Boekbespreking

1991-06-07
  • Jaargang 35
  • nummer 12
O. Mooiweer, Enschede

De eerste brief van Paulus aan Timotheüs
Ds. C. den Boer" De eerste brief van Paulus aan Timotheüs' - Uitgave van J.H. Kok te Kampen - 182 pag.f 19,90.

In een 'Ten Geleide' schrijft ds. den Boer, Hervormd predikant te Bilthoven, tevens studiesekretaris van de Gereformeerde Bond in de NH Kerk: "Dit boekwerkje waarin de lezer een verklaring van Paulus' eerste brief aan Timotheüs wordt geboden, is grotendeels ontstaan uit een reeks voordrachten, die in 1987 voor de microfoon van de EO zijn gehouden. De besproken teksten zijn met hier en daar enige wijziging in zijn geheel opgenomen" (p.7). Daaraan is toegevoegd een uitvoerig notenmateriaal ten dienste o.a. van verdere studie. De auteur memoreert voorts: "Zoals een bij in een bloem kruipt om er honing uit te halen, zo kruipen wij in de bloem van de Bijbel om te ervaren wat Psalm 119:103 zegt: "Hoe zoet zijn Uw redenen mijn gehemelte geweest, meer dan honing mijn mond." Wél, het resultaat is verblijdend! Den Boer heeft ons een goede verklaring geboden van het desbetreffende Bijbelboek.
Timotheüs kreeg als pastoraal medewerker van de apostel Paulus de opdracht als wachter en strijder en bouwer te fungeren. De auteur doet recht aan de tekst en onderbouwt zijn exegese met verwijzingen naar woordenboeken en kommentaren. De stijl van de schrijver is pakkend te noemen.
Ook draagt hij een bepaald illustratiemateriaal aan, ontleend o.a. aan verschillende verhalen en aan de kerkgeschiedenis.
Ook z6 geeft kollega den Boer ons veel mee. Wij kunnen begrijpen, dat veel luisteraars destijds door de inhoud van de lezingen zijn gefascineerd.
Het is fijn, dat steeds in de kantlijn andere Bijbelteksten worden genoemd.
Dat stimuleert tot uitgebreide Schriftstudie.
Door met de H. Schrift bezig te zijn wil de Heilige Geest als Auteur van het hele Woord ons een zekere geloofskreativiteit schenken. Over de positie van de vrouw in de gemeente en de verhouding man-vrouw in dat kader worden n.a.v. I Tim. 2:9-15 goede opmerkingen gemaakt (zie p.71). N.a.v. I Tim. 4:9-16 schrijft ds. den Boer het volgende: "Lezen, vermanen, leren. Ja, ook leren. Weer dat woord 'Ieren'. Elke preek is een klop op de deur van ons hart. Geen schouderklopje.
Maar tevens moet ook de volle raad van God verkondigd worden.
Predikers moeten rein zijn van het bloed van hun hoorders. Niets achterhouden. Ook niet wat niet in het gehoor ligt. Leren betekent, dat we de mensen nauwgezet, stuk voor stuk de dingen van de Bijbel uitleggen, dus b.v. als het gaat over wedergeboorte, niet zeggen: "Och, dat begrijpen mijn gemeenteleden toch niet". U moet geen predikant zijn, die de actualiteit van de krant en het dagelijks gebeuren in het centrum van uw preken stelt en de Bijbel daarvoor als kapstok gebruikt, terwijl u dat wat de Heere God als de hoogste actualiteit in Zijn Woord aan de orde stelt, onder de tafel werkt.
Predik heel de raad van God" (p.118/ 119). Wij voegen hier wél aan toe, dat een prediking, die nooit en nergens het dagelijks gebeuren erbij betrekt, de gemeente niet de weg wijst hoe ze zich moet gedragen in de wereld van vandaag. En daarmee verbleekt dan een schriftuurlijke notie van de verkondiging.
Wat mijn kritiek betreft het volgende: Op pagina 13 schrijft den Boer: "Waar aan de fundamenten van de kerk wordt gerommeld, daar wordt de bestaansgrond onder onze voeten weggegraven en wordt de kerk binnen de kortste keren een laboratorium waar naar hartelust geëxperimenteerd kan worden met wat ons van ouds is overgeleverd. "
Dit zijn scherpe woorden, die nochtans volle waarheid bevatten!
Maar mijn kollega neme het mij niet kwalijk als ik te berde breng, dat ook de Gereformeerde Bond (waarvoor ik overigens veel waardering heb) bij alle protest t6ch in het geheel van de Hervormde Kerk de dwaalleer in de praktijk tolereert.
In verband met I Tim. 1:15 waar Paulus schrijft, dat hij de voornaamste van de zondaren IS (tegenwoordige tijd) memoreert den Boer, dat Paulus nooit gezongen zou hebben wat onder ons nog wel eens gezongen wordt: "Een zondaar, een verlost', 0 Heer - en nu geen zondaar meer". (p.43). Toch moeten wij hier wel goed onderscheiden.
Ook via Gezang 25:2 (bundel: Enige Gezangen) en Gezang 451:2 (NLB) wordt de gemeente de woorden op de lippen gelegd: "Ja, toen wij nog zondaars waren, schonk d' Ontfermer (NLB de Vader) ons genä." Hier is sprake van een zekere spanning in het leven der gelovigen.
Enerzijds is hij zondaar tot aan zijn jongste snik, aan de andere kant is hij nu reeds superoverwinnaar door Hem, die ons heeft liefgehad (Romeinen 8).
Als het goed is wordt ons leven niet bepááld door de zonde. Dat is dan het enorme effekt van het bevrijdende werk van Christus' Offer. Daarom ben ik hier en nu al een verloste te noemen.
Wanneer de auteur op pag. 74 de reageerbuisbevruchting rekent tot het laten toekennen van een grotere zgn.
vrijheid aan de vrouw dan haar van Godswege is toegekend, ben ik het daarmee niet eens. Ik geloof, dat die bedoelde bevruchting onder bepaalde duidelijke voorwaarden geoorloofd is als een van God gegeven mogelijkheid voor hen, die al jaren hartstochtelijk een kind begeren zonder dat die wens langs de normale weg werd vervuld.
Naar aanleiding van I Tim. 6:12 had ik graag meer willen horen over het grijpen naar het eeuwige leven, gerelateerd aan Johannes 17:3 en Fil. 3:13,14.
Deze kritiek moge een bewijs zijn hoezeer ik mij in de inhoud van dit rijke boek heb verdiept. Aan het einde van elk hoofdstuk zijn gespreksvragen geformuleerd. Daardoor is dit geschrift des te beter bruikbaar voor Bijbelstudiekringen en gespreksgroepen. De prijs, die voor dit keurig uitgegeven boekwerk moet worden betaald, is uitzonderlijk laag te noemen, vind ik.
Een hartelijke aanbeveling is op zijn plaats! Neem en lees!!


P.J. v. Kampen, Eek en Wiel

Roberto en de Fontein
Donna Reid Vann. Roberto en de Fontein van het Licht. De Vuurbaak Barneveld, 1990.
Prijs: f 15,90.

Enige tijd geleden verscheen bij uitgeverij De Vuurbaak een boek dat in de eerste plaats een 'kinderboek' mag heten. In 30 bladzijden van groot formaat wordt het verhaal verteld van de Spaanse jongen Roberto, die in Barcelona woont. Roberto is een arme jongen, die gebukt gaat onder een groot soort 'wijnvlek' op zijn wang. Hij wordt daarmee geplaagd door de kinderen van zijn buurt, die hem steeds 'Roberto met de Rozen' noemen, naar die wijnvlek.
Het boek vertelt hoe hij met die 'handicap' leert leven. Daarbij komt, zonder dat het er erg dik op ligt, naar voren dat 'de Grote Kunstenaar' ook hem gemaakt heeft, zoals hij is.

Het boek is prachtig geïllustreerd door John Haysom. Wat de vertaling betreft, die is redelijk. Alleen lijkt me 'geboortemerk' geen goed Nederlands. (In het Engels zal er wel 'birthmark' gestaan hebben). Voor wat qua bladzijden geboden wordt is het boek stevig aan de prijs. Het is echter, zoals al gezegd, heel fraai uitgevoerd en komt oorspronkelijk ook van een gerenommeerde Britse uitgeverij. Het lijkt me toe dat er zeker uitgangspunten voor verder gesprek in zitten, als kinderen zich door een bepaald probleem 'minder' voelen dan anderen. Ook is het misschien een aardig boek, als het probleem naar voren komt waarom bepaalde kinderen op school altijd gepest worden. Het 'antwoord' van het boek kan daarbij een goede hulp zijn.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief