Hulp bij de preekvoorbereiding

2009-08-14
  • Jaargang 53
  • nummer 16
De zondagse preek is een kernmoment in het leven van de gemeente. Rond die kern is altijd een levendige gedachtewisseling gaande. Dat komt meteen in de kerkdienst zelf vaak al op gang rond de concrete preek (of prediker!). Maar ook op iets meer afstand, als gemeente of kerkenraad nadenken over functie en rendement van de preken in het leven van de gemeente. En uiteraard is de prediker zelf daar permanent mee bezig. Hoe doe je dat nou, preken zodat de boodschap tot zijn recht komt voor deze concrete gemeente?
Voor dat bezinningsproces is onlangs een mooi hulpmiddel beschikbaar gekomen. Onder redactie van Henk van der Meulen verscheen het boek ‘Als een leerling leren preken’. Zulke hulp konden we inmiddels ook wel weer gebruiken. Het laatste Nederlandse boek over homiletiek of preekkunde (Dingemans: ‘Als hoorder onder de hoorders’) dateert alweer van 1991. Niet dat je dit boek van Van der Meulen een compleet boek over homiletiek kunt noemen. Het geeft bijvoorbeeld geen antwoord op de vraag: Wat is een goede preek? Maar op weg naar de kansel biedt het prima hulp.

Stappenplan
Uitgangspunt van het boek is een stappenplan voor de preekvoorbereiding dat ontworpen is door Gerrit Immink (preekdocent aan de PThU). Dat plan, dat in bijlage is beschreven, wordt in een inleidend hoofdstuk kort toegelicht. Immink heeft de preekvoorbereiding als proces overzichtelijk in kaart gebracht door het in te delen in een aantal fasen. Hij beveelt aan om te beginnen bij het verkennen van de concrete leefwereld van de gemeente. Het hart van het proces beschrijft hij in de intensieve omgang met de Schrift, die hij in drie fasen verdeelt: hoorderreceptie, literaire/ historische analyse en interpretatie. Met dit materiaal moet vervolgens de concrete vorm en structuur tot stand komen.
Immink baseert zich grotendeels op het bekende standaardwerk van Thomas Long (The Witness of Preaching), dat een zeer bruikbaar en verantwoord model voor preekvoorbereiding biedt. Het onderscheid in concrete stappen maakt dat de preek methodisch en systematisch tot stand kan komen. Dat is ook precies de hulp die predikers vaak nodig hebben. Theologen zijn vaak zeer goed geschoold in het lezen en interpreteren van teksten. Maar dat is doorgaans een oriëntatie op geschreven materiaal. Een stappenplan als dit voorziet in een methode om zelf een tekst te produceren die vooral bedoeld is als gesproken tekst. Gerichtheid op de context en specifieke doelstellingen zijn daarbij onmisbaar.

Bezonnen stappen zetten
Nu kan een stappenplan gemakkelijk leiden tot het min of meer automatisch ‘afwerken’ van de verschillende onderdelen. Waar het op aan komt is, dat je die stappen ook echt op een bezonnen manier zet. En juist op dit punt biedt het boek de meeste hulp. Daar ligt voor mij ook de grote waarde.
In afzonderlijke hoofdstukken worden de diverse stappen breder besproken door diverse auteurs. Belangrijke vragen daarbij: Hoe doe ik recht aan de tekst? Wie zitten er straks te luisteren? Wat wil ik precies bereiken met mijn preek? Enz. De verschillende schrijvers bieden doorgaans een flink brok theologische bezinning. Dat helpt de prediker om na te denken over de theologische betekenis van de preek. Dat is wat je als prediker nodig hebt bij al het nederige handwerk dat je ook klaarkrijgen moet voor de komende zondag.
Zelf vind ik het hoofdstuk van Gerrit van Ek hier een goed voorbeeld van. Hij beschrijft wat er gebeurt bij het werk aan de preektekst. Veel predikers hebben er moeite mee om bij die stap uit te komen boven een ‘commentaarachtige uitleg’, die weinig meer biedt dat tekstverklaring. Van Ek slaagt er in deze stap uit te tillen boven de pure gerichtheid op de woorden van de tekst. In zijn bezinning biedt hij een mogelijkheid om als prediker je hoorders echt lokkend voor te gaan naar de toekomst van God. En dat is precies wat prediker èn hoorders nodig hebben. Soortgelijke ervaringen doe je op in bijvoorbeeld de hoofdstukken over de dogmatiek in de preekvoorbereiding en over de communicatie met de hoorders.
Overigens moet gezegd worden, dat een enkel hoofdstuk te kort is om echt recht te doen aan het behandelde onderwerp. De structuur van de preek bijvoorbeeld is een te complexe materie om in een tiental bladzijden te behandelen. Dat is jammer ook al omdat het een element is dat doorgaans toch al weinig aandacht krijgt.

Preken met visie
Al met al ben ik er van overtuigd, dat dit boek predikers echt hulp biedt waar die nodig is. (Het is ook meer een boek voor predikers dan voor kerkgangers.) Als prediker moet je een duidelijke verbinding kunnen leggen tussen je visie op preken en de manier waarop dat methodisch ‘doorvertaalt’. Veel predikers komen daar te weinig aan toe. Juist in de drukke gemeentepraktijk kun je dan gemakkelijk vervallen in een methodisch platgetreden pad. Dat komt de intentie waarmee je preekt niet ten goede. Daarom is het altijd belangrijk om theologisch achter de methode terug te vragen naar de visie die er aan ten grondslag ligt. Daar biedt Van der Meulen c.s. veel materiaal voor.
Ik voeg daar wel aan toe, dat de diverse bijdragen vanuit soms zeer verschillende gezichtshoeken zijn gedacht en geschreven. Een eenheidsvisie wordt hier dan ook niet geboden. Je zult dan ook bewust moeten kiezen hoe je met dit materiaal aan de slag gaat. Maar dan vindt je als prediker hier genoeg bouwstenen (en niet te vergeten stimulans!) om aan zo’n visie zelfstandig te werken. En dat is wat je gemeente en prediker van harte toewenst. Dat is ook gepast bij zo’n belangrijk kernmoment in het bestaan van de gemeente.

Henk van der Meulen (red.), Als een leerling leren preken. Preekvoorbereiding stapsgewijs. Uitgeverij Boekencentrum 2008. 168 blz., € 17,90.

Prof. dr. C.J. de Ruijter is hoogleraar Praktische theologie aan de Theologische Universiteit Kampen (Vrijg.).

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief