Vergeefs gejaagd

1991-06-07
  • Jaargang 35
  • nummer 12
Hermann Hesse (1877-1962) was de zoon van een zendeling, die in Zuid- en Zuidoost-Azië werkte. Als jongeman ingeschreven tot de theologische studie, had hij die al gauw prijsgegeven, waarbij hij tevens de vrome familietraditie - de christelijke traditie alzolosliet ... In plaats daarvan richtte zijn geest zich al meer op de oosterse religies, die hij van nabij had leren kennen en waarderen.

Daarbij had hij een lyrische pen, waarmee hij zijn diepste roerselen op aannemelijke wijze wist te uiten. Hoewel Duitser van geboorte, vestigde hij zich in Zwitserland en kreeg later de Zwitserse nationaliteit 1. In 1897/8 publiceerde hij zijn eerste gedichten, in 1902/5 zijn eerste romans, sinds 1919 woonde hij in Montagnola bij Lugano, in 1946 ontving hij zowel de Goetheprijs als de Nobelprijs - de eerste om zijn hoogstaande wijsbegeerte, de laatste om zijn pacifisme. Een van zijn bekendste gedichten is het boventijdelijke 'Orqelspiel'": een van zijn beste romans is 'Siddharta' uit 1923, welke in 1946 onderwerp was van een dissertatle".

De persoon van Hesse
Denk niet dat Hesse spoedig populair was. Eigenlijk is zijn werk pas een halve eeuw later door het grote publiek ontdekt en verstaan. Neem 'Siddharta', dat in Nederland pas in 1969 bij De Bezige Bij werd gedrukt - maar dat in 14 jaar 15 drukken beleefde!
Vooral in Amerika werd hij door de, van de kerkelijke ankers losgeslagen, jeugd geliefd en gelezen; maar ook in ons land moeten er talloze lezers zijn, die in dit postchristelijke tijdperk, religieus onbevredigd, zoeken naar de zin van hun leven. Hesse was een voorloper.

Evenals zijn tijdgenoot Karl Barth had deze Duitser sterke kritiek op zijn vaderland.
Bij de oorlogsroes van 1914 schreef hij in de Neue Zürcher Zeitung een oproep tot de Duitse denkers en kunstenaars, onder de titel: '0 Freunde, nicht diese Töne'4. De Nazi's hebben hem goed verstaan en zijn boeken, vanwege hun pacifistisch karakter, openbaar verbrand. Hij werd de verrader van het Duitse recht gescholden.
Zo kwam hij in de klas bij Erich Kästner, D. Bonhoeffer, Remarque en vele anderen.

Zijn Franse vriend Romain Rolland noemde Hesse de enige Duitse dichter, die de geest van Goethe bewaarde.
De schrijver van dertig boeken meed echter alle publieke schijnwerpers en - hoewel drie maal getrouwd en veel vrienden bezittendestierf hij als de 'kluizenaar van Montagnola'.
Zijn troosteloze eenzaamheid is samengevat in dit gedicht: Seltsam, im Nebel zu wandern!
Leben ist Einsamsein.
Kein Mensch kennt den andern, Jeder ist allein.
De tragiek van Hermann Hesse wordt hiermee duidelijk. De enige troost in leven en sterven was ingeruild voor een levenslang jagen op het eigen Ik; de gemeenschap der heiligen vervangen door private religiositeit.

Daar moeten we meteen iets aan toevoegen.
In zijn leven van pacifisme, zelfbeheersing, vriendelijkheid en naastenliefde was hij een voorbeeld voor alle christenen, die Jakobus' brief onvoldoende lazen. En in zijn openstaan voor de onzienlijke schepping was hij tevens een beschamend voorbeeld voor al die christenen, die in onze materialistische tijd het contact met de levende God, de genade van onze Heiland en de werking van zijn Geest inruilden voor kerkelijke papieren.

Afscheid van zijn vader
Ontroerend is de episode, waarin de jonge Siddharta afscheid neemt van zijn vader. Als priesterzoon, opgevoed in het strenge ritueel der Indiase Brahmanen", besluit Siddharta zich bij een groep asceten aan te sluiten". De leer en de dagelijks herhaalde gebeden en wassingen voldoen hem niet langer, kunnen zijn religieuze dorst niet lessen.
Daarom besluit hij zich te ontledigen: af te zien van een huiselijk leven en aardse rijkdom; te aanvaarden: honger, dorst, pijn en behoeften; om zo te streven naar de onpersoonlijke leegte, het nirwana, de zaligheid door volmaakte zelfverloochening.

Als hij dit besluit aan zijn vader meedeelt, antwoordt deze: laat zulke woorden nooit weer over je lippen komen!
Vader beheerst zijn boosheid en verlaat waardig het vertrek. Maar de zoon blijft met gekruiste armen wachten op vaders goedkeuring. Heel de nacht blijft hij daar zo staan - en telkens als vader terugkomt staat de zoon zwijgend en roerloos in het maanlicht te wachten. Vraagt vader: waar wacht je op? dan is het antwoord: dat weet u wel.

Tot vader toegeeft: als je de zaligheid gevonden hebt, kom dan terug om mij de weg te wijzen. En ga nu je moeder groeten.

Ontroerend: Want Siddharta heeft zijn vader en moeder verlaten en is niét teruggekomen. Symbolisch: Hesse heeft zijn aardse vader verlaten, heeft zijn hemelse Vader losgelaten, heeft de God van zijn doop de rug toegekeerd, in de hoop zijn zaligheid buiten het christendom, buiten Christus, te verwerven.

Bij de asceten
Drie jaren heeft Siddharta met de asceten rondgetrokken: geleefd van ten hoogste een maaltijd per dag, gehard tegen koude, hitte, honger, dorst, slapeloosheid en pijn. Zijn baard en nagels groeiden ongelimiteerd. Hij leerde zijn ademhaling zo te beheersen, dat hij zijn hart nagenoeg kon laten stilstaan: waardoor hij visioenen beleefde. Maar elke religieuze vervoering eindigde in de teleurstelling van het gemiste doel. Alle meditatie en kontemplatie over de 'leer der zaligheid' bleef een doelloze cirkelgang. Hij kon drie dagen zonder water en weken zonder voedsel leven, maar de verhoopte zaligheid vond hij niet. Hij constateerde: het spreken óver zaligheid is immers de zaligheid niet. Zaligheid is niet in woorden overdraagbaar.
Zaligheid komt niet uit de scholastiek - die kun je alleen beleven.

Zelfs de ontmoeting met een boeddha?
kan hem niet boeien: diens leer is volmaakt, maar er blijft een lek in het systeem: het systeem zélf is nutteloos om in harmonie met de godheid te komen. En de boeddha antwoordt minzaam: wacht je voor te grote scherpzinnigheid.

Aards genot
Siddharta heeft het geluk niet in de ontlediging gevonden. Hij zoekt het nu in een heel andere richting: geeft zich over aan een 'Iiefdes'verhouding, wordt koopman en wordt rijk, raakt verwend, en verliest al zijn verworvenheden, die met zo groot lijden veroverd waren. Zijn relatie met een hoofse beroepshoer leert hem het seksuele genot tot de bodem peilen, maar bevredigt hem evenmin als zijn zakenfortuin. Hij laat alles in de steek en filosofeert over de ijdelheid van het leven. Ijdelheid der ijdelheden, het is of u 'Prediker' leest.

Zo bereikt hij een grote rivier, symbool van het eeuwig vloeiende leven, ook van de vergankelijkheid ervan. Hij maakt zich klaar om onder te gaan in deze tijdeloze stroom, in de hoop zo het geluk te bemachtigen dat hem telkens ontloopt.

Aan de rivier
Maar hij slaapt in. En in de droom krijgt hij inzicht in zijn leven. Hij ziet dat hij alle wegen bewandelde om zijn eigen Ik te ontvluchten - maar dat hij juist altijd op jacht is geweest naar zijn eigen Ik. Zijn hele religie draaide om zijn Ik, zijn geluk, zijn volmaaktheid, zijn zaligheid.

Deze kennis is verrijkend, maakt hem blij, geeft zijn leven een nieuwe koers met nieuw uitzicht. De ervaring is hem als een wedergeboorte. Hij blijft bij de rivier, trekt in bij de veerman. En deze ongeletterde, weinig spraakzame man leert hem de natuur, de schepping, lief te hebben: te luisteren naar de rivier, naar de vogels, naar het spreken van zijn hart. Ook te luisteren naar de medemens!
Hetgeen was, wat is en wat zijn zal - het valt alles samen. De tijd is een hulpmiddel, maar valt weg.
Alles hangt met alles samen. En alles spreekt het woord 'Om' = vrede, harmonie, zaligheid, voleinding, eeuwigheid.

Dit is het einde van Siddharta's lijden en strijden. Hij geeft zich gewonnen aan de harmonie van de goddelijke schepping, zonder woorden, zonder leer, ook zonder evangelie. Want "wijsheid is niet in woorden over te dragen". Siddharta realiseert zich dat hij zijn weg heeft afgewandeld. Zijn leven, vermoedt hij, zal overgaan in een nieuw en beter leven ...
Want de reïncarnatie speelt ook in het moderne denken een grote rol. Hermann Hesse heeft zijn vader en het geloof van zijn vaderen losgelaten op zoek naar vrede buiten Christus. Siddharta heeft eveneens zijn vader en de religie van zijn vaderen losgelaten, op zoek naar het volmaakte Ik. Het heeft er alles van, dat Hesse zijn autobiografie schreef.

Alfa en Omega
Gode zij dank dat Hét Woord vlees geworden is en onder ons heeft gewoond.
Hij, Jezus Christus, is de weg, de waarheid en het leven. Ons mensenwoord kan harten van jonge generaties dichttimmeren - maar het Goddelijk Woord wil, dat wij door de dwaasheid van de Woordverkondiging de zaligheid, de volmaakte harmonie met God en mensen bereiken. Dat is de boodschap van onze Heiland aan een mensheid die, vervreemd van een praatziek christendom, op zoek is naar het geluk.
God staat aan het begin
en Hij komt aan het einde.
Zijn Woord is van het zijnde
oorsprong en doel en zin.

1 als Karl Barth bv.
2 in het Ndl. vertaald door mr. A.H.L. Nuver en geïllustreerd door C.A.B. Bantzinger
3 door Mw. Johanna Kunze
4 het intermezzo in Beethovens negende symfonie, dat leidde naar het slotkoor, Schillers 'Ode an die Freude'
5 Brahmanen vormen in India de klasse van geleerden en priesters
6 mensen die zich op religieuze gronden onthouden van zingenot
7 boeddha = verlichte, iemand die de top van de religie bereikte

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief