Jakobs vrouwen en zonen

1991-09-27
  • Jaargang 35
  • nummer 20
Jakob was veilig in Haran gekomen en was verliefd geworden op Rachel, de dochter van zijn oom Laban. Maar omdat Laban eerst zijn oudste dochter Lea wilde uithuwelijken, had hij Jakob bedrogen. Toen het na de huwelijksnacht licht werd, zag hij dat het Lea was, en niet Rachel. Maar ook Rachel kon hij krijgen, voor nog eens zeven jaar werken. Zo werd Jakob, die eens zijn broer en vader had bedrogen, zelf het slachtoffer. Maar hij kreeg na veel gedoe dan toch de vrouw die hij liefhad.
Rachel was de vrouw van Jakobs dromen.

En blijkbaar liet Jakob dat duidelijk merken. Lea was niet bemind, staat er.
Lea is nog meer nog dan Jakob slachtoffer van de leugen geweest. Misschien had zij helemaal niet met Jakob willen trouwen, maar was ze daartoe door haar vader gedwongen. De meisjes hadden daar vaak weinig over te vertellen. Weglopen was onmogelijk.
Dat stond gelijk met je doodvonnis.
Lea had door het bedrog van haar vader een man moeten trouwen die haar niet wilde. Dat beloofde weinig goeds.

En zo was het ook. Lea was gehaat (Statenvertaling). Dat betekent: aan alles was te merken dat Lea niet de keuze van Jakob was. Bij het eten en bij het praten, bij het opstaan en naar bed gaan: Lea voelde altijd weer de achteruitzetting. Wat kunnen levens verminkt worden door bedrog en leugen.
Wat is de satan toch een vijand van het leven. Hij is de vader van de leugen, en geniet van alles wat stuk gaat door bedrog. Dan heeft hij zijn zin. Het lijkt soms wel alsof hij het voor het zeggen heeft op aarde. Sommige families liggen constant overhoop door leugen en bedrog. Sommige huwelijken worden daardoor een hel.
Lea was slachtoffer van leugen geworden.
Jakob kon zich in zijn dagelijks leven aan de gevolgen van de leugen , nog aardig ontworstelen, door alle aandacht te geven aan de vrouw van zijn dromen. Lea had die keuze niet.
Zij was in de hoek geraakt waar de meeste klappen vielen.

Lea
Maar let dan op wat de HEREtoen gedaan heeft. God ziet het onrecht, Hij kent de nood van de slachtoffers van de leugen. Dan mag je je gelukkig prljzen om bij de HEREte horen. Het kan dan wel eens lijken alsof de leugen triomfeert, maar het evangelie van Jezus Christus laat pas de ECHTE werkelijkheid zien. Hij, Jezus Christus, de Zoon van de levende God, heeft de overwinning op de vader van de leugen behaald door zijn offer aan het kruis. De voorafschaduwing van die overwinning zien we al onder het oude verbond. Lea heeft dat in haar leven heel direct gemerkt. Zij was de versmade, degene die tussen de wal en het schip geraakt was. Maar toen de HEREzag, dat Lea niet bemind was, opende Hij haar schoot, maar Rachel bleef onvruchtbaar. Ze werd zwanger en baarde een zoon. De HEREdeed wat aan haar probleem. In die kleine kring van Jakobs familie, het verbondsvolk, zien we hoe de HERE daar een vrouw niet heeft laten omkomen door verachting. Er zijn ook vandaag veel mensen die tussen de wal en het schip geraakt zijn. Vrouwen die soms geen uitweg vinden in de ellende van hun huwelijk. De blijf van mijn lijf huizen zitten vol. Maar de beste asielplaats is onder de bescherming van de HEREte vluchten. Hij laat ons nu al, temidden van de gebrokenheid waarin we nog leven, toch al iets proeven van de vrede die straks op de nieuwe aarde is. Daar zal geen mens achtergesteld zijn, niemand geplaagd, een vrouw niet meer slachtoffer zijn van bedrog en berekening. Ook in dat opzicht maakt Jezus "alle dingen nieuw". Voor vrouwen die nu slachtoffer zijn, klinkt die vernieuwing vol vertroosting in de profetie van Jesaja 54: "Als een verlaten en diep bedroefde vrouw heeft u de HERE geroepen, als een vrouw uit de jeugdtijd, nadat zij versmaad werd - zegt uw God. Een kort ogenblik heb Ik u verlaten, maar met groot erbarmen zal Ik u tot Mij nemen; in een uitstorting van toorn heb Ik mijn aangezicht een ogenblik voor u verborgen, maar met eeuwige goedertierenheid ontferm Ik Mij over u, zegt uw Losser, de HERE....
Want bergen mogen wijken en heuvelen wankelen, maar mijn goedertierenheid zal van u niet wijken en mijn vredesverbond zal niet wankelen, zegt uw Ontfermer, de HERE". Zie hoe de HERE naar Lea omzag. Zij werd zwanger en baarde een zoon. Ruben. Zij zei: voorwaar, de HERE heeft mijn ellende aangezien. Daarna was haar ellende niet over, zoals doorklinkt in de naamgeving van de tweede, Simeon: Voorwaar, de HERE heeft gehoord dat ik niet bemind ben, en heeft mij ook deze geschonken. Het was dus niet zo, toen zij eenmaal een jongetje gebaard had, dat ze opeens de favoriete vrouw van Jakob was geworden.
De voorkeur van Jakob ging nog altijd naar Rachel. Lea was nog steeds: de niet beminde. Hoor maar: Levi": nu zal mijn man zich ditmaal aan mij hechten omdat ik hem drie zonen gebaard heb. In haar moederschap streefde ze naar een gelijke plaats als Rachel. Of wellicht heeft ze daarin geprobeerd het helemaal van Rachel te winnen, en Rachel van beminde tot niet beminde vrouw willen maken. We hoeven ook Lea niet te idealiseren. Zij baarde nog een jongen: Juda: Nu zal ik de HERE loven. Toen hield ze op met baren.

Rachel
Rachel vond het ook meer dan genoeg.
Haar zus wel en zij niet. Zij was nog wel de echte vrouw van Jakob. Ze was jaloers op haar zuster. De tenten van Abraham, Isaak en Jakob zijn vaak broeinesten geweest van ruzie en jaloezie. Mannen willen nog wel eens stoer doen, en die tijd van toen terughalen. Had ik maar meer vrouwen.
Echter, de praktijk was vaak veel ellende.

Rachel schoof de schuld op Jakob.
Geef mij kinderen, zo niet, dan sterf ik.
Haar woorden konden zo uit onze leefwereld komen. Men zegt: we nemen een kind, we maken een kind.
Zulke uitdrukkingen zijn voor een kind van God ongepast. Jakob werd boos op Rachels vraag: Neem ik de plaats van God in die u de vrucht van de schoot ontzegd heeft? In die boosheid hoor je Jakob zeggen: Rachel, je gaat te ver. Wij maken geen kinderen. Ook in dit opzicht zijn we afhankelijk van de HERE, of Hij zich ontfermt.
Rachel deed toen wat ook Sara met Abram gedaan had. Ze gaf aan Jakob haar slavin. Kreeg de vrouw uit haar eigen lichaam geen nageslacht, dan kon dat door haar slavin. Dan en Naftali werden geboren. "Naftali". "Op bovenmenselijke wijze heb ik met mijn zuster geworsteld, ook heb ik overwonnen."
Duidelijk hoor je de rivaliteit tussen de zusters in de naam van deze zoon.
Lea deed weer hetzelfde als Rachel.
Ze gaf ook haar slavin. Zo won ze weer van Rachel. (Gad en Aser). Bovendien "huurde" Lea Jakob voor een nacht voor liefdesappelen. De tent van Jakob was vol gebroei en gekonkel.
Lea baarde een vijfde zoon: Issaschar, en nog een: Zebulon. "Ditmaal zal mijn man bij mij wonen omdat ik hem zes zonen gebaard heb." Vervolgens baarde zij een dochter: Dina.
Met elk nieuw kind van Lea nam het gevoel van mislukt zijn bij Rachel toe.
Toen gedacht God Rachel en God verhoorde haar. Hij opende haar schoot.
Hier wordt duidelijk gezegd: niet Jakob kon baar een zoon geven, niet de mens met al zijn techniek, met al zijn kennis en hulpmiddelen heeft het laatste woord over nieuw leven, dat heeft God alleen. Weer was het geslacht van Abraham getroffen door onvruchtbaarheid, en WEER zie je: de HERE is daar niet aan onderworpen.

Jozef heette de elfde zoon van Jakob: moge de HERE er mij nog een andere zoon bijvoegen. Later kreeg ze nog Benjamin. Door welke zoon van Jakob zal de Verlosser nu komen? Wat is de meest voor de hand liggende naam.
Zou dat niet Jozef zijn? De eerstgeborene van de beminde vrouw? Of Benjamin?
Toch zeker wel via één van de zonen van Rachel. Als het aan Jakob had gelegen was hij alleen met haar getrouwd.

Juda!
Het antwoord vanuit het vervolg in de Schrift is verrassend. Niet door een zoon van Rachel, maar door één van Lea. De Here Jezus zou komen uit het nageslacht van Juda, de zoon bij wiens geboorte Lea gezegd had: "nu zal ik de HERE loven. Om de komst van Jezus zullen de volken zich eens aaneensluiten, om met Lea de HERE te loven. Nu klinkt die lof in de hemel, zie Opb 5: "de leeuw uit de stam van Juda heeft overwonnen".

Jakob leefde in een tijd toen dat allemaal nog komen moest. Een tijd waarin hij meermalen gedacht zal hebben: hoe moet het allemaal met die vrouwen goedkomen. Nu wij ver NA de geboorte van Christus mogen terugkijken op die oude geschiedenis, zien we Gods grootheid schitteren. Langs onberekenbare wegen heeft Hij de belofte vervuld. Juda (van Lea) mocht de stamvader worden van de Christus.
Wat heeft Lea het moeilijk gehad, als slachtoffer van bedrog van haar vader, versmaad in haar huwelijk. Maar wat heeft de HERE haar een hoge plaats gegeven in het voorgeslacht van de Messias. De belofte die de HERE in Betel aan Jakob gaf, is via Lea, Juda, en vooral door de grote zoon van Juda naar ons toegekomen. Door Jezus, die het Ja en Amen is van al Gods beloften.
Om HEM was het de HERE te doen. Om HEM dacht de HERE aan Lea, en het is ook om HEM dat de HERE vandaag aan u en mij denkt.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief