Persschouw
1990-06-08
Verbrijzeling- Jaargang 34
- nummer 12
Dit thema stelt Drs. R. ter Beek aan de orde in een artikel in 'De Reformatie' - weekblad tot ontwikkeling van het gereformeerde leven.
In de marge belicht hij de keus van het onderwerp als volgt: De waarde van de opstanding van Jezus Christus is dat ook wij met de kracht waarmee Hij de dood overwon, nu al worden opgewekt tot een nieuw leven. Dat is de belijdenis van Zondag 17 Heidelbergse Catechismus.
Het is de vreugde van het Paasfeest, met uitzicht op onze opstanding in heerlijkheid. Ondertussen komen we in persoonlijk en kerkelijk leven het oude leven nog volop tegen. De macht van de zonde.
De strijd tegen het kwaad. De verwoesting die de overtreding aanricht in ons leven. In de verhoudingen binnen een gemeente. De schade die de zonde in de kerk aanbrengt aan de naam van Christus. Welke rol speelt deze werkelijkheid voor de gelovige?
Verder schrijft hij o.a. in het artikel zèlf:
Nu vermaant de Here Jezus zelf ons hier waakzaam te zijn. In de bergrede waarschuwt hij tegen huichelaars die veel werk van hun verootmoediging maken. Als ze vasten maken ze zich ontoonbaar om zich aan de wereld te vertonen. Maar wie berouw toont om reclame te maken voor zichzelf, heeft geen loon bij de Vader in de hemel. Het verbrijzeld hart roept tot God. Als we in het vervolg opmerkingen maken over zondebesef, dan mag dat wel bedacht worden. Kerken die graag laten weten hoe geweldig diep de mensen zich daar voor God vernederen, vergeten dat Jezus gezegd heeft: maar gij, zalf uw hoofd, als gij vast, en was uw gelaat, om u niet bij vasten aan de mensen te vertonen, maar aan uw Vader, die in het verborgene is (Matt. 6: 16-19).
Schuldbelijdenis Laat ik u een aantal situaties voorleggen.
Deze hebben zich niet zo voorgedaan als ik beschrijf. Ik ben niet bij alle betrokken geweest. Ik leen ook van anderen. Toch hebben ze wel werkelijkheidswaarde.
Op een bijeenkomst van studenten, de meesten belijdend lid, ging het over liturgie, de verschillende orden voor de zondagse eredienst. Toen het eerste gebed in de morgendienst ter sprake kwam, bleek het niemand opgevallen in al die jaren kerkgang, dat de schuldbelijdenis een vast en dominerend onderdeel is van dit gebed.
Op huisbezoek komt er kritiek op de voorganger. Een oudere broeder vindt, dat de dominee zo overdreven schuldbe.lijdenis doet in het gebed na de wet. Alsof we geen verloste mensen zijn, levend in de bedeling van de Geest. We doen toch ook heel veel goed?
Een ander huisbezoek, nu bij een paar jonge broeders. Het bidden komt ter sprake. De vraag gaat over tafel, of de schuldbelijdenis een punt op hun gebedsagenda vormt. Er komt een eerlijk antwoord: vaak kan ik 's avonds niets bedenken dat ik die dag verkeerd heb gedaan.
Een keer wordt in een gesprek aan een kandidaat-predikant gevraagd: bid je wel eens om vergeving voor je 'erfzonde'? Immers, zegt artikel 15 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis, deze giftige bron van verdorvenheid is niet geheel vernietigd of uitgeroeid bij de gelovigen, en gruwelijk genoeg om het menselijk geslacht te veroordelen. 'Zij wordt evenwel de kinderen van God niet toegerekend om hen te veroordelen, maar door zijn genade en barmhartigheid vergeven, niet om de gelovigen zorgeloos in de zonde te laten voortleven, maar om hen door het besef van deze verdorvenheid dikwijls te doen zuchten van verlangen, uit het lichaam, dat in de macht van de dood is, verlost te worden (Rom. 7: 24).' De kandidaat was volledig overrompeld.
Wie deze situaties op zich laat inwerken komt tot de vraag, of de schuldbelijdenis er wel echt bij hoort. Verkeert de schuldbettidenls op de kansel, in de eredienst, en in de binnenkamer in de crisis? Het is de moeite waard erop te letten.
Het echte evangelie
Maar is God dan niet barmhartig?
Jazeker is Hij barmhartig. Maar Hij is ook rechtvaardig. Gods recht en Gods barmhartigheid strijden nooit tegen elkaar. Ze trekken samen op.
Dat is werkelijk evangelie, goed nieuws. Het is geen evangelie dat wij best wel meevallen. Met zulk bedrog is niemand geholpen. Het is evenmin evangelie, dat God best wel meevalt. Dat is ook bedrog.
Dat maakt het evangelie niet tot een zwartgallige, pessimistische en mensvijandige boodschap. Evangelie is niet goedkoop. Gods barmhartigheid is geen uitvlucht voor zijn rechtvaardigheid. Het hoort bij het evangelie van God, dat er een hel is, een eeuwige straf. Zonde kwetst Gods majesteit zodanig dat Hij er steeds weer tegen in het geweer komt. Daarom mogen we onze zonde niet vergeten, ook al weten we er geen een bij name te noemen aan de avond van een lange dag.
Want ook mijn onbewuste kwaad beledigt de allerhoogste majesteit, en verdient daarom de allerzwaarste straf.
We kunnen nergens heen. Alleen naar Christus. Bij Hem komt onze onrust tot rust. Ook de onrust van het christelijk geweten dat Gods rechtvaardigheid heeft leren respecteren.
Zoeken we iemand die barmhartiger is dan God? Zoeken we iemand die zachtmoediger en vriendelijker is dan de Christus? Waarom dan terughoudend met de schuldbeiijdenis?
Want juist omdat God klaar staat met vergeving, moet onze zonde ter sprake komen in het gebed.
Wij stemmen van harte in met wat Drs. Ter Beek te berde brengt en bevelen zijn woorden graag ter overweging aan!
Enschede, O. Mooiweer