Persschouw
1991-06-07
Handboekjesgeloof- Jaargang 35
- nummer 12
"Het persoonlijk spreken over het geloof is niet bepaald onze sterkste kant ..
Veelal beperkt dat zich tot wat ik wel noem: het 'Handboekjesgeloof'. Daarmee bedoel ik, dat wij veel kunnen spreken over de predikanten en hun vorige standplaatsen. AI in mijn jeugd hoorde ik de volwassenen aéér veel over praten.
En zulk spreken is naar mijn waarneming nog niet uitgestorven. Dat geeft m.n. jongeren de indruk, dat een goed geloof is: het kunnen spreken over de uiterlijke kant van het kerkelijk leven.
Maar als net gaat over de persoonlijke band met de Here klappen veel kerkleden dicht. Daarin hebben wij nog veel in te halen. In de Schrift spreekt men zeer open over de omgang met en de blijdschap in de Here. Neem bijv. maar de Psalmen.
Ons leven is misschien wel zeer uitwendig.
Wij hebbe-n overal onze organisaties voor. Daarin ligt onze kracht Maar het kan ook een bedreiging zijn.
Dat wij menen dat-at onze organisatietalenten ons er. brengen. Dat wij dáárom zeer goed;zijn in de ogen van de Here. Maar het is een veeg teken dat er in het persoonlijk leven, in het gezinsleven, in het leven van volwassenen en van jongeren zoveel mee door kan. M.a.w. dat een mooie buitenkant geen even mooie binnenkant heeft. Men verwijt ons Vrijgemaakten nogal eens een 'Verbondsautomatisme'.
Men verdenkt ons ervan dat wij zouden leren dat het gedoopt zijn op zichzelf al het behoud zou meebrengen.
Daarom zouden onderwerpen als wedergeboorte en bekering onder ons niet erg gangbaar zijn.
Nu kunnen wij zeggen dat een 'Verbondsau'tomatisme' nooit onze officiële leer is. Dat is ook zo. Dat zou ook nooit kunnen en mogen. In de doop komt allereerst de.Hére met zijn vaste beloften tot de mens. Dat zullen wij tegenover alle verkeerde mystiek mogen en moeten staande houden. Er zijn geen voorwaarden vooraf om die beloften te mogen aangrijpen. Daarover zij n zowel de Schrift alsook de belijdenis overduidelijk!
Maar die zijn even duidelijk in het spreken over wedergeboorte en bekering.
Een gedoopte wordt niet vanzelf behouden. De doop op zichzelf maakt ook niet zalig.
Er zijn tweeërlei kinderen des verbonds.
Niet in de zin dat er echte en niet echte kinderen zouden zijn: zij die wel en die niet Gods beloften hebben ontvangen. Maar wel in de zin dat er kinderen zijn die zich als kinderen gedragèn én die dat niet doen.
Het doopformulier zegt daarover dat de doop ook een dringend appèl, ja zelfs een eis van de Here is om Hem aan te hangen met heel ons leven, om onze oude natuur.te doden en godvrezend te leven.
Deze noties zijn mij door de gesprekken met onze Chr. Geref. broeders en door de lectuur hierover, persoonlijk scherper voor de aandacht komen te staan. Ik merk dat deze dingen én in mijn preken alsook in de catechisatie en pastorale arbeid meer nadruk en invulling krijgen dan voorheen.
Wat is er veel sleurgang. Weinig zondekennis.
Weinig droefheid over de zonden. En daarom ook zo weinig echte blijdschap over Gods vergeving en genade. In het dagelijks leven kan er vaak zo veel mee door wat men ook wil goedpraten. Zoveel materialisme bijvoorbeeld. Zoveel zoeken van eigen voorspoed en geluk. Wie dat ter sprake wil brengen krijgt al gauw te horen dat we niet zo moeilijk of zo vroom moeten doen. Of wat stoerder gezegd: "Ja, wij zijn nu eenmaal zondaars."
En daarmee is de kous af.
Buitenstaanders zien deze zaken soms scherper misschien dan wijzelf.
En dat men dan vraagtekens zet bij onze verbondsopvatting, is wel te begrijpen. Het komt dan allemaal zeer zelfverzekerd over in ons praten en schrijven, maar waar is nu bij ons de praktijk der godzaligheid? Deze vragen en opmerkingen kunnen en mogen wij niet naast ons neerleggen.
Dit stuk knipten we uit een artikel over de bevinding etc. Het is van de hand van ds. J.H. Ulehake (vrijgemaakt) qeretormeerit predikant te Leusden.
Hij publiceerde over genoemd onderwerp in het 'Gereformeerd Kerkblad voor Overijssel, Gelderland, Utrecht en Noord-Holland'. Het is een goede zaak, dat men zich in vrijgemaakte kring steeds meer met deze dingen bezighoudt. Het zou kunnen bijdragen aan een zekere toenadering binnen de gereformeerde oekumene. In allerlei' samensprekingen staat 'terecht de prediking centraal. Natuurlijk zal men een bepaald nuanceverschil moeten honoreren. In een eventueel verenigde kerk zal men elkaar de ruimte moeten gunnen om naar elkaar toe te groeien.
Als de dominee steeds beter zijn gemeente leert kennen zal dat steeds meer gaan resoneren in zijn prediking.
Hij heeft de roeping om het Woord te verkondigen aan het adres van die gemeente aan welke hij verbonden is. Konkrete prediking houdt dus tevens in, dat hij de zonden aanwijst en oproept tot bekering. Waar het vermaan in de prediking gemist wordt, wordt de vertroosting ingekort. Daar gaat de dienaar in de gebeden de gemeente niet meer voor in het belijden van de schuld en komt de genade van God in Christus er bekaaid af.
Daar loopt men het ernstige gevaar de gemeente naar huis te zenden met een horizontalistisch getint verhaal.
Maar wie doet 'daar nog wat mee in de praktijk van zijn leven? C. Veenhof zei eens: "Er is niets erger dan een prediking waaronder je onbekeerd kunt blijven!" De kerkeraad zal niet achteloos mogen voorbijgaan aan de signalen, die via de huisbezoeken over de prediking worden opgevangen. En de dominee zal bereid moeten zijn zijn eigen werk, ook zijn kanselwerk, kritisch te toetsen. Geen voorganger is volmaakt en hij wil zich toch inzetten voor de opbouw van de gemeente als het lichaam van Christus?! Het zijn toch de schapen en lammeren van de goede Herder, die aan zijn zorgen zijn toevertrouwd?! Hier is het beste nog niet goed genoeg! Alleen zeg ik er wèl bij, dat men alleen maar de predikant opbouwend kan kritiseren als men tegelijkertijd niet vergeet regelmatig voor hem te bidden. Zo geven we dan geen opening aan de satan, die de kerk wil ruïneren, maar bevorderen wij de doorbraak van het Koninkrijk van God. Dan zullen ook onze onderlinge gesprekken zich meer gaan richten op het leven uit de Geest. Dan krijgt het Pinkstergebeuren in ons midden de plaats, die het verdient!
Enschede O. Mooiweer