Zending
1990-04-13
Hoe zullen we maaien zonder te zaaien?- Jaargang 34
- nummer 8
een aanmoediging voor zendingswerk onder moslims.
"Mijn kennis neemt dagelijks toe.
Dagelijks zoek ik degene, die de schuld van mijn zonden kan wegnemen.
Ja, ik zoek naar de plaatsvervanger, die mijn zonde en veroordeling wegdraagt, zodat ik aanvaard kan worden door de Heilige God.
Door de bijbelcursussen weet ik dat allen gezondigd hebben en dat er 'heilig bloed' is dat mijn zonden kan wegnemen.
De eerste zes lessen spraken over de verschillende profeten, maar niemand van hen kan het reddingsplan volbrengen.
U heeft al gesproken over de Profeet, die stierf voor onze zonden; Zijn handen en voeten werden doorboord en alleen Hij kan ons redden van de grootste zonden. Ik wil graag meer over die Profeet weten."
Tot zover een citaat uit een brief van Samia, een islamitisch meisje uit Noord-Afrika. Zij is een van de 900 moslims die maandelijks deelnemen aan een van de schriftelijke bijbelcursussen, die speciaal gemaakt zijn om moslims kennis te laten maken zowel met het geschreven Woord van God als het vleesgeworden Woord van God.
Sinds het zendingsgenootschap Arabische Wereld Zending in 1964 met deze bijbelcursussen begon, hebben al meer dan 250.000 moslims daardoor de Bijbel bestudeerd.
De meesten van hen zijn afkomstig uit landen waar de islam staatsgodsdienst is en waar het aantal christenen minimaal is.
Zo bevinden er zich in Tunesië onder de 7 miljoen inwoners, slechts 50 Tunesische christenen, en dat terwijl rond het jaar 300 zo'n 90% van dit land christen was.
De Islam ontstond rond het jaar 600 na Christus, toen een Arabische man, Mohammed, meende dat God hem riep om Zijn boodschap, zoals die al eerder door Mozes en Jezus was verkondigd, aan Arabieren over te brengen. Deze boodschappen vonden op den duur steeds meer gehoor en de islam (= Arabisch voor 'onderwerping') kreeg steeds meer aanhangers, niet alleen in Arabië, maar ook ver daarbuiten, ook in landen waar vroeger een sterke christelijke kerk aanwezig was. Deze kerk was verzwakt door onenigheid en dwaalleer en veel christenen beschouwden de moslims, die hun land binnendrongen als bevrijders van het juk van het 'christelijke' Byzantijnse Rijk.
Voor vele christenèn in die landen was het christen-zijn vooral een zaak van het hoofd en niet van het hart, en na verloop van tijd gingen velen van hen om allerlei redenen over tot de islam.
En vandaag de dag zijn de landen, waar Paulus het evangelie predikte en waar Augustinus zijn werk uitoefende, islamitische landen, waar het niet is toegestaan om zendingswerk te verrichten.
Toch moet de Here Jezus ook deze landen bedoeld hebben toen Hij tegen Zijn discipelen zei: "Gaat henen in de gehele wereld en maakt alle volken tot Mijn discipelen ...'"
(Matth. 28:20).
Uit de zendingsgeschiedenis van de kerk blijkt dat deze opdracht naar moslims toe nauwelijks werd uitgevoerd.
In de Middeleeuwen probeerden de christenen door de kruistochten de moslims door het zwaard te bestrijden, maar dat was niet het Zwaard des Geestes, het Woord van God.
Zelfs tot de dag van vandaag toe zijn christenen weinig aktief in de evangelieverkondiging aan moslims, hoewel we nu zelfs niet meer naar het buitenland behoeven te gaan om met moslims in aanraking te komen, immers in Nederland vormt de islam de vierde 'kerk', en in nagenoeg alle grotere steden van ons land komen we moslims tegen.
Het is echter zo dat het aantal Nederlanders dat moslim wordt tien maal groter is dan het aantal moslims dat christen wordt.
Hebben wij de moslims dan niets aan te bieden? Is Gods evangelie dan niet voor hen bestemd?
Hoe komt het dat we nog zo weinig vrucht zien in de evangelieprediking aan moslims? Is dat niet omdat er nog veel te weinig gezaaid is?
De Arabische Wereld Zending, een interkerkelijke en internationaal zendingsgenootschap zaait al vanaf 1881 het Woord Gods in Arabische islamitische landen van Noord-Afrika en het Midden-Oosten.
Keer op keer merken we dat er bij moslims een honger is om meer te weten over Jezus Christus, de Heiland der wereld.
Op onze radio-uitzendingen ontvangen we maandelijks honderden brieven van luisteraars, die vele vragen hebben.
Zoals gezegd volgen maandelijks 900 mensen een schriftelijke bijbelcursus.
Jaarlijks komen tientallen moslims tot geloof in de Here Jezus, en er ontstaan kleine gemeenten in diverse steden in Noord-Afrika.
De prijs om Christus te volgen in een islamitisch land is hoog, regelmatig berichtten onze medewerkers, die daar wonen en werken, ons van vervolging die plaatsvindt: christenen worden gevangen gezet, sommigen worden onterfd en uit de familie gestoten, anderen worden gedwongen te trouwen met een moslim, buren en familieleden brengen vernielingen aan aan huizen; iemand die op zijn werk van zijn christelijke geloof getuigde werd ontslagen; sommige gelovigen ontvangen anonieme dreigbrieven, kortom de woorden van Jezus "in de wereld lijdt gij verdrukking" zijn zeker van toepassing op onze broeders en zusters in die landen. In tegenstelling tot communistische landen komt vervolging in islamitische landen niet van bovenaf (van de regering) maar van onderaf (van familie, buren en omgeving).
Daar komt bij dat heel veel van deze christenen nauwelijks of geen kontakt met geloofsgenoten hebben. Zo ontmoette een van onze medewerkers in Algerije vorige maand een man, die 5 jaar geleden, door het volgen van een bijbelcursus, tot geloof in de Here Jezus kwam.
Vijf jaar lang heeft hij geen kontakt gehad met andere christenen, maar de Here hield hem vast en daardoor heeft hij ook de Here vast kunnen houden. Wat een voorrecht om zo'n broeder dan in kontakt te kunnen brengen met geloofsgenoten.
Ook voor zendingswerkers is het kontakt met geloofsgenoten sporadisch, een echtpaar van de AWZ werkt b.V. in een stad in Noord-Afrika met 500.000 inwoners, waar behalve hun geen andere christenen wonen.
Hoe graag zouden we zien dat andere zendingswerkers hen zouden kunnen gaan helpen en bemoedigen.
Maar er zijn te weinig arbeiders, die het Woord Gods kunnen zaaien, die zoekende moslims de weg tot Jezus kunnen wijzen, die alleenstaande gelovigen kunnen bemoedigen, die onderwijs kunnen geven aan pasbekeerden, en hen te helpen van hun geloof te getuigen onder hun landgenoten.
Het verlangen daartoe is bij veel bekeerde moslims aanwezig, zoals blijkt uit het citaat van een brief van Mohammed, waarmee ik dit artikel wil beëindigen:
.....Er is een probleem waar ik mee zit. Bijna alle inwoners van mijn land zijn islamitisch. Ik zou graag een groep christenen samenstellen om het Woord van God in ons land te verspreiden.
In mijn land regeert de god dezer eeuw. Vele mensen dwalen rond in de islam, zonder hoop. Nooit heb ik in de Koran een vers gezien zoals: ..Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven"."
* Om veiligheidsredenen zijn namen van landen, personen of plaatsen veranderd of geheim gehouden.
| De Arabische Wereld Zending is een interkerkelijk en internationaal zendingsgenootschap wat ten doel heeft het evangelie van onze Here Jezus te verkondigen aan re ruim 200 miljoen Arabische moslims in Noord-Afrika, het Midden- Oosten en Europa. De 300 medewerkers zijn werkzaam in 8 verschillende landen. AWZNederland verzorgt zendingsbijeenkomsten en geeft nieuwsbrieven uit en is betrokken bij evangelisatie onder moslims in Nederland. H.A. de Ruiter is direkteur van AWZNederland. Voor meer informatie: AWZ, Postbus 196, 8300 AD Emmeloord. Tel. 05278-1250 |