zijn heil af te wijzen. De mens heeft een eigen, vrije wil. () Het voorlopig einde van de strijd vormde de veroordeling van de nieuwe leer door de synode van Dordrecht in 1618-19. () Het oordeel van de Dordtse synode werd vastgelegd in een document dat de Dordtse Leerregels is gaan heten. Samen met de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Heidelbergse Catechismus behoort het tot de gereformeerde belijdenisgeschriften.
De Protestantse Kerk noemt de Leerregels in haar kerkorde. Menigeen zou ze daar liever uit schrappen.
Om de toenadering tot de Remonstrantse Broederschap te bevorderen.
Maar ook om duidelijk afstand te nemen van denkbeelden die in de Leerregels zijn vastgelegd, zoals de gedachte dat God mensen in één besluit verkiest én verwerpt.
Ik wil er voor pleiten dat de Protestantse Kerk in haar verbondenheid met het belijden van het voorgeslacht de Dordtse Leerregels laat staan. Dat betekent niet dat ik anno 2010 hetzelfde document zou schrijven. Hetzelfde zal nu anders gezegd moeten worden. De Leerregels moeten gelezen worden in hun historische context.
De Gereformeerde Kerk heeft indertijd beseft dat een belangrijke keuze van de calvinistische Reformatie op het spel stond. In de kerk van Rome was het de mens die verantwoordelijk was voor zijn eigen heil.
Hij kon door goede werken, geloof, en geld het heil bewerken. Dat leidde tot geloofsonzekerheid: is het ooit genoeg?
Calvijn stelde daar een zekerheid tegenover: God maakt de keuze.
De ondertekenaars van de remonstrantie haalden de menselijke verantwoordelijkheid en daarmee de geloofsonzekerheid weer binnen. De jonge Gereformeerde Kerk van die dagen kon niet anders dan daar krachtig stelling tegen nemen. ()

Terecht zijn kritische kanttekeningen geplaatst bij de wijze waarop de Leerregels met de uitverkiezing omgaan.
Verkiezing en verwerping in één Goddelijk besluit. Dat kan ik zo niet meer nazeggen. In dat verband kan ook gewezen worden op de waarde van de vrije menselijke wil. De sterke nadruk op Gods keuze ten koste van de menselijke, staat dat niet haaks op het moderne levensgevoel? Of de benadering meer vrijzinnig is of evangelicaal, er is in het hedendaagse kerkelijk leven veel meer ruimte voor de menselijke kant. Het mensbeeld is positief.
De Dordtse Leerregels kunnen ons bepalen bij het feit dat dat niet zo vanzelfsprekend is als wij nu vaak denken. Dat betreft niet alleen het historisch perspectief, maar ook het actuele. Hoe vrij is een mens feitelijk?
Ik raak hiermee een complex vraagstuk.
Maar als ik alleen al kijk naar alle invloeden die op ons afkomen, dan denk ik dat de hooggeprezen vrijheid voor een deel fictie is. Het maakt nogal wat uit in welk gezin je geboren wordt, naar welke school je gaat, wat je lichamelijke conditie is. Het is bepalend voor wat iemand wel en niet kan doen, medebepalend voor de keuze die iemand maakt. De notie van een (ver)kiezende God is een piketpaaltje dat me helpt in het heden in geloof de juiste weg te vinden.
Ook pastoraal helpen de Leerregels mij concreet. Krachtig wordt beschreven dat God de zijnen niet loslaat, ook al laten ze Hem los. Als voorbeeld worden David en Petrus genoemd.
Soms komen bij mensen de twijfels naar boven, zeker op latere leeftijd.
Wat is mijn geloof eigenlijk waard?
Heb ik wel genoeg gedaan? De aloude heilsonzekerheid in een nieuw jasje.
De omgang hiermee vergt pastorale vaardigheden. Maar daarachter ligt voor mij het perspectief van de Leerregels.
Zo makkelijk doen mensen Gods keuze niet teniet.

Een goed verhaal, lijkt mij. Hier wordt, vanuit de PKN, op een warmbloedige manier het wezenlijke van de Dordtse Leerregels hooggehouden, ook voor onze tijd. Tegelijk vraag ik me af: wij zijn - vooral door de gesprekken met de Vrijgemaakten - nogal eens in de weer met de binding aan de belijdenis; maar hoe zitdat dan: ben ik, vanwege die binding aan de belijdenis, verplicht een artikel als dit af te wijzen?

Drs. Menko Biewenga is predikant van de NGK Enschede.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief