Weet wat je waard bent! (1)

1991-10-25
  • Jaargang 35
  • nummer 22
Hebt u daar eerlijk gezegd ook wel eens last van? Dat je jezelf en alles wat je doet soms z6 ontzettend onbelangrijk kunt vinden, dat je je afvraagt: Wat stelt mijn werk nu eigenlijk voor?
Wat ben ik feitelijk? Een doodgewone gezinsverzorgster, verpleegster of huisvrouw. Sommigen zullen daaraan toevoegen: Ik heb niet eens een kind!
Anderen: Ik ben al jarenlang weduwe.
En weer anderen: Ik heb zelfs nog nooit een man gehàd! Ja, als ik dan tenminste nog heel knap was ... Of dokter! Of een beroemde schrijfster!
Maar wat voor waarde heeft dat dagelijks werk van mij nu eigenlijk?
Wat dacht u? Zouden veel vrouwen niet af en toe last hebben van zulke minderwaardigheidsgevoelens? Wat zou ik het fijn vinden als ik u dan wat zou mogen helpen om met Gods Woord zulke deprimerende gedachten de baas te blijven. Zodat u straks met nieuwe moed naar huis gaat, omdat u zich weer goed bewust bent wat christinnen in Gods ogen waard zijn.
Laat ik dan meteen met het voornaamste beginnen. Hebt u de Here Jezus lief? Wilt u graag zijn discipelin zijn en doén wat Hij ons heeft geleerd? Dan bent u goud waard voor uw omgeving.
Of je nu dertig bent of zestig, getrouwd of ongetrouwd, wel of geen baan hebt - dan hebben ze aan jou meer dan aan een zak juwelen. Dat zeg ik niet, maar God zelf: "Charme is bedrieglijk en schoonheid verdwijnt snel, lof verdient alleen een vrouw die leeft in ontzag voor de Heer. Zij is meer waard dan edelstenen!" Spr. 31:30,10 GN.
En dan nu de vraag waarom dat zo is.

Adam kon Eva niet missen
Wel, u bent namelijk allemaal onmisbaar.
Dat lezen we al op de eerste bladzijden van de Bijbel. Waarom schiep God Eva? Omdat Adam zonder haar incompleet was en hulpbehoevend.
Dat zei de HERE zelf: "Het is niet goed dat de adam (= mens) alleen blijft; Ik ga een hulp voor hem maken die bij hem past", Gen. 1:18. Daarom schiep God de vrouw. Uit de man en om de man, 1 Cor. 11:9.
Daarvoor gaf God de vrouw wel geen totaal àndere eigenschappen - vadergevoel verschilt b.v. niet principieel van moedergevoel - maar zij kreeg dezelfde gaven wel in zodanige mate dat ze de man prachtig aanvult en ook echt is wat de HERE zei: "een hulp die bij hem pàst", Gen. 1:18. Natuurlijk niet om als zijn minderwaardige slavin hand- en spandiensten voor hem te verrichten, maar om hem als zijn gelijkwaardige wederhelft te helpen bij hun gezamenlijke roeping om God lief te hebben boven alles en de aarde te bevolken, te behoeden en te bewaren, Gen. 1:28.
Dit betekende alleen niet dat zij nu beiden ook hetzelfde werk moesten doen. Overeenkomstig hun aard en aanleg gaf de HERE man en vrouw ieder een eigen taak en plaats, Gen.
2v. Zo kreeg Adam het beheer over de 'buitenwereld'. Hij zou de hof van Eden moeten 'bewerken en bewaren', Gen. 2:15. Terwijl Eva het moederschap en daarmee de verzorging van het gezin kreeg toebedeeld. Gen. 3:20.
Als u deze taakverdeling nu maar niet wetticistisch opvat. Alsof hier de ijzeren regel werd ingesteld dat een man zijn vrouw nooit zou hoeven bij te springen in de huishouding en dat een vrouw nooit iets buitenshuis zou mogen doen. Dat leert het bekende loflied op de ideale huisvrouw in Spr. 31 wel anders. Dat was er immers ook al een die graag wat bijverdiende! Ze handelde met veel plezier in zelfgemaakte gordels en kleding. En spaarde van dit zelfverdiende geld een eigen stukje grond op. Dat staat evengoed tot onze lering in Gods Woord. Een getrouwde vrouw mag als ze daarvoor in de gelegenheid is natuurlijk best iets meer doen dan alleen voor haar gezin zorgen.
Maar dit neemt niet weg dat ook volgens Spreuken 31 de hoofdtaak voor de meeste mannen buitenshuis en voor de meeste vrouwen binnenshuis ligt. Dit is dus beslist geen traditioneel 'rolpatroon' dat ons door mènsen zou zijn opgelegd, zoals het feminisme beweert. Maar een taakverdeling die verankerd ligt in de scheppingsorde die God ons in zijn Woord geopenbaard heeft. Daarmee is het ook een zaak van geloof.
Je moet Gods Woord ook op dit punt gelóven. Maar als je dat doet en de wijsheid van de Schepper eerbiedigt, dan zul je als vrouw je plaats en roeping duidelijk voor je zien. En door de kracht van dit roepingsbesef zul je sterk staan tegenover mogelijke minderwaardigheidsgevoelens en je grote waarde ontdekken voor het koninkrijk van God.
Laten we daarvoor nu de levensloop eens volgen van een aantal christenmeisjes.
En dan aan de hand van Gods Woord nagaan waarin hun grote waarde vanaf hun jeugd tot in hun ouderdom uitkomt.

Wat is waardevoller dan leven behoeden?
Hebt u wel eens 's avonds laat door een ziekenhuis gelopen? Bijna alle dokters zijn dan naar huis. Op wie komt de verpleging van al die zieken dan grotendeels neer? Op een betrekkelijk klein aantal jonge meisjes! Nu prijst Salomo in Spreuken 31 de ideale vrouw omdat ze opstaat 'als het nog nacht is'. Maar verpleegkundigen werken regelmatig hele nachten - en hard ook! Als heel Nederland slaapt, controleren zij infusen, houden pas geopereerde patiënten in het oog en geven een stervende liefdevol wat te drinken.
En als hij de laatste adem uitgeblazen heeft, leggen zij hem af. Ook vaak in het holst van de nacht.
Ja, de wijsheid der vrouwen bouwt haar huis", zegt Salomo, Spr. 14:1.
Laten wij daarbij vooral niet alleen aan huisvrouwen en woonhuizen denken, maar evengoed aan ziekenhuizen, zonnehuizen, bejaardenhuizen en tehuizen voor geestelijk en lichamelijk gehandicapte kinderen of bejaarden.
Ik hoef u niet te vertellen wat er van al die jonge meisjes in deze instellingen gevraagd wordt. Ik betuig hun allen mijn diepe en eerlijk gemeende respect.
Ze verdienen naar mijn mening allemaal te weinig.
In Spreuken 31 staat het loflied op die fantastische vrouw. Ze wordt onder meer ook geprezen omdat ze "haar hand uitbreidt naar de ellendige en haar armen opent voor wie in nood is". Nu, dat doen duizenden jonge meisjes en ongehuwde vrouwen dag in dag uit buitenshuis. Je zou je zelfs kunnen afvragen of in onze maatschappij het meeste barmhartigheidswerk niet verricht wordt door óngehuwde vrouwen. Het ontroert mij soms als ik in een bejaardenhuis zie hoe zo'n jong meisje, letterlijk zoals Spreuken 31 het uitdrukt, "haar armen opent" om een stokoude man te verzorgen en als ik hoor hoe bemoedigend ze hem daarbij toespreekt.
En zouden zulke onmisbare christinnen zich dan bij tijd en wijle mismoedig moeten afvragen: Wat heeft mijn werk nu eigenlijk te betekenen? Ik ben maar ziekenverzorgster of gezinsverzorgster?
Ik sta maar in de keuken van een bejaardenhuis. Meid, je bent oervrouwelijk bezig en jouw werk past zo mooi in Gods scheppingsorde voor de vrouw: Leven verzorgen en leven behoeden!
Jullie mogen gekneusd, geschonden en bijna uitgeblust leven verzorgen.
De Goede Herder maakte jou herderin over wat weerloze lammeren of afgematte schapen van Hem. Wat moet er in Gods ogen dagelijks in de hele 'zorgsector' door talloze vrouwen en meisjes waardevol werk verricht worden!
Hij doet zelf immers ook niets liever dan leven beschermen en leven redden. Daarvoor gaf Hij zelfs zijn Zoon over in de dood!

Niet alleen in de zorgsector, maar overal kun je waardevol zijn
Of je dan als vrouw alleen in verzorgende beroepen goud waard bent?
Natuurlijk niet. Iedereen heeft daar ook niet de nodige gaven voor. Bovendien steunt die hele zorgsector op haar beurt op veel vrouwelijk administratief personeel. Nee, elk beroep is een Goddelijk beroep.
Maar christinnen hebben daarbij nog een onschatbare meerwaarde. Zij kunnen namelijk in al die uiteenlopende werkruimten op allerlei wijze de heilzame kracht van het evangelie laten zien en met hun christelijke levensgedrag hun God en Vader verheerlijken, Matth. 5:16. Eén meisje kan de sfeer tussen een aantal mannen al verbeteren. Wat moet er dan van een paar honderdduizend christinnen nog een krachtige sanerende werking kunnen uitgaan in de hele samenleving.
Ook tot u zei de Here Jezus: "U bent het zout van de aarde". Dat moet u op vrouwelijke wijze in praktijk brengen.
Overal waar God je plaatst bederfwerend bezig zijn. Neem nu alleen de manier waarop je je kleedt en opmaakt, de wijze waarop je met mannen omgaat, je plichtsbesef. Alledaagse dingen, maar van grote waarde! Zo kun je zonder woorden de kracht van het evangelie laten zien en mensen voor Christus winnen, zegt Petrus. Doordat ze je 'reine en godvrezende wandel' opmerken, 1 Petr. 3:2.
Nu de schaamteloosheid hand over hand toeneemt - zie de stranden en de TV - zal het van u, christinnen, afhangen of de goede zeden in ons land nog enigszins bewaard zullen blijven of daaruit geheel verdwijnen. Zie je hoe je door een christelijk gedrag ook voor land en volk nog van grote waarde kunt zijn?
Nee, je bent als christin bepaald niet alleen in de zorgsector goud waard, maar overal waar je bederf weert en zo de duivel voor schut zet en God en de Here' Jezus groot maakt. En wat is de zin van ons leven anders dan de eer van God?

Ook de ongehuwde en alleenstaande vrouwen goud waard
't Zal hoop ik uit wat ik tot dusver opgemerkt heb duidelijk zijn dat de grote waarde van een christenvrouw niet uitsluitend bepaald wordt door het moederschap. Ik kom daar straks op, maar ben daar opzettelijk niet mee begonnen omdat ik niet graag aan de grote betekenis zou voorbijgaan die ongehuwde en alleenstaande vrouwen en meisjes voor kerk en wereld kunnen hebben. Ik heb daar in het voorbijgaan al verschillende malen op gewezen.
Mag ik in dit verband ook de onderwijzeressen van de basisschool in heden en verleden eens met ere noemen? Zij leerden ons lezen en schrijven! Was dat niet van onschatbaar belang? Dr. Okke Jager bedankte in het voorwoord van zijn proefschrift naar gewoonte niet alleen de professoren die hem hadden onderwezen, maar ook de juf van de lagere school die hem indertijd had leren lezen. Hij wist wat ze waard was. Dank zij haar kunnen we Gods Woord lezen! En wat heeft zij ons daaruit ook niet veel verteld.
Soms kun je haar spontaan over 'mijn kinderen' horen spreken en is zij in zekere zin ook geen moeder in haar klas? De Schrift gebruikt het woord vader soms ook voor een leraar.
Waarom zouden we het woord moeder dan niet mogen uitbreiden tot de kleuterleidsters, onderwijzeressen, vormingsleidsters en z-verpleegkundigen?
Alle ouders hebben zeer veel aan hen te danken. Wij realiseren ons op dit moment wat jullie voor ons waard zijn!
Velen van hen zijn ongehuwd gebleven, terwijl ze dat zelf niet verkozen hebben. Ook hierbij waren Gods gedachten hoger dan de onze en daar leg je je meestal niet zonder strijd bij neer. Maar probeer te geloven dat ook daarin Gods liefde en wijsheid werken.
En dat ook jouw leven in zijn schatting grote waarde heeft. Want het is zonneklaar dat het niet alleen op gehuwde vrouwen, maar ook in vele opzichten op ongehuwde vrouwen slaat wat God zei voordat Hij Eva schiep: "Ik zal hem een hulp maken die bij hem past".
Bedenk daarbij eens dat miljoenen mannen overal ter wereld geen vijf minuten hun werk kunnen doen zonder de hulp van miljoenen (vaak ongehuwde) vrouwen en meisjes.
Maar laat ik hierbij vooral niet vergeten u dit voor te houden. Wat tenslotte je grote waarde voor God uitmaakt, is niet wat je hier deed of doet. Of je nu getrouwd bent of niet, jong of oud, mooi of minder mooi, wel of geen kinderen hebt, een druk leven leidt of aan een rolstoel gebonden bent, voor Hèm ben je onbetaalbaar omdat de Here Jezus je kocht met zijn kostbaar bloed.
Zo sta je bij Hem aangeschreven. Als een kind van God bemind en tot zijn eer geschapen!

Huisvrouw
Maar de meeste meisjes trouwen na verloop van tijd en worden huisvrouw.
Officieel zijn ze dan vrouwen 'zonder beroep'. En dat terwijl die taak heel wat meer organisatietalent, economisch inzicht, zelftucht, ijver, handigheid, lichaamskracht, smaak en creativiteit vereist dan menige baan! Maar daar lijkt vaak weinig oog voor te zijn.
Huishoudelijk werk wordt tegenwoordig bepaald niet hoog aangeslagen.
Veel vrouwen vinden het geestdodend (alsof werken buitenshuis dat nooit is).
En grote jongens en mannen onderschatten het soms danig: "Huishouden?
Eten koken? De was doen? Is toch geen kunst aan!" Dat het eten elke dag op tafel staat en hun schone kleren altijd klaar liggen, jaar in, jaar uit, vinden ze vanzelfsprekend.
Tussen twee haakjes: zulke jongens weten dan ook niet naar wat voor meisjes ze moeten kijken. Flinke meisjes die de Here Jezus liefhebben en met wie ze gelukkig zouden kunnen worden in voor- en tegenspoed lopen ze voorbij. Om zich blind te staren op 'schoonheid' en 'bevalligheid', maar zonder verstand-om-de-HERE-tevrezen.
En wat hebben ze dan? "Een gouden ring in een varkenssnuit", zei Salomo, "zó is een schone vrouw zonder verstand", Spr. 11:22.
Voor vrouwen die van 's morgens vroeg tot 's avonds laat voor man en kinderen bezig zijn, is zulk neerkijken op hun werk natuurlijk ronduit deprimerend.
Zeker als je dan ook nog klanken opvangt als 'Aanrecht? Onrecht!' Of vragen voorgelegd krijgt als: "Werk jij niet?" (alsof je dat thuis niet doet). "Kom jij nog wel aan jezelf toe?" (Het sleutelwoord van het feminisme: zelfverwerkelijking!) Dan kan dat je soms steken en je haast minderwaardigheidsgevoelens bezorgen.
Nu kunnen we daar tegenin brengen dat er weinig beroepen zo gevarieerd zijn als dat van huisvrouw. Alleen het scheppen van orde en regel - waar soms ook zo laatdunkend over gesproken wordt - is al een 'bewijs van vakmanschap, waar het hele gezinsleven op steunt. De vrouw die orde schept in huis, is daarmee een navolgster van God die kennelijk ook van vaste tijden voor dit en vaste tijden voor dat houdt.
Kijk maar naar zijn werk in de natuur.
Hij laat de bladeren gelukkig ook niet het ene jaar in oktober en het andere jaar in juli van de bomen vallen. Zoals Hij ook duidelijk van reinheid houdt, Deut. 23:13.
Maar ik kan u nog iets veel mooiers noemen. Iets wat alle geringschatting van de huisvrouw van tafel veegt. Dat is het feit dat niemand minder dan de geniale koning Salomo een schitterend lofdicht schreef op de flinke huisvrouw, Spr. 31. Vindt u dat niet treffend?
Het enige beroep waarop de Bijbel een loflied zingt is dat van huisvrouw!
Meer dan duizend bladzijden zijn gevuld met het werk van profeten, priesters en koningen, maar één bevat een loflied op wat zij dagelijks doet.
De HERE God vond het dus nodig en kennelijk niet beneden de waardigheid van de Heilige Schrift dat daarin - en nog wel tot in de kleinste bijzonderheden - gesproken werd over wat een Israëlitische vrouw dagelijks te doen had.
Natuurlijk, zij deed haar werk anders dan u. Maar maakt het in de grond van de zaak zoveel verschil? Zij moest drieduizend jaar geleden ook al zorgen dat er elke dag eten op tafel kwam - net als u nu nog moet doen. En een huisvrouw liep toen al net als nu heel wat af op een dag en had veel lichamelijk werk te verrichten. Zij had toen ook al de zorg voor de kleren van het gezin. Wat voor haar neerkwam op spinnen en weven, zoals voor u achter de naaimachine zitten.
En weet u wat ik daarin nu zo bemoedigend voor u vind? Dat het Woord van God al dat tegenwoordig zo gekleineerde werk met zoveel waardéring vermeldt! Daar blijkt weer duidelijk uit dat de Bijbel geen godsdienstig boek is, waarin alleen godsdienstige dingen besproken worden, zoals vergeving van zonden, bidden en psalmzingen, maar zelfs huishoudelijk werk! Want Salomo prijst die vrouw niet omdat ze van 's morgens vroeg tot 's avonds laat godsdienstig bezig is, maar omdat ze zo vaardig met wol omgaat (wij zouden nu zeggen: haar breiwerk), er op uittrekt om eten in huis te halen (wij zouden zeggen: boodschappen doen) en kleren maakt (achter je naaimachine zitten). Ja, ze wordt ook geprezen - ik wees daar al op - omdat ze haar best doet er wat bij te verdienen met gordels verkopen. Vindt u het niet prachtig dat de HERE God dit allemaal in zijn Woord heeft laten opnemen?
Ja, 't is nog mooier! Als je al dit werk jaar in, jaar uit trouw doet, dan noemt de Schrift je "een vrouw die de HERE vreest". Alweer zo'n bemoedigend woord. Dat zegt ze niet omdat je elke dag een half uur met de Bijbel voor je zit - al zou ik u dit allemaal wel sterk willen aanraden - maar je bent volgens haar een Godvrezende vrouw als je goed voor je huishouden zorgt.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief