De ene Naam: Zending in de 21e eeuw (1)

1990-01-05
  • Jaargang 34
  • nummer 1
DE ENE NAAM: zending in de 21ste eeuw
Het einde van de 21ste eeuw komt in zicht. Niet maar een eeuw maar een millennium heeft op een dekade na haar loop voltooid. En dat vraagt om terug blikken en vooruit zien. En dat zal in de komende jaren nog wel in toenemende mate gaan gebeuren.
Boeken en artikelen zullen geschreven worden om ons over de drempel heen te helpen die ons scheidt van het derde millennium na de geboorte van Christus onze Heer.
Juist voor de christelijke geloofsgemeenschap zal het van belang zijn rekenschap te geven van het aanbreken van weer een nieuwè era in de geschiedenis van mens en wereld.
Deze rekenschap houdt verband met haar verwachting van de wederkomst van haar Heer. Wanneer komt hij terug en zal zijn beloofde en verwachte Rijk aanbreken?

Speculaties en bespiegelingen over het wanneer van het einde zullen ons zeker niet onthouden worden in de komende jaren. De tekenen der tijden zullen weer druk gelezen worden en uitgelegd. Hoe laat is het volgens die tekenen op Gods wereldklok?
Wanneer slaat het uur twaalf?
De zending is altijd gezien als het teken van d.eeindtijd bij uitstek. Een onlosmakelijke band tussen zending en wederkomst van Christus, tussen zending en eschaton, is altijd in de kerk aanvaard geweest als onopgeefbaar.
Maar onproblematisch is de verbinding tussen zending en wederkomst niet.
De tijden en gelegenheden in verband met het einde worden in de , bijbel uitdrukkelijk in Gods hand gelegd. Inzicht ontvangen we niet in het wanneer, zelfs niet in het hoe, van de wederkomst. Elke berekening van de wederkomst, elke speculatie over hoe ver de. geschiedenis al gevorderd is, stuit op deze principiële weerstand van Gods kant om ons inzicht ten deze te verschaffen.
Maar een andere vraag in dit verband is die naar de voltooidheid van de zending: wanneer is de zending voltooid? Valt daar een zinnig woord over te zeggen, zodat alsnog het wanneer berekend zou kunnen worden?
Hoe onlosmakelijk de band tussen zending en wederkomst ook is, onproblematisch is ze niet.

In dit artikel wil ik kort in gaan op de vragen rond zending als teken van de eindtijd. Hoe moet dit teken worden gelezen en uitgelegd, niet alleen maar in verband met het einde van een eeuw, maar vooral ook met het einde van de geschiedenis, dat ons zoveel eeuwen geleden nu alweer in het vooruitzicht werd gesteld door haar Heer Jezus Christus?
Gaat de zending nog een derde millennium tegemoet of mogen we toch een sp6ediger wederkomst van Christus verwachten?
Wat wij zullen bieden, is niet meer dan een aantal kanttekeningen bij ons thema, die hopelijk onze bezinning kunnen stimuleren.
En we doen het onder de noemer van 'de ene naam' waarin ons aller behoud gelegen is, naar Petrus' woord in Hand. 4.
Zonder de naam van Jezus Christus is er zending noch wederkomst.
In een tweede artikel wijzen we nog op een paar konsekwenties, die o.i. getrokken moeten worden uit de verbondenheid van zending en wederkomst door de ene naam, ook voor de 21ste eeuw.

Zending: een teken van hoop
De nauwe verbinding tussen zending en wederkomst leggen we naar aanleiding van Jezus' rede over de laatste dingen, Mat. 24 en Mark. 13.
Eerst moet het evangelie van het Koninkrijk wereldwijd verkondigd worden. Daarna zal het einde aanbreken.
Dat lijkt op een temporeelcausaai verband. Toch moeten we wat voorzichtig met die termen 'eerst' en 'daarna' omgaan. Al was het alleen al omdat in de apokalyptische taal, die Jezus hier gebruikt, tijdsaanduidingen niet altijd zo maar zonder meer in een westerse reportage-stijl mogen worden omgeduld.
Maar vooral van belang is te bedenken dat Jezus in zijn rede geen een zich alsmaar uitstrekkende geschiedenis op het oog heeft gehad. Het gaat in zijn rede om bemoediging van zijn leerlingen en zo ook van de kerk in de tijd die zou aanbreken na zijn terugkeer naar de hemel. Een tijd van lijden, druk en vervolging zou aanbreken. In die komende tijden van aanvechting en verdrukking moesten zijn leerlingen staande blijven en zich vast klemmen aan hem die de geschiedenis in zijn hand houdt. Het eerst van de wereldwijde verkondiging van het Evangelie staat in dit kader; het is bedoeld als aanmoediging, het is een teken van hoop in een tijd van nood en ellende.
Zending kwalificeert de tussentijd tussen hemelvaart en wederkomst als tijd van Gods geduld en genade, omdat hij nog zijn toorn uitstelt in zijn liefde voor een gevallen wereld.
We moeten daarom ook niet proberen dat 'eerst en daarna' uit Mat. 24 uit te zetten op een menselijke tijdsschaai, zodat alsnog de tijden en gelegenheden inziChtelijk zouden worden. Zending betekent dat het einde komt, wanneer dan ook en hoe dan ook, op de door God bepaalde tijd. Maar nog niet, want zijn geduld is nog niet ten einde, hij houdt zich nog in ons ten goede, Jes. 48.

Een laatste kanttekening plaatsen we bij de voltooidheid van de zending.
Wanneer is de zendingstaak der kerk voltooid?
Aan het begin van deze eeuw was men nog optimistisch over de mogelijkheden van de westerse kerk om heel de-wereld binnen deze eeuw met het evangelie te bereiken. Men verwachtte grote dingen van God, al kwam er ongetwijfeld ook wat westers cultuur-optimisme bij kijken.
Aan het einde van de 20ste eeuw terug blikkend zien we dat dat optimisme in grote delen der kerk verdwenen is. Twee wereldoorlogen hebben aan westerse overmoed wel een einde gemaakt. De kerk is in de krisis, en met haar is de zending tot een probleem geworden. Zending kan voor velen alleen nog als een soort christelijk veredeld ontwikkelingswerk.
In andere delen der kerk gloeit het enthousiasme van het begin nog na. Westers optimisme is nog niet helemaal dood, zeker niet in bepaalde amerikaans beïnvloede kringen, waar men meent met wat méér inzet van mankracht en geld, en niet te vergeten gebed, het toch nog te kunnen klaren: de volkeren tot leerlingen' gemaakt, gedoopt en al, onderhoudend al wat Jezus bevolen heeft.

De vraag is echter: hoe berekenen we de voltooidheid van de zendingstaak?
Is de taak der kerk voltooid, zodra er in een bepaald gebied, onder een bepaald volk, een zelfstandige kerk ontstaan is? En wat is dan een 'zelfstandige' kerk - ook een financieel zelfstandige kerk bij voorbeeld? Zelf menen we dat in zo'n situatie een eerste fase van de zendingstaak voltooid is. De westerse zendingswerkers treden meer en meer, zo niet geheel terug. De ontstane kerk zelf gaat verder - met de zendingstaak.

Principieel komt die taak nooit ten einde. Op het moment dat Christus wederkomt zal ze voltooid zijn - niet naar 6nze begrippen, maar naar Gods oordeel. Voor ons gevoel komt er nooit een einde aan het werk.
'Bereikte' velden als Noord-Afrika en Europa worden weer opnieuw 'onbereikte' velden. Niet alleen de armen, maar ook de 'heidenen' hebben we altijd bij ons. Principieel is zending een onvoltooide taak, die door God zelf, op zijn tijd, naar zijn oordeel, voltooid zal worden verklaard. En dan zal de Heer terug komen.

Wanneer komt hij terug, en· breekt het einde aan?
Niemand dan God die het weet. Het kan dus nog best: nog een derde millennium aan zending. Hij komt onverwachts, zij het niet onverwacht, en dat houdt de spanning erin. Dat houdt ons in de zending gaande.
En zo gaat de zending verder, een teken van hoop in een wereld vol nood. Niet de druk van de eindtijd dringt ons alle krachten in te zetten, maar de liefde van een God, die niet wil dat iemand verloren gaat en daarom zijn toorn uitstelt.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief